Scholeksters en de toekomstige erosie van slikken in de Oosterschelde

Met het simulatiemodel Webtics zijn berekeningen gedaan aan het effect van plaaterosie en zeespiegelstijging op het aantal overwinterende scholeksters in de Oosterschelde. De simulaties zijn gebaseerd op waterstanden, schelpdiersurveys en weer uit de periode 2001-2011.

Door ruimtelijke interpolatie van gesynchroniseerde en amplitude-genormeerde waterstanden kunnen voor ieder monsterpunt van de schelpdiersurvey realistische getijdecycli worden verkregen die consistent zijn met de gemiddelde droogvalduur berekend door Rijkswaterstaat.

De schelpdiersurveys zijn vervolgens gecombineerd met toekomstige hoogtekaarten door (1) de monsterpunten op hun plaats te laten en te laten dalen samen met de bodem (2) elk monsterpunt op te schuiven door de droogvalduur gelijk te houden aan die in het referentiejaar 2010 en het oppervlak behorende bij het monster te corrigeren met het relatieve voorkomen van de droogvalduur in het jaar van de berekening. Het berekende effect is het grootst voor Oosterschelde West, in 2060 een afname met 55 ±10% ten opzichte van het aantal in 2010. Met zeespiegelstijging is het effect nog enkele tientallen procenten groter. Voor Oosterschelde Noord is het effect het kleinst, een afname van maximaal 50%.

Meer informatie

Contactpersoon: Bruno Ens

Document: 

Rap_2013-25_Scholeksters_erosie_slikken_Oosterschelde_EcoCurvesRapport18.pdf

Rapportnummer: 

2013/25 EcoCurvesRapport18

Auteurs: 

Rappoldt C. & Ens B.J.

Jaar van uitgave: 

2013

Uitgever: 

Sovon Vogelonderzoek Nederland, Nijmegen

Publicatiemedium: 

Rapport Sovon

Publicatietaal: 

Nederlands