Velduil

Wetenschappelijke naam

Asio flammeus

Engelse naam

Short-eared Owl

Rode Lijst :Ernstig bedreigd
Ramsar 1% :-
Broedpopulatie

20-25 (2016)

Geschat maximum winter

100-500 (2013-2015)

Geschat maximum doortrek

100-500 (2008-2012)

Velduil

Asio flammeus

Methode

Territoriumkartering

Tijd van het jaar

Half maart t/m juli

Datumgrenzen

30 april t/m 20 juni

Tijd van de dag

Vooral in schemering, maar ook wel overdag.

Aanwijzingen

Alle waarnemingen in geschikt biotoop noteren en letten op territorium- of nestindicerend gedrag: balts (vooral vroege ochtend en avond, vaak lange imponeervlucht met glijen, stoten en vleugelklappen), roepend mannetje (zacht), agressie jegens roofvogels, kraaien en andere uilen, alarm (gaat bij benadering nest rond waarnemer vliegen), voedseltransport, afleidingsgedrag, bedelende jongen (vooral vroege ochtend en late avond).
LET OP: Overdag (meest ’s ochtends) jagende uilen zijn verdacht, want hebben vaak een broedsel. Tot ver in mei kunnen echter rondzwervende niet-broedvogels of trekkers opduiken. Deze reageren niet of minder fel verstoring door mensen of bijv. passerende grote roofvogel.

Interpretatie

Nestindicatieve waarneming (nestbezoek, transport voedsel, alarm, pas uitgevlogen jongen) telt altijd.

In geval van adult in broedbiotoop, paar in broedbiotoop, zang en/of balts:
moet er 1 waarneming zijn in de periode 30 april t/m 20 juni en in totaal 2 waarnemingen in gehele periode

Fusieafstand

1000 m

Documentatie

Broedgevallen buiten de Waddeneilanden steeds zeldzamer; goede documentatie nodig, met hoogste broedcode per datum.

Bijzonderheden

Lastig te inventariseren soort die zelfs in goed onderzochte gebieden soms over het hoofd wordt gezien. In muizenrijke jaren soms op onverwachte plekken broedend en dan wel eens verschillende nesten in elkaars nabijheid.

Broedbiologie

Gebonden aan grote open tot halfopen gebieden, momenteel vooral duinvalleien, incidenteel op heidevelden, hoogveen, moerassen en extensief cultuurland. Nest goed verstopt tussen halfhoge vegetatie, in omgeving van uitkijkpost van mannetje. Eileg gewoonlijk in april-mei, maar tijdens muizenpieken ook wel in andere maanden. Eén broedsel per jaar, meestal 7-10 eieren, broedduur 24-28 dagen, jongen vliegvlug na 30-48 dagen (maar verlaten nest vanaf dag 15).