Foto: Martin Mollet (Saxifraga)

Haviken en een koude maart

In februari en maart is het luide rauwe kekkeren van een Havik al vaak te horen. Het is een soort met een vroege start van het broedseizoen.

Het gemiddelde begin van de eileg viel landelijk in 1996-2011 steeds tussen 30 maart en 6 april. Zou de kou in maart van dit jaar tot vertraging leiden?

Dat is wel aannemelijk. Volgens de gegevens van de Werkgroep Roofvogels Nederland/het Nestkaartenproject, jaarlijks trouw en uitputtend samengevat door Rob Bijlsma in De Takkeling, levert een warme maart gewoonlijk een vroege start van de eileg op en kou het omgekeerde.  

Maar opmerkelijk genoeg is er in de afgelopen decennia geen echte vervroeging van de legdatum vastgesteld, terwijl toch zachte voorjaren vaker voorkwamen dan koude. Zelfs een reeks van 29 jaar uit Drenthe laat geen vervroeging zien. Daarmee wijkt de Havik af van de algemene trend onder Europese broedvogels.