Fuut

Wetenschappelijke naam

Podiceps cristatus

Engelse naam

Great Crested Grebe

Rode Lijst :-
Ramsar 1% :6100
Broedpopulatie

11.000-16.000 (2013-2015)

Geschat maximum winter

20.000-25.000 (2013-2015)

Fuut

Podiceps cristatus

Methode

Territoriumkartering

Tijd van het jaar

Begin maart t/m augustus

Datumgrenzen

15 april t/m 15 juni

Tijd van de dag

Gehele dag.

Aanwijzingen

Paren in broedbiotoop, territoriaal gedrag (spectaculaire balts, agressie jegens andere paren, grommende roep) en aanwijzingen voor nest: bezoek aan oevervegetatie (vogel zwemt stiekem in of uit, ook 'wachtende' vogel bij oevervegetatie is verdacht), slepen met nestmateriaal (veelal natte halmen riet of lisdodde, in stedelijk gebied ook allerlei rommel), bezet nest (drijvend nest, broedende vogel soms zichtbaar) en paar met pulli (maar zie hieronder).
LET OP: Op grote wateren en in onoverzichtelijke situaties kan tellen vanuit een boot noodzakelijk zijn. Lokaal in kleine kolonies broedend, waarbij alleen de directe nestomgeving verdedigd wordt. Vogels maken soms voedselvluchten naar voedselrijke gebieden in de omgeving. Broedvogels en niet-broedvogels zijn in het algemeen niet altijd goed te onderscheiden; groepjes die geen territoriaal gedrag ontplooien moeten als niet-broedvogels worden beschouwd. Nesten worden veelal goed verstopt in bijv. rietvegetaties, maar kunnen in stedelijk gebied open en bloot liggen en worden incidenteel (?) op de wal gemaakt indien oevervegetatie ontbreekt. Toevallig gevonden nesten onmiddellijk verlaten en onafgedekte eieren met wat nestmateriaal bedekken (Futen doen dat normaliter zelf maar kunnen daar bij verstoring vanaf zien, wat de kans op predatie vergroot). Pulli worden onder de beide ouders verdeeld (de eerste drie weken veelvuldig op de rug gedragen en tussen de veren soms lastig zichtbaar), waarbij de partners vele tientallen meters uit elkaar kunnen zwemmen.

Interpretatie

Nestindicatieve waarneming (nestbouw, alarm, broedende vogel, pas uitgekomen jongen) telt altijd.

In geval van paar in broedbiotoop, zang en/of balts:
moet er 1 waarneming zijn in de periode 15 april t/m 15 juni en in totaal 2 waarnemingen in gehele periode

Fusieafstand

1000 m

Bijzonderheden

Broedbiologie

Broedt op allerlei zoete wateren inclusief grachten en stadsvijvers. Eileg van begin april tot eind juli (en soms zelfs in herfst of winter), met piek in mei en begin juni. Eén, soms twee broedsels per jaar, meestal 3-4 eieren, broedduur 25-29 dagen, jongen (nestvlieders) worden nog 10-11 weken gevoerd.

Tijd van het jaar

Hele jaar, hoogste aantallen half september-half april (maar op ruiplekken in juli-augustus).

Tijd van de dag

Gehele dag.

Aanwijzingen

- Alle geschikte terreindelen bezoeken
- Min of meer vaste route door terrein, maar alert zijn op nieuw ontstane (tijdelijk) geschikte plekken
- Min of meer gelijke tijdsinspanning bij herhaalde bezoeken

Bijzonderheden


- Vaak enkele bijeen, lokaal groepen van honderden
- Soms gemengd met andere fuutachtigen
- Nu en dan duikend en onder water zwemmend
- Vooral op plassen (tot in stad), weinig op kanalen en beken
- Ruiconcentraties op grote open wateren juli-augustus
- Bij strenge vorst concentraties op zee