Steltlopertelling dit najaar: doe je mee?
Eens in de zes jaar tellen we in oktober en november alle steltlopers in het binnenland, met de nadruk op Goudplevier, Kievit en Wulp. Deze tellingen vinden plaats in het kader van de International Golden Plover Surveys, die in Europa georganiseerd worden door de International Wader Study Group.
In oktober tellen we in de weekenden van 10 (Waddenzee) en 17 oktober (binnenland), in november doen we alle gebieden op de 14e. Het is alle hens aan dek om Goudplevieren en andere steltlopers goed in kaart te krijgen, dus doe mee. Neem daarvoor een kijkje op de claimkaart en selecteer een gebied waar je de steltlopers wel zou willen tellen.
Niet alleen in Nederland tellen we dus, maar in een groot deel van Noord-Europa gaan tellers op pad Goudplevieren in kaart te brengen. Het gaat dan om Denemarken, Zweden, Finland, Groot-Brittannië, Ierland, IJsland, Estland en de Faeröer eilanden. Polen en Duitsland doen ook een duit in de zak, en hetzelfde wordt verwacht van landen als Noorwegen, Letland, Litouwen, België, Slowakije en Tsjechië.
De eerste integrale goudpleviertellingen in november 1976 en 1978 leverden in ons land ruim 400.000 Goudplevieren op. Tijdens binnenlandse steltlopertellingen in de najaren van 1996, 2003 en 2008 waren die aantallen beduidend kleiner, respectievelijk ruim 253.000, 292.000 en 214.000 Goudplevieren. Over de ontwikkeling van pleisterende Goudplevieren en Kieviten publiceerden we in 2014 een uitgebreid artikel in Limosa, dat terug te vinden is op onze website. Na de telling in 2008 herhaalden we binnenlandse steltlopertellingen in 2014 en 2020. Voor 2014 komen de aantallen Goudplevieren in oktober op een kleine 155.000, in november op ruim 195.000. In 2020 ging het om krap 142.000 in oktober en ruim 156.000 Goudplevieren in november. De aantallen nemen landelijk dus nog steeds af. Eenzelfde ontwikkeling zien we ook in landen om ons heen, zoals Duitsland en Denemarken, maar in Groot-Brittannië en Zweden namen de aantallen sinds 2003 toe, althans tijdens tellingen in 2008 en 2014, wat wees op een noordelijkere verspreiding van de soort, vermoedelijk samenhangend met zachter najaarsweer. Des te spannender wat de tellingen in 2026 opleveren. Doe mee!
- Romke Kleefstra & Menno Hornman