Kennisoverzicht Koekoek

Jaar van de Koekoek

Over de hele wereld hebben Koekoeken tal van slimmigheden ontwikkeld om andere soorten te manipuleren zodat zij hun jongen opvoeden.

 

Toch gaat het niet goed met deze bijzondere soort. In het Jaar van de Koekoek delen we zoveel mogelijk informatie over de Koekoek. Een kennisoverzicht:

Verblijf, vertrek en aankomst

Broedgebied Koekoek

Bijna heel Europa (en oostwaarts tot China en Japan)

Overwinteringsgebied

Afrika bezuiden Sahara. Waarschijnlijk vooral in Congolese regenwouden

Vertrek

Volwassen vogels verlaten broedgebied vanaf begin juni en zitten eind juli grotendeels in Afrika. Jonge vogels vertrekken later, zijn soms nog in september aanwezig.

Zomerconcentraties

Groepen tot enkele tientallen zijn bekend uit verleden tijdens rupsenuitbraak (o.a. Groote Peel in jaren zeventig), maar recent niet meer gemeld.

Trek najaar

Nachtelijke trek (van Britse vogels) in etappes of rechtstreeks naar Zuid-Europa om op te vetten. Route kan zuidwest maar ook zuidoost gericht zijn. Dan in een non-stopvlucht van 50-60 uur over de Sahara (2600 km). Aankomst in overwinteringsgebied in oktober-november. Britse vogels die ieder een heel andere route volgden (duizenden kilometers uit elkaar), kwamen uiteindelijk allemaal in dezelfde regio uit.

Trek voorjaar

Terugreis (van Britse vogels) begint februari en kent langere stop in West-Afrika om op te vetten. Dan terug via Iberisch Schiereiland of Italië. 

Aankomst

In ons land de vroegste in de eerste dagen van april, meerderheid na half april.

Conclusie

Drie tot vijf maanden in Nederland aanwezig, rest van de tijd in Afrika.

Meldingen

Waarnemingen van een Koekoek die via Avimap worden ingevoerd, zijn direct terug te zien op een overzichtskaart (nog niet gevalideerd).

Broedbiologie

Aantal eieren

Meestal 8-12 per seizoen. Veelgenoemde hogere aantallen tot 25 eieren zijn gebaseerd op oud onderzoek waarbij de eileg werd gemanipuleerd.

Specialisatie

Wijfjes specialiseren op vogelsoort met eventueel nauwverwante ‘uitwijksoort’(Kleine Karekiet/Rietzanger). Afwijkende soort alleen bij legnood.

Waardvogels Europa

Opvallende variatie: soorten die in het ene land belangrijke waardvogels zijn (Roodborst en Winterkoning in delen van Duitsland), zijn dat niet in Nederland.

Waardvogels Nederland

Artikel (uit 1953!) noemt ca. 38 waardvogelsoorten voor Nederland. Belangrijkste zullen momenteel zijn: Kleine Karekiet, Heggenmus, Graspieper, Gele Kwikstaart, Witte Kwikstaart, Rietzanger en Bosrietzanger. Sommige specialismen (‘koekoekstammen’) zijn inmiddels bij ons waarschijnlijk uitgestorven (specialisme Tapuit in Hollandse duinen).

Aantal benodigde waardvogels

Per wijfje Koekoek zijn tenminste enkele  tientallen paren van de favoriete waardvogel nodig, rekening houdend met het te leggen aantal eieren. De Koekoek zal immers niet alle nesten kunnen vinden en kan alleen nesten parasiteren in een bepaalde tijd (voornamelijk 10 mei- 10 juli) en op exact het goede moment (tijdens de eileg).

Parasiteringsgraad

Bij onderzochte (en geparasiteerde) populaties van favoriete waardvogels blijkt meestal 5-15% van de nesten geparasiteerd te worden door een Koekoek. Hoogste parasitering  als er veel uitkijkposten zijn voor het wijfje Koekoek (dus bij Kleine Karekiet hogere parasitering in rietmoeras met veel bosopslag, vergeleken met rietmoeras zonder opslag).

Koekoeken tellen

Mannetjes tellen

Relatief eenvoudig (roepen luid ‘koekoek’), maar leidt gemakkelijk tot overschatting van het aanwezige aantal (op grote afstand hoorbaar, vliegen veel en leggen gemakkelijk enkele kilometers af). Ze zijn bovendien geen maat voor de ‘broedpopulatie’ (hebben geen vast territorium, vliegen door elkaars gebieden).

Vrouwtjes tellen

In principe redelijke maat voor de ‘broedpopulatie’ want zijn veel territorialer dan mannetjes. Echter: roepen weinig (giechelende triller, o.a. na eileg in middag) en zijn op uiterlijk moeilijk te herkennen.

Overschatting

Bij broedvogelinventarisaties wordt aantal Koekoeken (doorgaans gebaseerd op roepende mannetjes) vaak met minstens 60% overschat.

Populatieschatting

Een idee van het aantal Koekoeken (wijfjes!) is te krijgen aan de hand van de vastgestelde aantallen waardvogels, rekening houdend met parasiteringsgraad, het aantal legsels van een waardvogel en het aantal door Koekoek te leggen eieren. Methode alleen toepasbaar in grote gebieden en levert alleen een ruwe maat op.

Voorkomen in Nederland

Verspreiding

Geheel Nederland, maar met steeds meer leemtes. Tussen 1975 (voorkomend in 95% van de 1670 atlasblokken van 5x5 km) en 2015 verdwenen uit ca. 120 atlasblokken. 

Dichtheden

Hoogst in natuurterreinen (heide, moeras, plaatselijk in duin) en kleinschalig cultuurland. Zeer laag tot ontbrekend in  intensief boerenland en stedelijk gebied. Dichtheden in bezette gebieden vrijwel nergens hoger dan 1 per vierkante kilometer.

Verspreiding Koekoek Sovon

Verwachte aantal territoria per kilometerhok
Aantallen

Zeer lastig te bepalen, en oudere getallen zijn moeilijk te beoordelen. Meest actuele en reële schatting  gaat uit van 6000-8000 territoria (=wijfjes) rond het jaar 2000.

Aantalsontwikkeling

Afnemend, tenminste 20% afname sinds 1990 maar vermoedelijk aanzienlijk meer gezien telproblemen  (zie Koekoeken tellen). Er wordt ingeschat dat de afname  meer dan 50% bedraagt sinds de vijftiger jaren (als referentietijd voor de Rode Lijst).

Onderstaande kaart laat zien dat er slechts enkele gebieden zijn waar het aantal koekoeken stabiel is gebleven, of zelfs is toegenomen.  

Veranderingskaart Koekoek Sovon

Afname (rood) en toename (blauw) aantal koekoeken ten opzichte van broedvogelatlas 1998-2000
Rode Lijst

De Koekoek staat vanwege de afname als kwetsbaar op de Rode Lijst uit 2000 en de situatie is zeker niet verbeterd sindsdien.

De Koekoek is beschermd op grond van de Europese Vogelrichtlijn en de Wet natuurbescherming. Voor deze soort zijn in Nederland geen Natura 2000-gebieden aangewezen. De Staat van Instandhouding van de Koekoek als broedvogel in Nederland is matig ongunstig.

Staat van Instandhouding Koekoek Sovon

Variatie in aantalsontwikkeling

Minste afname in natuurterreinen, mits niet te intensief beheerd. Forse afname in bos, vrijwel verdwenen in grote delen van het agrarisch cultuurlandschap.

Redenen afname

Factoren die genoemd worden: afname voedsel (rupsen van vlinders en nachtvlinders), afname van verschillende waardvogelsoorten, mismatch tussen broedcyclus sommige waardvogels (die steeds vroeger gaan broeden) en Koekoek (die min of meer op dezelfde tijd blijft aankomen vanuit Afrika), en mortaliteit tijdens trek en in overwinteringsgebied.