Eindelijk weer tellen voor de Vogelatlas

Dat was mijn eerste gedachte toen ik hoorde dat deze winter de inventarisaties voor de nieuwe atlas  zouden beginnen. Veertien jaar geleden begon ik als relatief onervaren vogelaar atlasblokken en kilometerhokken te tellen voor de broedvogelatlas.

Door Louis van Oort, Atlasteller

 

Vogelen in de eigen 'achtertuin'
Vier voorjaren lang heb ik toen een schat aan ervaring opgedaan en vooral het vogelen in de eigen ‘achtertuin’ leren waarderen. De Sovon-atlas, zoals we die destijds noemden, had een magische klank gekregen; een klank die nog altijd in mijn hoofd zit.

'Mijn' hokken in de winter
Voor de nieuwe atlas keer kreeg ik de kans om ‘mijn’ hokken ook in de winter te tellen. Ik heb dan ook direct de twee 5x5-blokken geclaimd die ik voor de vorige atlas had gedaan: 39-42 en 39-43, twee blokken in de West-Betuwe rond Geldermalsen.
Met medevogelaars Peter van Horssen en Wiegert Steen had ik afgesproken het telwerk te verdelen. Daarmee haal je de druk wat weg om alles op tijd af te krijgen en kun je makkelijker een moment met goede telomstandigheden kiezen. Maar eerst wilde ik zelf vertrouwd raken met de telmethode. De handleiding was mooi beknopt en glashelder, dus kon ik met een gerust hart de deur uit om mijn eerste kilometerhok te doen.

Een leermomentje
Ik kon direct beginnen met tellen want mijn woning ligt midden in dit hok. Ik besloot dan ook de fiets thuis te laten. Dat was het eerste leermomentje: in bebouwd gebied met veel straten en gebouwen, heb je de fiets beslist nodig. Je kunt namelijk weinig plekken ruim overzien en je zult je dus vaak moeten verplaatsen. Met de benenwagen alleen red je dat bijna niet. Afgezien daarvan was het volop genieten. Veel tuinvogels kon ik meteen afvinken en opvallend was dat ik overal goudhanen tegenkwam. 
Na ruim een uur lekker tellen was ik weer thuis en kon ik de digitale invoer proberen. Een verademing! Binnen 10 minuten klaar. Dat was andere koek dan die papierwinkel 14 jaar geleden. Al met al een veelbelovende start.

Vogelen op nieuwe plekken levert verrassingen op
Inmiddels zit de eerste periode erop en staat de teller in ons blok op 74 soorten, waaronder pestvogels en een bokje. Ik kan niet wachten om het veld in te gaan voor de tweede ronde. Het mooie van dit telwerk is namelijk – dat gevoel had ik bij de vorige atlas precies zo – dat je op plekken gaat vogelen waar je normaal gesproken nooit zou komen, maar waar verrassend vaak iets leuks te ontdekken valt.