Witbandkruisbek

Wetenschappelijke naam

Loxia leucoptera

Engelse naam

Two-barred Crossbill

Rode Lijst :-
Ramsar 1% :-
Broedpopulatie

-

Geschat maximum winter

1-3 (2013-2015)

Geschat maximum doortrek

-

Witbandkruisbek

Loxia leucoptera

Methode

Territoriumkartering

Tijd van het jaar

Begin januari t/m eind augustus

Datumgrenzen

1 januari t/m 15 mei

Tijd van de dag

Vooral 's ochtends.

Aanwijzingen

Bij waarnemingen in geschikt biotoop (lariks, spar) letten op zang , nestbouw (mannetje begeleidt vrouwtje), alarm en nestbezoek (mannetje vliegt met volle krop rechtlijnig naar nest; voert vrouwtje of jongen).
LET OP: Sommige Kruisbekken kunnen (smal) wit bandje over vleugel hebben. Solitaire vogels en paren verdacht, groepjes trekken vermoedelijk nog weg.

Interpretatie

Nestindicatieve waarneming (nestbouw, transport voedsel of uitwerpselen, alarm) telt altijd.

In geval van paar in broedbiotoop, zang en/of balts:
moeten er 2 waarnemingen zijn in de periode 1 januari t/m 15 mei

Fusieafstand

500 m

Documentatie

Broedgeval nog nooit met zekerheid aangetoond. Uitgebreide documentatie (met geluidsopname en/of foto) noodzakelijk met per waarnemingsdatum hoogste broedcode. Paar met uitgevlogen jongen mag alleen geteld worden indien jongen nog niet goed vliegen en van ouders afhankelijk zijn. Aanwijzingen Methode zijn gebaseerd op ervaringen met Kruisbek!

Bijzonderheden

Speciale aandacht nodig na invasie, een zeldzaam verschijnsel, doorgaans gepaard gaande met veel omvangrijker invasie van Kruisbek.

Broedbiologie

In broedgebieden nestelend in lariks, spar en soms den, met nest door overhangende takken vrijwel onzichtbaar. Broedtijd vooral februari-mei. Nul tot twee broedsels per jaar (afhankelijk van voedselsituatie), meestal 3-5 eieren, broedduur 14-16 dagen, nestjongenperiode 22-24 dagen, familieverband na uitvliegen nog enige weken intact.