Jacques van der Ploeg met jonge Boomvalk

Vogelteller in de Kijker | Jacques van der Ploeg

Samen met een actieve roofvogelwerkgroep in de Noordoostpolder volgt Jacques van der Ploeg al een aantal jaren Boomvalken. Een bijzondere roofvogel die nog veel geheimen bewaart, waar Jacques in de loop van de jaren steeds meer van te weten is gekomen.

Hoe ben je ooit in aanraking gekomen met Sovon?

In 2001 stond er bij ons in de krant een oproep: vrijwilligers gevraagd voor roofvogelonderzoek in Flevoland. In het voorjaar van 2002 heb ik hiervoor een cursus gevolgd. Dit heeft uiteindelijk geleid tot een werkgroep, en vanaf 2010 tot de Stichting Werkgroep Roofvogels Noordoostpolder. Tijdens de cursus kwam het Nestkaartproject van Sovon aan de orde, waarbinnen de nestgegevens worden gedigitaliseerd.

Hoeveel jaar doe je al mee aan het Nestkaartproject?                              

Dit jaar is het negentiende jaar. Volgend jaar is dus een mooi moment om de data op een rijtje te zetten. In 2002 begonnen we met vier succesvolle nesten van de Buizerd, één nest Haviken en twee nesten Sperwer. In 2020 brengen we meer dan 350 territoria aan roofvogels in kaart. Dit doen we met onze werkgroep die bestaat uit 22 vrijwilligers.

Waarom de Boomvalk?

Heb je even! Kijk maar eens goed naar de vogel. Een prachtige kleine roofvogel, die het silhouet van een gierzwaluw heeft. Indrukwekkend snel en wendbaar. De boomvalk maakt veel verschillende geluiden, elk met een specifieke betekenis. Ze jagen op libellen die ze in de lucht vangen, van de vleugels ontdoen en dan gelijk opeten.

Het verhaal achter de boomvalk is minstens zo bijzonder. Uit zenderonderzoek in Duitsland blijkt dat de Boomvalk helemaal naar het zuiden van Afrika vliegt, om precies te zijn naar Angola, een afstand van ongeveer 10.000 km. Ook het broedgedrag blijft boeien. De Boomvalk maakt zelf geen nest, maar is afhankelijk van andere vogels die een nest maken waar zij gebruik van kunnen maken. Boomvalken gebruiken vooral kraaiennesten. Door de komst van de Havik in het buitengebied zijn in eerste instantie de Zwarte kraaien vooral naar hoogspanningsmasten getrokken. De Boomvalk is hierdoor eigenlijk meeverhuisd.

Vaak hebben kraaien op het moment dat de boomvalken terugkomen zelf nog jongen. De Boomvalk neemt dan, zoals ik het noem, plaats in de ‘wachtkamer’. De jonge kraaien moeten eerst uitvliegen voor de Boomvalk plaats kan nemen. Ook maken de boomvalken gebruik van lege nesten van voorgaand jaar waar ze één tot drie, met uitzondering vier eieren kunnen leggen. Zowel de eieren als de jongen zijn erg kwetsbaar voor andere roofvogels.

Hoe gaat het tellen en monitoren van de nesten van Boomvalken in zijn werk?

In het voorjaar begin ik met het in kaart brengen van kraaiennesten in het bekende territorium van de boomvalk. Hierdoor weet ik alle potentiële plekken voor de boomvalk. Zo gauw de boomvalken terug zijn ga ik op een paar gebruikelijke plekken posten. Dit jaar was mijn eerste waarneming op 19 april, dat was 10 dagen eerder dan in 2019.  

Zo gauw ik in beeld heb waar de kraaien zitten dan laat ik het eigenlijk even voor wat het is. De Boomvalk zit nog in de wachtkamer, de man onderhoudt de vrouw en dat geeft mij de tijd om andere roofvogels te inventariseren. Het mannetje kan het vrouwtje vier á vijf nesten aanbieden, waarvan ze er uiteindelijk één zal kiezen. Gemiddeld legt het vrouwtje in de eerste week van juni de eieren. Op dat moment ga ik kijken voor welk nest ze gekozen heeft. Ik probeer de nesten af en toe te bezoeken, zodat ik weet dat ze nog bezet zijn. Met verrekijker en telescoop kijken lukt vaak wel goed om op afstand te kijken, maar soms is het niet gemakkelijk om met al het ijzerwerk te zien of ze op het nest zit.

Zodra de boomvalken op eieren zitten, kan ik uitrekenen wanneer ze jongen zullen hebben. Boomvalken broeden ongeveer 30 dagen op de eieren. Tegen die tijd ga ik weer terug om te zien of dit daadwerkelijk zo is en vul ik de gegevens voor Nestkaart in. De prooiaanvoer door de man is altijd spectaculair om te zien. Met een speciaal geluid roept hij het vrouwtje van het nest. Zij komt dan aangesneld om de prooi over te nemen.

Als ze net uit Afrika zijn, starten ze vaak met libellen. Maar zo gauw er jongen komen, gaan ze vaak over op vogels, zoals de boeren-, huis- en gierzwaluw, maar ook heb ik wel witte kwikstaart, grote bonte specht of veldleeuwerik gevonden. Ik verzamel vaak de veertjes bij het nest  om te kijken wat er op het menu staat. In de avondschemering kunnen ze zelfs op vleermuizen jagen.

Als de jongen de leeftijd hebben om geringd te kunnen worden gaan we met Tennet en de ringer in overleg om te kijken of we een ringactie kunnen organiseren. De ringer meet de jonge boomvalk en brengt zowel een metalen als een kleurring aan. De kleurring hoop ik in een volgend jaar af te kunnen lezen.

Uiteindelijk is de laatste waarneming dat de jongen uitvliegen en rond het nest het vliegen en de jacht leren, wat vaak tot prachtige vliegshows leidt.

Wat is je het meeste opgevallen de afgelopen jaren als je naar je nestkaartgegevens kijkt?

Ik ben nog niet zo heel lang met Boomvalken bezig, maar wat wel opvallend is dat de Boomvalk de bossen in de Noordoostpolder voor een groot deel verlaten heeft in ruil voor de hoogspanningsmasten. Ze lijken een stuk stiller dan voorheen, vooral in de eifase. Waarschijnlijk om de predatoren niet te laten weten waar het nest is. Wat ook opvalt is dat Boomvalken heel dicht bij elkaar kunnen broeden. Het is belangrijk dat er volop voedsel en nestgelegenheid is. Afgelopen jaren heb ik een paar keer gehad dat er boomvalken op masten broeden, zeg maar op mast 1 en 3 waarbij mast 2 bezet was door een torenvalk. Dit jaar heb ik zelfs drie masten naast elkaar die door boomvalken bezet zijn.

Heb je in de loop van de jaren ook veranderingen gezien in jouw telgebied?

De Slechtvalk is met een flinke opmars bezig. Slechtvalken broeden soms in de mast naast de mast waar de Boomvalk broedt. Of dit van grote invloed is op het broedsucces van de Boomvalk kan ik nog niet helemaal zeggen. Ik heb meegemaakt dat een Slechtvalk op de rand van het nest van de Boomvalk stond, de Boomvalk deed niets. Toch zijn er uit dit nest twee jonge boomvalken gevlogen. Als er een Havik in het territorium is, zijn het de vrouwtjes die als een bliksemschicht van het nest komen en de Havik achtervolgen met grote snelheid.

Wat vind je belangrijk dat er gebeurt met jouw gegevens?

Het is belangrijk dat mijn gegevens gebruikt worden voor het landelijk overzicht. Door organisaties, zoals Natuurmonumenten, Staatsbosbeheer, gemeentes en Tennet op de hoogte te brengen waar boomvalken broeden, kunnen zij er rekening mee houden. De soort is kwetsbaar en bedreigd. Her en der wordt er nogal eens een kraaiennest doorgeschoten, wat ook gevolgen kan hebben voor de boomvalk. Als de kraai verdwijnt, zal de boomvalk het nog lastiger krijgen dan dat hij het nu al heeft. Als we niet opletten zal het aantal nog verder afnemen. Toch zou ik het mooi vinden als er meer mensen zich bezig gaan houden met de boomvalk. Er is nog zoveel onbekend.

Welke bijzondere vogelervaring kun je je nog herinneren tijdens een van je bezoeken?

Naast de inventarisaties, ringen we ook jonge Boomvalken. In totaal hebben we de afgelopen jaren ongeveer 30 jongen van ring en kleurring voorzien. In 2016 werden er drie jongen geringd in een nest dat in een hoogspanningsmast zat. Het waren de eerste jonge boomvalken die geringd werden in de Noordoostpolder.

Twee jaar later zag ik een van deze vogels terug in een mast op 11,1 km van zijn geboorteplek. Zo’n terugvangst is een mooie ervaring die meteen weer nieuwe vragen oplevert. Het is belangrijk om te weten hoe de dispersie in elkaar zit. Maar ook of vogels de trek overleven en hoe oud ze worden?

Heb je nog goede tips voor beginnende tellers?

Ga er lekker op uit en laat je verrassen. Door soms op één plek langere tijd te gaan zitten, kun je wel eens iets zien wat je misschien niet eens verwacht had. Als de mogelijkheid er is, ga met iemand mee die ervaring heeft. Hij/zij kan je de ins en outs over hetgeen je gaat inventariseren precies vertellen.

Hoe inspireer en betrek jij nieuwe tellers voor onder andere de Stichting Werkgroep Roofvogels N.O.P.?

In 2011 en 2017 hebben we in de Noordoostpolder de cursus roofvogelinventarisatie gegeven aan geïnteresseerden. Als het theoriegedeelte achter de rug is, gaan we de natuur in om het in kaart brengen van roofvogelnesten onder de knie te krijgen. Door enthousiast te zijn over de natuur en ze te betrekken bij wat je doet kan het balletje doorrollen.

Onze werkgroep heeft wel wat naamsbekendheid gekregen in het land. We maken gebruik van camerastokken om in nesten te kijken, we kunnen naar eileg en jongen kijken en veel data boven water krijgen. De nieuwe tellers zijn hier ook enthousiast over en dat maakt het ook voor velen leuker om dan te inventariseren.

Kunnen we je ook volgen tijdens een telling via Sociaal Media? Twitter, Facebook?

Ik ben te volgen via Twitter, onder de naam @JacquesvdPloeg en ook op Facebook ben ik te volgen, zowel persoonlijk als op de facebookpagina Boomvalken in Nederland.

Juveniele Boomvalk | Foto: Jacques van der Ploeg