Zwarte Zee-eend

Wetenschappelijke naam

Melanitta nigra

Engelse naam

Black Scoter

Rode Lijst

-

Ramsar 1%

8500

Broedpopulatie

-

Geschat maximum winter/doortrek

12000-59000, jan (2009-2014)

Tijd van het jaar

Hele jaar, hoogste aantallen half augustus tot in juni.

Tijd van de dag

Gehele dag.

Aanwijzingen

- In belangrijkste gebieden (Noordzee) alleen goed telbaar vanuit vliegtuig/vanaf boot
- In overige gebieden meenemen tijdens reguliere telling

Bijzonderheden

- In Noordzee in groepen tot vele honderden of meer
- Elders vaak solitair of in groepjes tot een tiental
- Soms samen met andere eenden (Eider, Grote Zee-eend, Middelste Zaagbek); grote groepen vaak ongemengd
- Foerageert vnl. op open zee, in binnenland op open wateren
- Grote groepen vaak ver uit de kust en van daaraf amper telbaar
- Groepen verplaatsen zich veelvuldig, laag over water vliegend

Buiten broedtijd

Zwarte Zee-eenden zijn het hele jaar te zien. Hoewel ze soms op zoete wateren opduiken, zijn ze toch sterk aan zout of brak water gebonden. Concentraties van vele tienduizenden vogels, soms nog meer, foerageren op schelpenbanken ten noorden van de Waddeneilanden. Kleinere aantallen doen dat in de Voordelta en de Waddenzee (vooral de westelijke, diepere delen), terwijl het voorkomen van enorme groepen voor de Hollandse kust sinds 2000 zelden meer wordt vastgesteld. Verplaatsingen over zee - deels trek en deels lokale bewegingen bijvoorbeeld op zoek naar voedsel – worden het hele jaar geregistreerd. In de periode half maart-half mei worden de meeste langsvliegende exemplaren gezien. De aantallen overwinteraars liepen in 1990-2000 op tot 140.000 maar komen sindsdien doorgaans nog niet tot de helft. Het leegvissen van schelpenbanken zal daarbij zeker meespelen. Ook in de Oostzee, een uiterst belangrijk overwinteringsgebied, halveerden de aantallen sinds 1993.