Seizoen voorbij? Niet voor de Kleine Karekiet
Juli voelt misschien als hoogzomer en dus het eind van het broedseizoen, maar voor de Kleine Karekiet is het broedseizoen vaak nog niet voorbij. Sterker nog: in veel rietmoerassen worden begin juli nog nieuwe nesten gestart. Dat kan gaan om late eerste broedsels, maar ook om een tweede broedsel nadat een eerste legsel succesvol is uitgevlogen. De eileg loopt soms zelfs door tot half augustus.
Dat eileg soms zelfs doorloopt tot half augustus maakt de Kleine Karekiet extra gevoelig voor beheer in de nazomer. Late broedsels kunnen namelijk nog volop actief zijn wanneer riet wordt gemaaid. Een maaibeurt in juli of augustus kan dan direct leiden tot nestverlies. Voor rietvogels als Kleine Karekiet is het daarom belangrijk dat maaibeheer goed wordt afgestemd op het broedseizoen.
Hoe weten we eigenlijk hoe succesvol Kleine Karekieten broeden? Een belangrijk deel van die kennis komt uit het CES-project (Constant Effort Sites), een landelijk ringprogramma van Sovon Vogelonderzoek Nederland en het Vogeltrekstation. Op ongeveer vijftig vaste locaties worden vogels tussen half april en begin augustus op gestandaardiseerde wijze gevangen en geringd. Daarmee kunnen onderzoekers jaarlijks veranderingen in overleving én reproductie volgen.
De CES-gegevens laten zien dat de reproductie van Kleine Karekieten sterk kan verschillen tussen jaren. In 2024 en 2025 lag die bovengemiddeld hoog, terwijl 2023 juist een mager jaar was. Factoren die kunnen meespelen bij de mate van reproductie zijn onder andere neerslag, wind en voedselaanbod.
Dus hoor je in juli nog een raspende zang uit het riet? Grote kans dat daar nog volop gewerkt wordt aan een nieuw broedsel. Voor de Kleine Karekiet is de zomer dan nog lang niet voorbij.