Slechtvalk

Wetenschappelijke naam

Falco peregrinus

Engelse naam

Peregrine Falcon

Rode Lijst

-

Ramsar 1%

-

Broedpopulatie

160-180 (2016)

Geschat maximum winter/doortrek

360-520, nov-dec (2009-2014)

Slechtvalk

Falco peregrinus

Methode

Territoriumkartering

Tijd van het jaar

Begin februari t/m juli

Datumgrenzen

1 februari t/m 30 juni

Tijd van de dag

Gehele dag.

Aanwijzingen

Bij paren of individuen in broedtijd letten op territorium- of nestindicerend gedrag, bijv. balts, alarm, voedseltransport of prooiovergave.
Regelmatige controle van hoge bouwwerken zinvol, ook in stedelijk gebied. Tijdens balts en na uitvliegen jongen soms luidruchtig (doordringend geroep), maar ouders veelal urenlang weinig actief, in de omgeving verblijvend (tot op 3 km) en dan onopvallend.

Interpretatie

Nestindicatieve waarneming (bezet nest, fel alarm, voedseltransport naar nest) telt altijd.


In geval van paar in broedbiotoop, zang en/of balts:
moeten er 2 waarnemingen zijn in de periode 1 februari t/m 30 juni en in totaal 3 waarnemingen in gehele periode

Fusieafstand

2500 m

Documentatie

Soort broedt sinds jaren negentig in toenemende mate in Nederland en wordt goed gevolgd door Werkgroep Slechtvalk Nederland. Nieuwe locaties doorgeven aan Werkgroep of uitgebreid documentateren inclusief hoogste broedcode per datum.

Bijzonderheden

Bedelende juvenielen soms maandenlang bij nestplaats blijvend.
Probeer bij broedpogingen te achterhalen of en hoe ouders geringd zijn (telescoop).

Broedbiologie

Soort bouwt zelf geen nest maar annexeert nesten van Zwarte Kraai op bouwwerken, hoogspanningsmasten en (zeer zeldzaam) in bomen. In ons land vooral ook in speciaal opgehangen nestkasten.

Literatuur

Bijlsma R.G. 1997. Handleiding veldonderzoek roofvogels. KNNV uitgeverij, Utrecht.