Excursie Zeeuws-Vlaanderen

Begin 2015 is in het kader van project Ornithologisch Erfgoed het vogelarchief van Van den Steen – Tombeur beschreven en overgedragen aan het Zeeuws Archief. In het archief Van den Steen – Tombeur staat het krekengebied van Zeeuws-Vlaanderen centraal, zoals Canisvliet en Zwartenhoekse Kreek. Deze kreken dateren van de 80-jarige oorlog.

De gedachte was dit jaar om deze gebieden eens te bezoeken en Zeeuws-Vlaanderen breder te verkennen: Telpost Breskens, Braakman polder, Blikken, Sophia polder en Nummer één Schor.

’s-Middags heeft AKN-lid Franklin Tombeur ons in het veld  de nodige historische achtergrond en verhalen verteld. Bovendien hadden we als extra’s een boeiende discussie met Peter Maas (boswachter/ beheerder bij SBB in de Braakmanpolder). Peter heeft Johan van den Steen goed gekend. De excursiedatum was 9 mei, maar Ruud Vlek, Ed Veling en Frank de Miranda (verslag) waren de 8e al aanwezig. Martin Lok en Paul Keuning voegden zich op zaterdag erbij. Helaas was Bernard Goslings op het laatst verhinderd.

Vogelrijk
Met 98 soorten in 2 dagen hebben we weer ondervonden hoe gevarieerd en aantrekkelijk Zeeuws-Vlaanderen als vogelgebied is. Kort samengevat (e= enkele; ws= waarschijnlijk; vr=vrouwtje; mn= man):

Telpost: (wind 4-5 te veel uit W-hoek) Zwarte Wouw 2, Slechtvalk, Ooievaar, Lepelaar 4, Kleine Zilverreiger, Bruine Kiek 2, Dwergstern 12, Boerenzwaluw 100-en, Visdief > 25 en Grote Stern > 100;
Binnendijks veld bij de telpost: Noordse Gele Kwik 2 – 6, Tapuit 6;
Blikken: (onderweg Patrijs 2; Slechtvalk mn), Kleine Plevier  e, Kemphaan 3 mn/ 1 vr, Kluut > 20, Steltkluut 2-3, Rouwkwik 1 ws vr, Gele Kwik e, Blauwborst, Casarca vr;
Sophia: Wespendief, Goudplevier, Kleine Plevier e, Temmincks Strandloper, Bonte strandloper 3, Kemphaan;
Nummer één Schor (net oost van Breskens): Zwartkopmeeuw 110 (waarvan 37 1e zomer en 1 2e zomer), Scholekster 70;
Braakmanpolder: Ooievaar, Aalscholvers (onderdeel van de beheerproblematiek), Bruine kiek 2;
Zwartenhoekse Kreek: Cetti’s Zanger

Beschermingsproblematiek
In de discussies met Peter Maas (die we als dank AKN-lidmaatschap hebben aangeboden voor 2016) en Franklin Tombeur kregen we een beeld van de beschermingsproblematiek in Zeeuws-Vlaanderen. Puntsgewijs:

  • Veel reguliere budgetten zijn verkleind. Nieuwe budgetten zijn vaak gerelateerd aan natuurcompensatie. Wat we ook elders in Nederland zien, is dat die “nieuwe natuur” heel vogelrijk kan zijn (zoals Blikken, Sophia, Nummer één Schor). In de Natuurcompensatie Westerschelde, zijn en worden 10-tallen miljoenen betaald door België.
  • Wijziging van het oorspronkelijk watersysteem heeft grote consequenties: afname van de dynamiek en verandering van de waterkwaliteit. Daardoor is nu soms de afweging noodzakelijk “wil je slecht water of geen water van buitenaf inlaten”.
  • Voorbeeld Canisvliet:  Door belangen van de landbouw is het waterpeil losgekoppeld van het natuurlijke watersysteem. Oorspronkelijk stroomde het water in de kreek van zuid naar noord. Toen was het water in Canisvliet zoeter, met Krabbescheer.
  • Voorbeeld Braakmanpolder:  Ingepolderd 1952, aan de rand zand opgespoten. Mede daardoor ontstond een grote zoetwaterbel. Dit tast zout- en brakwatervegetaties aan. Er is resterende zilte kwel in een smalle strook (op NAP +10 cm), een kleine zijkreek van de Braakmankreek (die rond 1300 door de Elizabeth vloed is ontstaan). Om de focus op die zilte strook te versterken, is 10 – 15 jaar terug op 300 ha zo’n 75% van het bos gekapt. Dat geeft spanningen met algemene publieksgerichte beleidslijnen (recreatie versus natuur).

Het gaat erom een visie te ontwikkelen op de verbinding tussen zout en zoet water. Inclusief het terugkrijgen van dynamiek. Veelal vergt dit continu ingrijpen over een reeks van jaren, en daar is de huidige manier van budgettering niet op ingesteld (vergelijk de afbouw van de Subsidie Natuur en Landschap).
In Zeeuws-Vlaanderen zijn er nogal wat natuurgebieden (zoals Canisvliet) waar door nabije landbouw en industrie een hoge stikstofdepositie is.