Grauwe Ganzen (Foto: Peter Eekelder)

Waddenzee: Eerste resultaten van extra integrale augustustelling

In augustus werden alle hoogwatervluchtplaatsen in de Waddenzee bekeken op aantallen overtijende watervogels. Nog niet alle gegevens zijn binnen. Zo ontbreken de resultaten van Schiermonnikoog, Griend, Blauwe Balg, Dollard en delen van de Groninger noordkust nog. Zodoende valt over de ruiters, doorgaans talrijk in augustus, nog weinig te zeggen. Bij diverse andere soorten zijn al duidelijke aantalsveranderingen ten opzichte van eerdere integrale augustustellingen in respectievelijk 1996, 2000 en 2006 te zien.

Door Romke Kleefstra

Grotere aantallen

Van de soorten die in grotere aantallen werden vastgesteld, is de Kanoet mogelijk wel (weer) de opvallendste. Na opmerkelijk grote aantallen in het najaar van 2012, staat de teller inmiddels al bijna op 123.000, terwijl er naar verluid op de Blauwe Balg ook nog enkele tienduizenden zaten. Het totaal zal daarmee beduidend hoger komen te liggen dan tijdens de eerdere integrale augustustellingen (50.000-103.000). De meeste Kanoeten werden geteld op Vlieland (67.000), gevolgd door de Richel (27.000) en Ameland (15.000). Ook de aantallen van Rosse Grutto en Drieteenstrandloper pakken naar verwachting hoger uit. Voorlopige totalen liggen op resp. 98.000 ‘rosse grutten’ en 6800 ‘drieteentjes’ en dat zijn er meer dan de augustustellingen in 1996, 2000 en 2005 (resp. 56.000-77.000 Rosse Grutto’s en 4000-6700 Drieteenstrandlopers). Ook in het geval van de Rosse Grutto werden de meeste geteld op Vlieland (48.500), gevolgd door Terschelling (21.000) en Engelsmanplaat (9000). Ook werden er behoorlijk wat meer Grote Sterns geteld. Tegenover 3000-6400 bij de eerdere tellingen, zijn inmiddels al 8100 doorgegeven. Ook hiervan de meeste van Vlieland (2540), gevolgd door Terschelling (2155) en Noorderhaaks (2005).

Grauwe Ganzen in augustus

Wellicht een open deur, maar wanneer we kijken naar de aantallen Grauwe Ganzen in augustus in het waddengebied, dan ging het tijdens de eerdere integrale augustustellingen om resp. 900, 2000 en 5800. Inmiddels ligt het voorlopige totaal al op 8000 en met Schiermonnikoog erbij worden dat er onherroepelijk nog wat meer.

Lagere aantallen

Soorten waarvan de aantallen duidelijk lager liggen zijn Scholekster, Kokmeeuw, Stormmeeuw, Zilvermeeuw en Visdief. Bij de Scholekster komt het voorlopige totaal op 82.000, wat al gauw een 100.000 minder zijn dan met de tellingen in 1996 en 2000 werden vastgesteld. Tot nu toe zijn 115.500 Kokmeeuwen doorgegeven. Dat komt overeen met augustus 2005, maar is bijna de helft van wat er in 1996 werd geteld. Bij Storm- en Zilvermeeuw vormen voorlopige totalen, resp. 46.000 en 35.000, slechts een derde van de aantallen in augustus 1996 en 2000. In het geval van de Visdief betreft het nog geen 2900. Dat komt al wel in de buurt van de 3100 in augustus 2000, maar staat in schril contrast met de 9800 in augustus 1996.

Krenten in de pap

Aan zogenoemde krenten in pap werden er 8 Kleine Zilverreigers geteld (Texel, Friese kust en Zuiderduin), 12 Slechtvalken, 1 Grauwe Franjepoot (Vlieland), 26 Kleine Jagers (1 op Noorderhaaks, rest op Vlieland), 2 Pontische Meeuwen (Texel) en 4 Geelpootmeeuwen (Texel). Bij Koehool (Friese kust) werd wederom de jaarlijks terugkerende groep Sneeuwganzen gezien (70 stuks), waarvan bekend is dat ze afkomstig zijn uit de omgeving van het Duitse Neuss waar ze broeden (Nordrhein-Westfalen).

Balans opmaken

Zodra de ontbrekende gegevens binnen zijn, kunnen we de balans echt opmaken en zien hoe groot het aantal Kanoeten en hoe laag de aantallen meeuwen in werkelijkheid waren. Later meer daarover. Eerst staat de integrale van september op het programma. Tellen maar weer!

Contact

Romke Kleefstra, romke.kleefstra@sovon.nl