De verleidelijkheid van het toekomst denken

Sovon brengt op gezette tijden een nieuwe Meerjarenvisie uit. Een document waarin we proberen vooruit te kijken: wat gaan we de komende vier jaar aan nieuwe zaken aanpakken, welke bestaande projecten verdienen aanpassing, hoe zorgen we voor financiering?
Vier jaren vooruitkijken…dat valt nog te overzien en meestal kloppen de voorspellingen aardig. Maar waar staan we, de organisatie, over pakweg 40 jaar? En de vogelaar, hoe zal die zich ontwikkelen?

Toekomstvisioenen

Drie enthousiaste vogelaars, een goed idee waar gevestigde instituten weinig in zagen (reken maar dat ze daar inmiddels flink spijt van hebben…!) en voldoende lef; ziedaar de basisingrediënten van de start van Sovon 40 jaar geleden. Luit Buurma, Jan Wattel en Hans van Balen konden zich toen nog geen voorstelling maken van een pc,  een mobiele telefoon, laat staan van een professionele organisatie met meer dan 60 betaalde medewerkers in dienst. Misschien maar goed ook; dat vooruitzicht had hen wellicht onterecht kopschuw gemaakt bij de verwezenlijking van hun wilde plannen. Maar het illustreert natuurlijk wel perfect hoe hachelijk het is om in de toekomst te kijken, zeker over een periode van 40 jaar. Dat moet je helemaal niet willen doen! Maar zeg maar eens ‘Nee’ tegen de redactie van dit boekje …

Vogels tellen blijft, maar verandert wel

Waar staat Sovon als organisatie in 2053? Zijn er dan überhaupt nog wel mensen in dit land die vogels kijken en tellen? Ik weet zeker (!) van wel. Lekker buiten zijn, genieten van vogelzang, ‘jouw’ Buizerd of Wielewaal volgen, het zal een aantrekkingskracht blijven houden op velen.
En Sovon? Dat  coördineert natuurlijk nog steeds de landelijke meetnetten om de aantallen, de veranderingen in verspreiding én de broedbiologie te volgen. Want overheid, onderzoek, beheer  maar vooral de mensen zelf willen nog altijd erg graag weten hoe het met de vogels in Nederland (en Europa!) gaat.
Papier komt er niet meer aan te pas. Op onze kijkers zitten door zonenergie gevoede camera’s. Ze hebben programmatuur voor soortherkenning, die meteen de herkende soort opslaat én doorstuurt naar je eigen informatiesysteem thuis. De camera heeft natuurlijk een microfoon die niet alleen de zang of roep mét locatie vastlegt, maar ook de soorten  die de waarnemer uitsluitend ziet en daarom opnoemt. De systemen van Sovon schrapen ‘real time’ de gegevens af om regionale en landelijke overzichten en analyses te maken. De resultaten worden ‘thuis’ terug geleverd in de vorm van 3D beelden van het getelde plot, met alle daarin aanwezige territoria en de vogels. Een virtueel diorama  dus, toegesneden op het eigen telgebied. Tenzij de teller natuurlijk ook een beetje sociaal is en  zijn gegevens deelt met zijn vriend(inn)en, want dan kan hij van meer gebieden die prachtige real time beelden oproepen.

Meetnetten voor elk wat wils

Goudvink(Foto: Harvey van Diek)
Goudvink (Foto: Harvey van Diek)

De meetnetten blijven vooral voor de doorzetters en de vlotte opstaanders. Sovon heeft ook voor hen die iets luier van aard zijn of gewoon minder tijd hebben of willen investeren, andere leuke telprojecten, met dat voor stadsvogels als uithangbord. Want tenslotte wonen we dan vrijwel allemaal in een stad met hier en daar wat natuur.
In vrijwel iedere tuin hangt net zo’n camera met soortherkenningssoftware als  op verrekijkers zit. Die camera registreert welke soorten in en rond de tuin zingen terwijl ook de jagende vleermuizen, de kwakende kikkers en de foeragerende muizen er gewoon even bij worden genomen. Dat alles zet het eigen informatiesysteem om in een beeld van onze tuin als leefgebied van al die soorten. Kun je meteen aan je buren, vrienden en familie laten zien ‘hoe goed jouw tuin het doet’. Dat levert meteen een mooi gesprek op over verbeteringen. Met een 3D spel kies je vervolgens voor een drinkvijver, ligusterstruik of oude boom (meteen leverbaar) om een Goudvink, Pestvogel of Middelste Bonte Specht in je tuin te krijgen.

Technisch vernuft dient wetenschap

Gaai(Foto: Harvey van Diek)
Gaai (Foto: Harvey van Diek)

Natuurlijk hebben velen nestkasten hangen met standaard een camera, aangesloten op het eigen 3D informatiesysteem. Zo’n systeem is immers in elk huishouden net zo gewoon als een centrale verwarming en een warme douche (reken maar dat we die nog steeds hebben in 2053…). Die camera registreert eerste eilegdatum, legselgrootte, broedduur en uitkomstpercentage en geeft ze door aan de tuineigenaar én aan Sovon. Omdat we voor veel soorten dergelijke kasten ophangen, in combinatie met onopvallende webcams bij vrij broedende soorten,  is er een gevarieerde datastroom over de lotgevallen van de vogels dicht bij huis. Dat zijn best veel soorten want we zijn eindelijk ons gezonde verstand gaan gebruiken om onze stedelijke woonomgeving er natuurlijk en gevarieerd uit te laten zien. Dat sommige vogelsoorten toch hardnekkig blijven broeden  op onbereikbare plaatsen blijft hoogst irritant; dan maar geen intieme gegevens van Ekster of Gaai, Sperwer of Appelvink…? Maar nee, ook voor zulke soorten bestaat moderne techniek, waarbij extreem scherpe infraroodbeelden tot in de donkerste bosjes kunnen kijken.
Vanuit onze tuinen verlaat geen jonge vogel zijn nest  zonder een opgeplakte superlichte chip. Daarmee worden de lotgevallen gedurende hun hele leven continu gevolgd. Ook die data komen bij Sovon binnen die ze, samen met andere organisaties, in voorspellende en verklarende modellen verwerkt. Die verwerking richt zich op snelle terugmeldingen naar de deelnemers: kijk, dit is wat er met  ‘jouw’ vogels gebeurt. En da’s niet alleen voor de fanatieke teller erg leuk om terug te krijgen!

Inspringen op veranderende wereld

Is Sovon dan nauwelijks veranderd? Toch wel. Sovon zal niet meer een vereniging zijn zoals nu. Lid zijn van een vereniging is sowieso niet meer van die tijd. Vrienden en medetellers ontmoeten blijft populair, dus de Landelijke Dag is er nog gewoon en wel in de Jaarbeurs in Utrecht, waar we de 5000 belangstellenden redelijk goed kwijt kunnen.
Nieuwsbrieven, Limosa en Sovon-Nieuws bestaan niet meer, zoals er nauwelijks nog gedrukte media zullen zijn; iedereen kan immers overal precies die informatie halen die men nodig heeft. Uitwisseling van informatie is de basis voor de gemeenschap van tellers. Voor vragen of diensten weten tellers en andere geïnteresseerden ons nog steeds te bereiken. Want dat Sovon nog steeds het kenniscentrum is op het gebied van alle in het wild levende vogels, spreekt voor zich. De medewerkers zitten verspreid over het land, dichter bij de tellers en  de opdrachtgevers.  En laten die opdrachtgevers, inmiddels vooral bedrijven maar ook nog wel overheden, nou ook nog eens op hun terreinen en op en aan hun gebouwen mooie voorzieningen hebben voor vogels…. gewoon omdat ze daar hartstikke trots op zijn!

Wat komt ervan terecht?

Ja, het is toch best wel verleidelijk om over de toekomst te mijmeren, hoe onmogelijk ook. Want ik kan toch moeilijk voorspellen wat ik nog niet weet…!Helpt u mij herinneren wat ervan terecht is gekomen, in 2053?

 

Theo Verstrael (Foto: Harvey van Diek)
Theo Verstrael (Foto: Harvey van Diek)

Theo Verstrael