Lezingen Landelijke Dag 2026

Op de Landelijke Dag kun je een veelzijdig programma verwachten met lezingen van vogelonderzoekers, vrijwilligers en andere gepassioneerde vogelliefhebbers en -kenners. Met bijdragen vanuit Sovon, Vogelbescherming Nederland, de Nederlandse Ornithologische Unie, Natuurmonumenten en LandschappenNL. De eerste titels zijn inmiddels bekend. De komende tijd vullen we deze lijst regelmatig aan.

Op naar een nieuwe Vogelatlas 

Albert de Jong & Harvey van Diek (Sovon)

De vogelbevolking in Nederland is voortdurend in beweging. Vogels reageren snel op veranderingen in hun omgeving. Sommige soorten profiteren van het opwarmende klimaat, van natuurontwikkeling en een betere waterkwaliteit. Andere hebben het juist zwaar doordat hun leefgebied verslechtert. Voor de nieuwe Vogelatlas brengen we deze veranderingen met veldwerk in 2026-2030 opnieuw in kaart. In deze lezing vertellen coördinatoren Albert de Jong en Harvey van Diek waarom een nieuwe atlas belangrijk is en hoe je mee kunt doen. Ze leggen eenvoudig uit welke stappen je zet om vanaf 1 december 2026 het veld in te gaan. Neem alvast een kijkje op vogelatlas.nl. En filosofeer in de zaal mee over soorten die opzienbarend en/of nieuw zullen zijn in de nieuwe atlas.

Dikke veldmuisjaren trekken grote aantallen velduilparen

Romke Kleefstra (Sovon)

Terugkerende veldmuisuitbraken, zoals die in 2014, 2019, 2023 en 2026, zorgden voor tientallen broedgevallen van Velduilen in agrarisch gebied. In de tussenliggende jaren ontbreken die Velduilen nagenoeg. In 2026 wemelde het van de Veldmuizen in veen- en kleigebieden door het hele land, wat zorgde voor de vestiging van meer broedende Velduilen dan in de voorgaande veldmuisjaren, met een zwaartepunt in Friesland. Wat dergelijke veldmuisjaren teweegbrengen en wat dat aan Velduilen oplevert, doet velduilenonderzoeker Romke Kleefstra (Sovon) uit de doeken.

Pionierend naar een methodiek Broedsucces Kievit 

Aad van Paassen (Actiegroep Kievit)

Het agrarisch natuurbeheer is sterk gericht op de Grutto. Om inzicht te krijgen in de effectiviteit worden jaarlijks op circa 100.000 ha tellingen gedaan naar het broedsucces van circa 10.000 broedparen Grutto. Maar veel Nederlanders hebben meer met de Kievit. Het eerste kievitsei is elk jaar het startsein van het nieuwe weidevogelbeschermingsseizoen voor vrijwilligers en boeren. Veel Kieviten broeden buiten gebieden met Anlb-beheerpakketten. En opvallend: we weten gewoon niet hoe het broedsucces is van de Kievit. We weten wel dat ook de Kievit sterk achteruit gaat. Daarom hebben we in 2025 de Actiegroep Kievit opgericht en zijn we gewoon begonnen met monitoren en ervaringen uitwisselen. Ondanks dat we weten dat dat lastiger is dan bij de Grutto vanwege een langer broedseizoen met meerdere broedpogingen. Pionieren dus en gemotiveerd door passie en uitgevoerd met kennis van zaken en zorgvuldig registreren. Al doende leren we en met deze presentatie brengen we u graag op de hoogte van onze bevindingen. 

Papegaaitje leef je nog?! 

Caroline Walta

Op de vogellijst van het Koninkrijk der Nederlanden staat een endemische en bedreigde papegaaiensoort: de Geelvleugelamazone (Amazona barbadensis).Caroline Walta neemt je mee naar Bonaire, waar ze zich vier maanden inzette bij het beschermingsproject voor deze bijzondere soort. Ver van de toeristische trekpleisters woonde ze letterlijk tussen de vogels, die liefkozend 'lora' worden genoemd. Al gauw ontdekt Caroline dat niet iedereen gecharmeerd is van de amazonepapegaaien. En dat werken en leven in Caribisch Nederland zo zijn uitdagingen kent. Helaas is er nog steeds een hartverscheurende handel in papegaaien: 80% wordt met uitsterven bedreigd. Toch geven beschermingsprojecten zoals dat op Bonaire hoop voor de toekomst. Caroline Walta (1971) werkt als dierverzorger bij de World of Birds Foundation in Drenthe met ruim 1.800 exotische vogels. Doel van het centrum is het beschermen en behouden van bedreigde soorten, het doen van onderzoek en het delen van kennis wereldwijd.

Kraanvogels voorspellen met de kraanvogelradar

Koen de Koning (Wageningen University & Research)

Met een enorme spanwijdte en een sierlijk postuur is de Kraanvogel misschien wel een van de meest iconische trekvogels van Europa. Als ze onder luid trompetterend geroep in grote getale overvliegen zijn ze haast niet te missen. Toch is het niet eenvoudig om op het juiste moment op de juiste plek te zijn, ondervond ook Dr. Koen de Koning, wetenschapper bij Wageningen Universiteit en uitvinder van de kraanvogelradar. De kraanvogelradar moet vogelaars helpen om het spotten makkelijker te maken. Maar er is meer. Deze webapp is inmiddels uitgegroeid tot een veelbezocht platform dat mensen in verbinding brengt met de vogeltrek, en met Kraanvogels in het bijzonder. Dr. de Koning neemt je mee naar zijn passie voor deze bijzondere vogels, en de wetenschap achter de kraanvogelradar. Zijn lezing gaat uiteraard over Kraanvogels, maar ook over verbinding, en samenspel tussen wetenschappers en duizenden enthousiaste vogelliefhebbers. 'Samen maken wij de kraanvogelradar!

Externe video URL

Zeearenden in Nederland: groeien tegen de grenzen aan

Stef van Rijn (Werkgroep Zeearend Nederland)

Het is één van de grootste succesverhalen van de Nederlandse natuur: de terugkeer van de zeearend. Na een voorzichtige aanloop in de eerste tien jaren sinds vestiging in 2006 neemt het aantal broedparen van zeearenden spectaculair toe. Maar hoe lang houdt die groei stand nu het land voller raakt? Jonge arenden staan in de rij voor een eigen leefgebied en de concurrentie is moordend. Tegelijkertijd laat gps-onderzoek een schaduwzijde zien; de mens vormt nog altijd een groot risico voor onze ‘vliegende deuren’. Hoe navigeren zeearenden door ons drukke cultuurlandschap en wat hebben ze nodig? En hoe kunnen wij hen helpen te overleven? Reis mee in het spoor van de zeearend en ontdek de patronen, de gevaren én de mogelijkheden voor relevante oplossingen van bescherming in de toekomst.

Bewegingspatronen van loslopende katten in weidevogelgebieden

Esther Swankhuisen, promovenda Rijksuniversiteit Groningen

Loslopende huiskatten behoren tot de wijdstverspreide roofdieren ter wereld. Ze bedreigen vele dieren, voornamelijk soorten die al onder druk staan. Zo ook mogelijk weidevogels. Hun bewegingspatronen en aantallen in weidevogelgebieden waren echter nooit goed onderzocht. In twee beschermde weidevogelgebieden (Soarremoarre en Reitdiep-Midden) volgden we 39 katten met GPS-loggers en brachten we met 60 cameravallen hun aanwezigheid in kaart. Niet gecastreerde katers legden de grootste afstanden af en hadden de grootste leefgebieden; samen met niet gesteriliseerde poezen keerden ze vaker terug naar huis of een rustplek dan gesteriliseerde katten. Leefgebieden varieerden van minder dan een hectare tot meer dan 500 ha (mediaan 7,38 ha). De kattendichtheid bedroeg 2,0 katten/km² in Soarremoarre en 5,0 katten/km² in Reitdiep-Midden. Katten waren 's nachts actief, in Reitdiep-Midden ook overdag. Weidevogels worden dus intensief aan katten blootgesteld, wat via predatie en verstoring populaties zou kunnen schaden. Verantwoord kattenbezit, sterilisatie, het (tijdelijk) binnenhouden en minder katten zijn nodig.

5 jaar Vogelspotcast, van een grote bonte specht in het Vondelpark tot ivoormeeuwen op Spitsbergen

Arjan Dwarshuis en Gisbert van Baalen

Wat ooit begon als een geinig ommetje in het Vondelpark, groeide uit tot de populairste natuurpodcast van Nederland, met een levendige community van bijna 1000 mensen. We nemen jullie mee op een trip down memory lane; de hoogte- en dieptepunten van 5 jaar podcast maken. Wat is onze sleutel tot succes? Hoe zorg je dat je actueel blijft en hoe kan je je medium gebruiken om natuurbeschermingsproblematiek op de agenda te krijgen?

Vogelspotcast

De Vlaamse Gaai, bewonderd en verguisd

Piet J. van den Hout

Vlaamse Gaaien worden bewonderd om hun bonte en blauwe veren en verguisd om hun roofzuchtige gedrag. Maar zijn ze echt wel zo roofzuchtig? Hoe goed kennen mensen de Vlaamse Gaai? Ik wil Vlaamse Gaaien dichterbij brengen. Ik volg ze in hun dagelijkse leven: als verliefde pubers, zorgzame ouders, ruziemakers, dromerige kletsers, vrolijke badgasten, hamsteraars, nestrovers, reizigers, of als stille, eenzelvige vogels. Maar ik wil ook weten hoe slim ze zijn. Weten ze eigenlijk wel wat ze aan het doen zijn of proberen ze maar wat? Hoe vinden ze bijvoorbeeld hun verstopte eikels terug? Door niet alleen ideeën en gevoelens te volgen, maar vooral goed naar Vlaamse Gaaien te blijven kijken leren we ze echt kennen en zijn we in staat om feiten van fabels te onderscheiden.

Bloedzuigende beestjes bij Nederlandse Vogels 

Daan Drukker (Entomoloog bij EIS Kenniscentrum Insecten)

De meeste mensen krijgen bij het idee van bloedzuigende beestjes spontaan de kriebels, maar ze kunnen ook waanzinnig interessant zijn. In deze lezing neem ik je mee door de intieme en vaak soortspecifieke relaties tussen vogels en luizen, vlooien, luisvliegen en nog veel meer. Zo heeft de huiszwaluw drie specialistische vlooien, een eigen luisvlieg en zelfs een eigen bedwants! En dat terwijl de kippenvlo op bijna elke vogel met een bovengronds nest kan zitten. De herkenning van deze insecten was vaak voorbehouden aan specialisten met microscopen, maar samen met ringers, vrijwilligers van vogelopvangcentra en gewoon geïnteresseerde vogelaars zijn we begonnen om de herkenning van deze soorten voor iedereen een stuk makkelijker te maken.

Externe video URL

Vergelijkende broedecologie Roodborsttapuit en Veldleeuwerik op heidevelden

Herman van Oosten (Bioloog bij Oenanthe Ecologie)

Om te begrijpen waarom vogels toe- of afnemen is het van belang idee te hebben van de ecologie van de betreffende soorten. Voor zangvogels is kennis van de broedecologie van wezenlijk belang, omdat deze vogels relatief kort leven en misschien maar een broedseizoen de kans hebben om jongen te doen uitvliegen. Wat voor voer krijgen de jongen in het nest, waar wordt dat voer verzameld, hoeveel jongen vliegen uit en hoe verschillen deze facetten tussen soorten binnen hetzelfde landschap? Je kunt ervoor kiezen een afnemende soort naast een toenemende soort te bestuderen of soorten met verschillende lichaamsgewichten, omdat zwaardere soorten meer voedsel nodig hebben. Door deze studies kunnen we gaan begrijpen waarom de ene soort het beter doet dan de andere, ondanks overeenkomstige ecologie. Hier doe ik verslag van een dergelijke speurtocht, namelijk die naar de broedecologie van relatief zware Veldleeuweriken en lichte Roodborsttapuiten op heidevelden. Inclusief doorkijkje naar heidetapuiten!

Complexe relaties: vogels en vis(serij) 

Roef Mulder (Marien ecoloog Vogelbescherming Nederland)

Wat hebben kustvogels nodig om voldoende voedsel te vinden, en wat betekent dat voor hoe wij onze wateren beheren en bevissen? Vogelbescherming werkt aan herstel en verbetering van vogelpopulaties en hun leefgebieden. De beschikbaarheid van voldoende voedsel is essentieel voor gezonde vogelpopulaties. De Nederlandse kust en grote wateren bieden voedsel in de vorm van vis, schelpdieren, garnalen etc. Belangrijke voedselbronnen voor vogels, maar ook vaak soorten die commercieel bevist worden. 

In deze presentatie vertel ik graag meer over de ecologie van deze dieren én de vogels die ervan leven, en hoe we die in de praktijk kunnen beschermen. Van fysieke maatregelen zoals herstel van zoet-zout gradiënten tot verduurzaming van visserij-technieken en voedselreserveringen. Onder andere de halfgeknotte strandschelp, mosselbanken en de spiering illustreren de zoektocht naar een betere balans tussen natuur en visserij.

Wat maakt een visdiefbroedvlot succesvol?  

Femke van Zetten (Ecoloog Lowland Ecology Network)

Visdieven broeden graag op schaars begroeide grond, buiten het bereik van vossen en ratten. Zulke plekken zijn echter steeds moeilijker te vinden. Waterdynamiek ontbreekt, broedgebieden groeien dicht en recreanten zorgen voor verstoring. Met broedvlotten kunnen we Visdieven een handje helpen. Op sommige vlotten brengen ze veel jongen groot, terwijl andere leeg blijven of nauwelijks vliegvlugge jongen opleveren. Wat maakt het verschil?

In opdracht van Vogelbescherming Nederland inventariseerde Lowland Ecology Network locaties van broedvlotten en vroeg vele mensen naar hun praktijkervaringen. In deze lezing vertelt Femke van Zetten wat dit onderzoek ons leert. Hoeveel ruimte hebben Visdieven nodig? Wat gebeurt er als ze dicht op elkaar broeden? Zijn Kokmeeuwen goede buren of zitten ze Visdieven in de weg? Welke rol spelen predatoren en vogelgriep? En wat is het optimale ontwerp voor een broedvlot? Kom kijken hoe we alle kennis hebben toegepast en ontdek hoe het ideale visdiefvlot eruitziet. 

Genieten van vogels zonder te verstoren

Yu Li Khoe (Ecoloog en Medewerker Bescherming Recreatie Vogelbescherming Nederland)

Vogels kijken is een prachtige manier om van de natuur te genieten. Steeds meer mensen ontdekken dat en gaan met een verrekijker of camera eropuit. Toch kunnen ook vogelliefhebbers voor verstoring zorgen. Voor een vogel is bijvoorbeeld iemand die ze aanstaart soms al bedreigend. Vanuit Vogelbescherming Nederland willen we de natuur beleven en je verwonderen over vogels stimuleren, maar besteden we ook aandacht aan de effecten die het op vogels kan hebben. In deze lezing kijken we naar het effect van menselijke verstoring op vogels en waarom ook vogelaars en fotografen voor verstoring kunnen zorgen. Aan de hand van de gedragscode van Vogelbescherming kijken we hoe we verstoring van vogels kunnen voorkomen. Want genieten van vogels kijken zonder ze te verstoren, dat wil toch iedereen?

Matkoppen scherper in beeld 

Sjoerd IJzerman & Menno den Uijl

De Matkop verdwijnt op veel plekken uit Nederland, maar weten we ook zeker dat hij daar écht weg is? Tijdens onze lezing nemen we jullie mee in ons onderzoek naar deze onopvallende maar fascinerende soort. Daarbij stellen we een belangrijke vraag: is de gebruikelijke BMP-methode wel voldoende om Matkoppen goed in kaart te brengen, of missen we vogels op plekken waar de soort inmiddels als verdwenen wordt beschouwd?

Aan de hand van onze ervaringen met gerichte inventarisaties laten we zien wat een andere aanpak kan opleveren. Ook vertellen we over de eerste resultaten van ons onderzoek in de Biesbosch, waar we inmiddels werken aan een breder onderzoek naar onder andere verspreiding, broedbiologie en individueel herkenbare vogels.

Gloednieuwe Broedvogelatlas Den Haag e.o. 

Haagse Vogelbescherming

Den Haag is een van de groenste Nederlandse steden met tussen straten, tuinen, parken, bossen, duinen en veenweiden een verrassend rijke vogelwereld. Ter gelegenheid van het 100-jarig bestaan presenteert de Haagse Vogelbescherming de nieuwe Haagse Broedvogelatlas: Een uniek overzicht van niet alleen de Haagse broedvogels en de bijbehorende cijfers, maar ook van hun leefgebieden en de veranderingen in hun voorkomen door de jaren heen.

Bijna 115 vogelsoorten broeden jaarlijks in de Haagse regio en daarnaast zijn er nog zo’n 40 die dit onregelmatig doen. Een uitzonderlijke rijkdom voor een stedelijk gebied. De atlas neemt je mee langs de 15 meest bijzondere groengebieden en laat zien wat deze plekken zo waardevol maakt. Ook de vogelrustgebieden krijgen aandacht. Daar waar de territoriumdichtheid veelal liefst acht keer zo hoog is als in het omliggende groen.

Bijzonder is het historische overzicht van alle vogelsoorten die sinds de 19e eeuw in en rond Den Haag zijn waargenomen. Zo laat de atlas zien waar onze vogels vandaag de dag leven én hoe de Haagse vogelwereld in de loop der tijd is veranderd. De atlas biedt daarmee een rijk en verrassend portret van de Haagse avifauna.

Programma LandschappenNL en Natuurmonumenten

Vogelontwikkeling van de Zeeuws-Vlaamse ontpoldering

Wannes Castelijns (hoofd ecologie, landschap en erfgoed bij stichting Het Zeeuwse Landschap, mede namens Telgroep Saeftinghe)

Na decennia van publieke discussie, is op de grens van Zeeland en Vlaanderen een ingrijpende verandering zichtbaar geworden: de voormalige Hertogin Hedwige- en Prosperpolder zijn omgevormd tot nieuwe getijdennatuur langs de Westerschelde. Direct na de inrichting zijn vogeltellingen gestart, waardoor goed te volgen is hoe het gebied zich ontwikkelt en welke soorten ervan profiteren. In deze lezing hoort u wat vier jaar monitoring laat zien over de vogelontwikkeling in dit jonge, dynamische slikken- en schorrengebied.

Nut en noodzaak van oeverzwaluwwanden

René Oosterhuis (Het Drentse Landschap & Groninger Landschap)

De oeverzwaluw is een echte pionier van het landschap, maar geschikte broedplekken worden steeds schaarser. Toch bieden waterrijke gebieden als het Hunzedal en De Onlanden volop kansen voor deze karakteristieke soort. Kunnen aangelegde oeverzwaluwwanden het verschil maken? Aan de hand van praktijkervaringen van Het Groninger Landschap en Het Drentse Landschap laten we zien wat werkt, wat het oplevert en welke uitdagingen daarbij horen. Ook komen verrassende resultaten uit nestkastonderzoek in De Onlanden aan bod. Een verhaal over succesvol natuurbeheer, betrokken vrijwilligers en de vraag hoe we de oeverzwaluw een blijvende plek in ons landschap kunnen bieden.

Externe video URL

Regeneratie van zwaar beschadigd hoogveen: Fochteloërveen

Jacob de Bruin, Boswachter ecologie Natuurmonumenten

Ik ben gefascineerd door veen! En vooral door hoogveen, maar wat is dat eigenlijk? Ik neem jullie mee naar verschillende Europese hoogvenen om jullie een goed beeld te geven van een gezond hoogveen. Vervolgens zoomen we in op de Drents Friese Venen waarvan de Smilder Veenen en uiteindelijk het Fochteloërveen onderdeel van uit maakten. Het Fochteloërveen, zwaar beschadigd, maar toch met spectaculaire natuur. Uiteraard zal ik een overzicht geven van de prachtige en bijzondere soorten die nu voorkomen in dit gebied. Tenslotte laat ik zien hoe we dit zwaar beschadigde hoogveen regenereren door in eerste instantie de hydrologie te verbeteren. Maar dat is niet genoeg. We vinden dat het urgent is om het hoogveenherstel te bespoedigen met allerlei maatregelen. We regenereren een hoogveenlandschap dus hebben we ook aandacht voor het opstarten van natuurlijke begrazing in de randzones, aanpassen oude infrastructuur, verbeteren droge heide en bossen en ecologische verbindingen.

Bestuivers in het natuurbeheer

Sjoerd Faber (Natuurmonumenten)

Het gaat niet goed met een belangrijke voedselbron van vogels: bestuivende insecten. De beperkt aanwezige langjarige tellingen laten grote afnames zien ten opzichte van 40 jaar geleden; bij zweefvliegen is dat wél 80%. De voornaamste oorzaken van de afname van bestuivers zijn verzuring, verdroging, stikstof, waterkwaliteit, pesticiden en versnippering van leefgebieden. Ondanks deze drukfactoren, probeert Natuurmonumenten de aantallen en diversiteit van bestuivers zo veel mogelijk te laten toenemen met gericht natuurbeheer. Dit doen we via systeembeheer, zoals het creëren van structuurvariatie door middel van begrazing. Daarnaast doet Natuurmonumenten kleinschalige maatregelen gericht op het behoud van de meest bedreigde soorten. Ik neem je mee in de theoretische en praktische vraagstukken rondom beheer, gericht op onder andere meer bloeiende planten, nestelplaatsen en structuurvariatie.

Marker Wadden, dynamiek en vogels: lessen voor beheer

Jan van der Winden (vogelecoloog Lowland ecology network)

In het tamelijk eenvormige Markermeer is vanaf 2016 Marker Wadden aangelegd. Door deze archipel van ongeveer 1.300 ha, werd 1% van het Markermeer veel gevarieerder dankzij geulen, diepe putten, slibvelden en zandbanken. Het water stroomt vrijelijk in en uit en zorgt voor enige peildynamiek. Op internationale schaal is het een topgebied voor vogels. Van veel soorten is hier meer dan 1% van de Europese populatie een deel van het jaar aanwezig. De archipel ligt in zoet water, dus er gaan kruiden, struiken en bomen groeien. We kennen in Nederland geen vergelijkbaar biotoop, dus voor beheer en nieuwe projecten is het is wenselijk om te begrijpen hoe vogels zulke nieuwe biotopen benutten. Ik laat voorbeelden zien van de kolonisatie door diverse vogelsoorten, het habitatgebruik en veranderingen in de vogelgemeenschappen. Dankzij de gefaseerde aanleg broeden nu bijvoorbeeld tureluurs, houtduiven en dwergsterns op slechts 400 meter van elkaar. 

Externe video URL

Natuurherstel in de Drentse delta

Warner Reinink (ecoloog Groningen, Noord-Drenthe, Natuurmonumenten)

Ruim twintig jaar geleden lanceerden zes organisaties de visie ‘Van veen tot zee’. Een ambitieus plan om wateropgaven en natuurontwikkeling te combineren. Een plan wat begint bij het Fochtelooerveen als brongebied en via de beekdalen van het Eelder- en Peizerdiep loopt tot aan de Waddenzee. Van veen tot zee was een inspiratiebron bij de ontwikkeling van nieuwe natuurgebieden, waaronder de Onlanden. De ontwikkeling van dit moerasgebied bleek een succesnummer voor moerasvogels als roerdomp en baardman. Meer stroomopwaarts maakte de grauwe klauwier een spectaculaire come-back en ook de kraanvogel is inmiddels een vaste broedvogel in het beekdal. 

Tien jaar blauwgraslandherstel Vlijmens Ven

Chris van Turnhout & Jan van Mierlo (ecologen bij Natuurmonumenten)

Vlijmens Ven was ooit onderdeel van een uitgestrekt veenmoeras op de overgang tussen dekzand en rivierklei in de natte ‘Naad van Brabant’, bij ’s Hertogenbosch. Hier komen lokale en regionale kwelstromen uit de ondergrond aan de oppervlakte, deels eeuwenoud water dat een lange weg in de bodem heeft afgelegd, schoon en mineraalrijk. Later drooggelegd en ontgonnen tot graslanden en maisakkers. Tien jaar geleden is de natuur hier terug getoverd: in een deel van het gebied werd enkele decimeters van de met mest vervuilde toplaag van de bodem afgegraven, de waterhuishouding werd hersteld en soortenrijk maaisel werd ingebracht. Inmiddels heeft zich hier een van de grootste aaneengesloten blauwgraslanden van Nederland ontwikkeld. Het zijn niet alleen de vele bijzondere plantensoorten die het hier zo bijzonder maken, zoals parnassia, draadgentiaan en vele zeggesoorten, maar zeker ook de enorme bloemenrijkdom. In deze presentatie vertellen we over de vele natuurwaarden en de beheeruitdagingen voor de toekomst.