Op naar kerngebieden voor weidevogels in Nederland

Een methode is uitgewerkt om kerngebieden te identificeren voor weidevogels. Als gidssoort is de grutto gebruikt, implicaties voor de andere weidevogelsoorten zijn aangeduid. Als zoekgebied voor kerngebieden zijn aangeduid gebieden die voldoen aan minumumdichtheden (15 dan wel 30 bp/100 ha). Aan de hand van trendgegevens is geanalyseerd welke factoren bepalend zijn voor de aantalsontwikkeling. De resultaten hiervan zijn als randvoorwaarden gehanteerd voor de nadere invulling van de kerngebieden. Met een metapopulatiemodel is verkend aan welke ruimtelijke voorwaarden kerngebieden moeten voldoen: o.a. omvang en onderlinge afstanden, in relatie tot de ruimtelijke kwaliteit. Scenarioberekeningen zijn uitgevoerd naar verschillende ruimtelijke invullingen. Er is een handreiking opgesteld als voorbeeld hoe kerngebieden in de praktijk geïdentificeerd en uitgewerkt zouden kunnen worden.

Document: 

Rap_2012-21_KerngebiedenLR.pdf

Rapportnummer: 

2012/21

Auteurs: 

Teunissen W., Schotman A., Bruinzeel L.W., ten Holt H., Oosterveld E., Sierdsema H., Wymenga E. & Melman D.

Jaar van uitgave: 

2012

Uitgever: 

Sovon Vogelonderzoek Nederland

Publicatiemedium: 

Rapport Sovon

Soortgroep: 

Weidevogels

Publicatietaal: 

Nederlands