De Vogelatlas van Vlaanderen is verschenen

Op zaterdag 24 oktober werd tijdens de Belgische Vogeldag 2026 de nieuwe Vogelatlas van Vlaanderen officieel gepresenteerd. Het boek is het resultaat van een intensieve samenwerking tussen het Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek (INBO) en Natuurpunt en vormt de meest complete inventarisatie van de Vlaamse vogelpopulaties tot nu toe. Hoe staat het ervoor met de vogels net over onze landsgrens?

Vogelatlas Vlaanderen

Aan de atlas ging een indrukwekkende inspanning vooraf. Ongeveer 440 vrijwillige veldmedewerkers verzamelden gedurende vijf broedseizoenen en vier winterseizoenen gegevens in heel Vlaanderen. Daarnaast werden waarnemingen van meer dan 21.000 vogelaars via waarnemingen.be benut om verspreiding en aantallen zo nauwkeurig mogelijk in beeld te brengen.

De atlas bevat honderden verspreidings- en veranderingskaarten, trendgrafieken en foto's. Omdat dezelfde methodiek werd gebruikt als bij de vorige Vlaamse broedvogelvogelatlas uit 2000-2002, kunnen veranderingen voor broedvogels over een periode van ongeveer twintig jaar nauwkeurig worden gevolgd. Voor wintervogels is dit de eerste meting. 

De presentatie van de Vogelatlas van Vlaanderen.
De presentatie van de Vogelatlas van Vlaanderen op 24 oktober. Foto: Gerard Troost

Veranderingen in de vogelstand

De vogelstand in Vlaanderen is sinds de vorige broedvogelatlas sterk veranderd, al verschilt het verhaal per soort. Vooral boerenlandvogels gaan hard achteruit: Veldleeuwerik, Patrijs, Ringmus, Zomertortel en Grauwe Gors blijven in aantal afnemen. De Veldleeuwerik is het meest sprekende voorbeeld: van naar schatting 180.000 broedparen rond 1960 zijn er nog 6000-9000 over, een afname van zo’n 95%. Ook vogels van natte graslanden, zoals Tureluur, Grutto en Graspieper, zijn sinds 2007 met meer dan de helft afgenomen. In de Kempen hebben naaldbosvogels als Kuifmees, Zwarte Mees en Goudhaan het moeilijk. Dat komt onder meer door sparrensterfte en letterzetterplagen, en doordat naaldbos wordt omgevormd tot heide en loofbos.

Stijgers door natuurherstel

Er is ook goed nieuws. Vogels van moeras en riet, zoals Rietzanger, Blauwborst, Bruine Kiekendief en Roerdomp, gaan overwegend vooruit. Pioniers als Kluut, Visdief en Kleine Plevier vinden hun weg naar nieuwe natte natuur, onder meer in de Scheldevallei dankzij het Sigmaplan. Heideherstel in de Kempen en op militaire domeinen komt Nachtzwaluw en Boomleeuwerik ten goede. In ouder wordende loofbossen profiteert onder andere de Middelste Bonte Specht, en in De Blankaart heeft zich een broedpaar Zeearenden gevestigd.

Klimaatverandering zichtbaar

Zuidelijke soorten als Cetti’s Zanger, Graszanger en Steltkluut duiken steeds vaker op als broedvogel. Tegelijk trekken noordelijke wintergasten als Nonnetje, Brilduiker en Kleine Zwaan door zachtere winters minder vaak door tot in Vlaanderen.

De Vogelatlas kwam tot stand dankzij de inzet van een groot team.
De nieuwe Vogelatlas in handen van een deel van het projectteam. De atlas is gebaseerd op de gezamenlijke inspanningen van duizenden vogeltellers en andere betrokkenen.

Waardevol naslagwerk

De nieuwe atlas bundelt de actuele kennis over de Vlaamse vogelwereld in één rijk geïllustreerd standaardwerk. Daarmee vormt het een belangrijke bron van informatie voor vogelaars, onderzoekers, terreinbeheerders en beleidsmakers.

Ook Sovon leverde een bijdrage aan het project, met werkzaamheden aan de website, app, database, kaartmodellen en soortkaarten. We feliciteren alle vrijwilligers, onderzoekers en projectpartners met deze indrukwekkende mijlpaal.

Meer informatie is te vinden op de website van de Vogelatlas van Vlaanderen: https://www.vogelatlas.be.