Foto: Albert de Jong

Oeverzwaluwen doen het iets beter in 2014

Nadat de Oeverzwaluwpopulatie in Nederland in 2012 een heel stevige stap achteruit had gezet (-30% op basis van 280 kolonies die in 2011 en 2012 werden gemeld), deden deze driftige holengravers in 2013 op bescheiden wijze een stapje voorwaarts. In dat jaar werden 286 kolonies gemeld die zowel in 2012 als ook in 2013 werden geteld. De toename bedroeg 9%. In 2014 werd nagenoeg eenzelfde stap gezet in 280 gemelde kolonies: de toename bedroeg 9,2%.

Door Joost van Bruggen, Meetnetcoördinator kolonievogels

Als we het totaal aantal getelde nesten van 2011, het jaar voor de crash, optellen dan komen we op iets meer dan 23.000 paren uit. Doen we ditzelfde voor 2014 (18.600) dan lijkt er nog steeds een achterstand te bestaan van zo’n 19%. Dat kan in principe in één jaar berkstelligd worden hetgeen niet ongewoon is voor een pioniersoort zoals de Oeverzwaluw.

Klein herstel

In 2014 wederom een stapje richting herstel. Provinciaal waren er interessante verschillen. Zo boekten de 52 gemelde kolonies in Gelderland met bij 25% meer nesten het grootste succes.

De grootste kolonie (400 paren) in deze provincie bevond zich in het gemeentelijk zanddepot van het dorp Horst, nabij het Wolderwijd. Hier werden in 2013 238 paren geteld. Grootste verliezer is de kolonie in het Erfkamerlingschap nabij Zevenaar die in 2013 nog 228 paren bevatte maar in 2014 niet meer bewoond bleek.

Utrecht

De provincie Utrecht behoort ook tot de winnaars van 2014. Weliswaar ligt het aantal getelde kolonies hier een stuk lager waardoor procentuele veranderingen ook sneller plaatsvinden. De 12 kolonies boekten echter een gezamenlijke winst van ruim 58%. Kolonies zoals “De Haar” bij Bunschoten (van 166 paren in 2013 naar 259 in 2014) en de kolonie “De Horde” bij Lopik (18>101) zijn daar onder andere debet aan.

Drenthe

Drenthe telde 26 kolonies die in 2013 en 2014 geteld werden. De vooruitgang in 2014 ligt hier op ruim 31%. De absolute winnaar in deze provincie was de kolonie bij Een nabij Steenbergen. Telde deze kolonie in 2013 al een respectabele 185 nestgangen, in 2014 werd de teller (J. Watermulder) echt aan het werk gezet toen bleek dat er 773 paren een broedpoging ondernamen in de steilwand.

Overijssel

Als laatste grote winnaar noem ik de provincie Overijssel (27 kolonies). De procentuele toename bedroeg hier bijna 37%. Deze stijging werd in relatief veel kolonies (17) vastgesteld. Zo kregen de 4 paren van 2013 aan de Milligerplas bij Zwolle in 2014 bezoek van 96 extra buren. Daarentegen viel de kolonie Bodelaeke bij Giethoorn helemaal weg (102 in 2013)

Zeeland

Toch waren er ook provincie die opgeteld in de rode cijfers belandden. Alhoewel bij Zeeland dezelfde nuance betracht moet worden, zoals ook bij Utrecht het geval is. Er konden voor de berekening slechts 5 kolonies gebruikt worden die in beide jaren geteld werden. Hierbij werd een verlies van 16% vastgesteld.  De oeverzwaluwen bij de Sophiapolder, Oostburg telde 35 nesten meer dan in 2013, toen 300.

Friesland

De andere provincie met een negatief resultaat was Friesland. Voor de steekproef kon gebruik gemaakt worden van 19 kolonies. Gezamenlijk  leverde dat een verlies op van ruim 22%. In de Wijk de Horne in Joure, liept het aantal bewoonde nesten terug van 95 in 2013 naar 15 vorig jaar. Ook in de Weperpolder bij Veenhuizen was het resultaat minder. Vorig jaar werden 132 nestgangen geteld waarin 2013 het totaal nog op 190 lag.

In de resterende provincies bleven de resultaten min of meer vergelijkbaar met 2013. Toch nog twee vermeldenswaardige kolonies uit deze provincies:

Een kolonie aan de oever van de Maas, net ten noorden van Grave NB, telde in 2013 reeds 379 bewoonde nesten. Het aantal bewoonde nesten bleek in 2014 echter nog hoger uit te komen: 551 bewoonde nesten telde J. Houkes er!

De absolute kers op de taart gaat echter naar een prachtige gelegen kolonie aan de Visvijverweg bij Kamperhoek, Flevoland. Het reeds jaren bewoonde gronddepot, dat speciaal voor de zwaluwen is gestort, telde in 2013 met 545 bewoonde nesten bijna hetzelfde aantal als de kolonie in Grave in 2014. Toen Mervyn Roos echter na lang tellen en eindeloos turen naar welke nest wel en welk nest niet bewoond was een streep onder de aantallen zette, kwam hij op niet minder dan 1028 bewoonde nesten uit!

Dank!

Het geeft maar weer dat er door vele kolonietellers erg veel tijd besteed wordt aan de tellingen. Onze dank en grote waardering hiervoor is en blijft groot. Hartelijk dank al jullie inspanningen en ik wens jullie veel plezier en gunstige telresultaten toe in de aankomende weken. De tijd om de Oeverzwaluwen te tellen beleeft dezer dagen zijn hoogte punt.

Overigens geldt dat binnenkort ook voor de Huiszwaluw, maar daarover in een latere editie van de digitale nieuwsbrief meer...