Nest jonge Merels. Bij een nestcontrole kijkt de waarnemer niet langer dan een halve minuut naar de nestinhoud en maakt zich daarna uit de voeten om de verstoring te beperken. Foto: Peter Eekelder

Merelnest gevonden?

April is de maand dat onze talrijkste broedvogel massaal nesten bouwt en aan de eileg begint. Merels in tuinen laten zich daarbij vaak betrappen, maar soms gebeurt dat ook in het bos. Heb je zo'n nest in de smiezen, dan kun je waardevolle nestgegevens verzamelen. Onderzoek mee!

Merels die tussen de bebouwing broeden beginnen gemiddeld wat eerder met broeden dan hun soortgenoten in het bos. Dat blijkt uit de nestgegevens die waarnemers vanaf 2000 doorgaven. In bebouwd gebied leggen Merels gemiddeld op 23 april hun eerste ei. In het bos is dat precies een week later: op 30 april. Ook blijken 'stedelijke' Merels iets succesvoller te zijn. 33% van de gestarte legsels is succesvol. In het bos is dat percentage lager: 28%. Bij succesvolle nesten vliegen er meestal 3 tot 4 jongen uit. Overigens kunnen Merels tot 7 keer per jaar een broedpoging doen, zelfs tot in de maand september.

Nestkaart

Dit soort gegevens zijn erg belangrijk. Ze kunnen namelijk een stukje verklaren van de ontwikkeling van de broedpopulatie Merels in ons land. We zijn daarom blij met iedere nestkaart van een Merel. Heb je een nest in de tuin of elders gevonden?

  • Dan kun je het zo af en toe snel (minimaal twee keer in ei- en jongenfase) en zorgvuldig bekijken en gegevens via Nestkaart Light invoeren.
  • Voordat je daaraan begint, dien je wel de gedragscode te lezen en een registratiebewijs aan te vragen.
  • Want bij nestcontroles ga je natuurlijk zorgvuldig en zo min mogelijk verstorend te werk.