Dodaarzen bij het ijle nestje, dat gevoelig is voor schommelingen in de waterstand. Foto: Ran Schols

Dodaars steeds later broedend?

Het broedseizoen is voor veel soorten voorbij, maar nog niet voor allemaal. Wespendief en Boomvalk zijn notoire laatbroeders, waarvoor je tot half augustus nog op pad kunt gaan. Maar er zijn er meer.

Zo kent de Dodaars een lang broedseizoen, dat tot diep in de zomer aanhoudt. Daarover verscheen een interessant artikel in het laatste nummer van Die Vogelwelt. Van de hand van Rolf K. Berndt, die 35 jaar lang Dodaarzen bestudeerde in Sleeswijk-Holstein in Noord-Duitsland.

Steeds meer

Dodaarzen namen daar in de onderzoeksperiode sterk toe. Dat wordt toegeschreven aan het ontstaan van vele nieuwe waterpartijen, veelal in het kader van natuurontwikkeling of beschermingsprojecten (Kraanvogel). Na koude winters en in droge voorjaren (lage waterstand) waren er inzinkingen, net als bij ons (grafiek op soortenpagina).

Ook steeds later

Opvallend was de timing van het broeden. De gemiddelde uitkomstdatum van eieren verschoof in de loop van het onderzoek van 4 naar 23 juli. Het wordt door de auteur geïnterpreteerd als een toenemend aandeel vogels dat een tweede of misschien wel derde legsel begint, en zou volgens hem een factor van betekenis zijn bij de geconstateerde toename. Late broedsels werden vooral geconstateerd in zomers met stabiele weersomstandigheden en waterpeilen.

En bij ons?

Zou het bij ons - waar Dodaarzen eveneens toegenomen zijn, zij het niet schrikbarend hard - ook zo zijn? Of zouden bij de late broedsels ook veel vogels betrokken zijn waarvan de broedsels elders mislukten? Of die door concurrentie met andere soorten niet eerder in het seizoen tot broeden kwamen? 
Aardige overpeinzingen wellicht bij een vennetje of andere ondiepe plas, in juli of augustus, met piepende jonge Dodaarzen op de achtergrond.