Krakers in aantocht

Dit najaar is een opvallende trekbeweging van Notenkrakers op gang gekomen. Op verschillende plekken in ons land zijn de afgelopen tijd al exemplaren gezien. Dat is bijzonder, want deze kraaiachtigen broeden én overwinteren normaal gesproken buiten Nederland. Waarschijnlijk volgen er de komende weken nog meer.

Notenkraker
Notenkraker (foto: Thijs Glastra)

De Notenkrakers die nu in Nederland te zien zijn, maken deel uit van een grote trekbeweging vanuit het noorden en oosten van Europa. Op sommige plekken in Polen zijn eind september in een week tijd ruim 1500 overvliegende Notenkrakers geteld. Dat is opmerkelijk veel; doorgaans zien waarnemers daar maar enkele exemplaren per jaar. Waarom trekken ze zo massaal?

Weinig voedsel

Notenkrakers verlaten hun leefgebied wanneer er te weinig voedsel is en leggen dan honderden kilometers af. De soort leeft vooral van de zaden van de den. Zo’n massale uittocht volgt meestal op een aantal jaren waarin die bomen veel zaden produceren, waardoor de populatie groeit. Volgt daarop een jaar met weinig zaden, dan is er niet genoeg voedsel voor al die vogels en moeten grote aantallen vogels uitwijken naar gebieden waar wel voldoende te eten is. 

Invasie of influx?

Een trekbeweging als deze wordt een invasie genoemd, al worden de begrippen invasie en influx soms door elkaar gebruikt. Bij een invasie verlaten uitzonderlijk veel vogels hun normale verspreidingsgebied en duiken ze elders op. Dit is meestal als gevolg van voedseltekorten, zoals nu bij de Notenkraker het geval lijkt. Dat betekent overigens niet dat je op iedere straathoek een Notenkraker kunt verwachten. Een influx lijkt op een invasie, maar is doorgaans kleinschaliger en wordt vooral veroorzaakt door specifieke weersomstandigheden die vogels tijdelijk naar andere gebieden sturen. Maar over hoeveel vogels hebben we het?

Hoeveel Notenkrakers in Nederland zitten is lastig in te schatten. Op Waarneming.nl zijn tot 12 oktober melding gemaakt van zo’n 40 tot 50 overtuigende waarnemingen. Uiteindelijk beoordeelt de Commissie Dwaalgasten Nederlandse Avifauna (CDNA) de meldingen en bepaalt of ze voldoende gedocumenteerd of beschreven zijn om toe te voegen aan de overzicht van zeldzame soorten in Nederland.

Eerdere invasies

Het is niet de eerste keer dat Notenkrakers massaal in beweging komen. De grootste invasie vond plaats in het najaar van 1968, toen naar schatting tussen de 5.000 en 10.000 vogels ons land bereikten. Onder andere ook in 1954, 1977, 1991 en 2008 werden invasies vastgesteld, al waren die beduidend kleiner. Nederlandse vogelaars moesten het toen meestal doen met ‘slechts’ enkele tientallen exemplaren, verspreid over het land. 

De historische aantallen laten zien hoe uitzonderlijk een echte notenkrakerinvasie kan zijn. In 1968 verschenen de vogels al opvallend vroeg, met de piek eind augustus en in september. Andere invasies kwamen meestal pas in de herfst op gang en bereikten rond oktober hun hoogtepunt. Wat helemaal opvalt: in het voorjaar na de grote invasie van 1968 zijn meerdere broedpogingen en zelfs enkele broedgevallen in Nederland vastgesteld.

Dunsnavel of Diksnavel?

Niet alle Notenkrakers in Europa komen uit hetzelfde gebied. De vogels die nu richting Nederland trekken behoren tot de ondersoort Dunsnavelnotenkrakers, afkomstig uit Siberië. De andere ondersoort, de Diksnavelnotenkraker, komt vooral voor in Centraal-Europa en is daar standvogel. Wanneer Dunsnavelnotenkrakers zich massaal verplaatsen, kruisen de wegen van beide ondersoorten elkaar. Op uiterlijk zijn ze lastig van elkaar te onderscheiden. Zoals de naam doet vermoeden, zitten er wel subtiele verschillen in de snavelvorm en in de hoeveelheid wit op de staarttoppen.

Waar kun je ‘m vinden?

Wil je zelf een Notenkraker ontdekken? Zoek dan niet alleen hun geliefde naaldbossen af. Notenkrakers zijn na hun vertrek uit de oorspronkelijke leefgebieden namelijk minder kieskeurig en duiken tijdens een invasie vrijwel overal op; van gevarieerde bosgebieden tot in parken en tuinen. Ze zijn bovendien niet schuw, omdat ze in hun Siberische leefgebied weinig mensen tegenkomen. En heb jij een hazelaar in je tuin staan? Dat maakt het extra interessant: Notenkrakers eten ’s winters graag hazelnoten. 

Visitekaart

Hugo Wieleman

Medewerker communicatie en vrijwilligers
Hugo Wieleman