Intrigerend, de Koolmees neemt af, de Pimpelmees neemt toe in bebouwde omgeving. Foto: Harvey van Diek

Tiende jaar MUS gaat beginnen

Op 1 april, geen grap, beginnen we aan het tiende seizoen Meetnet Urbane Soorten (MUS). Ruim 700 tellers staan in de startblokken om de 8-12 telpunten elk 5 minuten te tellen op vogels. Nieuwe tellers zijn welkom in stad én dorp.

Iets meer soorten nemen af

MUS is een eenvoudig en laagdrempelig meetnet. Het is geschikt voor ervaren en minder ervaren waarnemers. In de komende Sovon-Nieuws en de eerste MUS-Nieuwsbrief van dit voorjaar worden de resultaten uit de doeken gedaan. Van 76 soorten is een trend beschikbaar en net iets meer soorten nemen af (31) dan toe (27). Vogels die in struiken en bomen broeden zitten meer in de min dan in de plus. Voorbeelden  zijn Merel en Vink. De meeste watervogels doen het goed, zoals Grauwe Gans en Krakeend. In de groep behorend bij gebouwen is het verheugend dat de Huismus licht is toegenomen. Daartegenover staat een lichte afname bij de Gierzwaluw.

Doe mee!

Per telling kost het slechts 1,5-2 uur. Er zijn drie telperiodes waarbinnen een telling wordt gedaan, namelijk 1-30 april, 15 mei-15 juni (beide in vroege ochtend) en 15 juni-15 juli (avond). Je doet dan mee in een landelijk meetnet waarbij de vogels van dorp en stad worden gemonitord. Op dit moment worden ruim 650 postcodegebieden geteld, maar nieuwe tellers zijn overal welkom. Kijk hier wat er bij jou in de buurt vrij is.

Reactie toevoegen