Goudvink

Wetenschappelijke naam

Pyrrhula pyrrhula

Engelse naam

Eurasian Bullfinch

Rode Lijst :-
Ramsar 1% :-
Broedpopulatie

9000-11.000 (2013-2015)

Geschat maximum winter

20.000-30.000 (2013-2015)

Geschat maximum doortrek

10.000-50.000 (2008-2012)

Goudvink

Pyrrhula pyrrhula

Methode

Territoriumkartering

Tijd van het jaar

Half februari t/m augustus

Datumgrenzen

1 april t/m 31 juli

Tijd van de dag

Vooral in de ochtend.

Aanwijzingen

Alle waarnemingen, met nadruk op roepende vogel (of zang, echter zelden te horen), paar in broedbiotoop en aanwijzingen voor nest: nestbouw, transport van voedsel (moeilijk zichtbaar, vindt in de krop plaats; mannetje voert broedend vrouwtje, beide partners voeren jongen) of ontlastingspakketje (beide partners).
LET OP: Soort heeft onopvallende zang (schijnt ook door vrouwtje voortgebracht te kunnen worden) en gedraagt zich amper territoriaal. In gunstige habitats kunnen verschillende paren dicht bij elkaar broeden zonder territoriale conflicten. Zang en zoeken nar voedsel of nestmateriaal kunnen plaatsvinden op vele honderden meters van nest. Houd bij voedselzoekende vogels in de gaten waar ze naartoe vliegen en teken rechtlijnige pendelvluchten in (vermoedelijk naar nest). Kleine groepjes in maart en begin april kunnen bestaan uit buurparen maar ook uit overwinteraars.

Interpretatie

Nestindicatieve waarneming (nestbouw, transport voedsel of uitwerpselen, alarm) telt altijd.

In geval van adult in broedbiotoop, paar in broedbiotoop, zang en/of balts:
moet er 1 waarneming zijn in de periode 1 april t/m 31 juli

Fusieafstand

500 m

Documentatie

Wees attent op het voorkomen van 'Trompetgoudvinken': vogels met een nasaal roepje ('kindertrompetje') en een verondersteld ver oostelijke herkomst. Zulke vogels vertonen soms een bijna invasie-achtig optreden waarna in het voorjaar wel eens vergelijkbare roepjes worden gehoord in broedgebieden (wellicht echter imitatie door lokale broedvogels?). Probeer de maker van het geluid te ontdekken, want 'Trompetgoudvinken' behoren tot de ondersoort Noordse Goudvink P. p. europoea, die wat groter en feller gekleurd is dan de bij ons broedende ondersoort P. p. pyrrhula.

Bijzonderheden

Broedbiologie

Broedt in bossen met rijke ondergroei of dichte aanplant, lokaal ook in bebouwing (tuinen, kerkhoven etc.). Eileg van begin april tot half juli, met piek half april-half mei. Twee broedsels, meestal 4-6 eieren, broedduur 13-14 dagen, nestjongenperiode 16-18 dagen, jongen 2-3 weken na uitvliegen zelfstandig.