Dit jaar opvallend lagere aantallen geteld van de Tjiftjaf in MUS | Foto: Harvey van Diek

Twaalfde jaar MUS

Half juli is het dozijn getelde jaren van het Meetnet Urbane Soorten volgemaakt. Tot nu toe zijn 376.500 vogels ingevoerd van 168 soorten en 2.725 zoogdieren van 16 soorten. Wat zijn de eerste indrukken?

Door: Jan Schoppers, coördinator MUS

 

Deelname

Half augustus zijn van de eerste, tweede en derde al 648, 606 en 570 tellingen ingevoerd en dat zijn er meer dan vorig jaar rond deze tijd. Voor een deel komt dat omdat er meer tellers gebruik maken van de app Avimap. In 2017 was dat 21% en dit jaar 30%. Hierdoor ben je voor drie tellingen in een seizoen maximaal zes uur kwijt. Voor veel waarnemers is MUS daarom een aantrekkelijk telproject. Recent verscheen de nieuwsbrief met de eerste resultaten.

Eerste indrukken

Op basis van het gemiddelde aantal per postcodegebied is er een indicatie van 35 soorten gemaakt. Hierin is niet gecorrigeerd voor ontbrekende tellingen of onwaarschijnlijke aantallen dus het zijn voorlopige resultaten.

Voor de meeste soorten doen de eerste en tweede telling er om en een klein deel de tweede en derde. Maar liefst 18 soorten laten voor beide of één telling lagere aantallen (=>10% verschil) zien dan in 2017. Bij een aantal standvogels zoals Blauwe Reiger, Soepeend, Scholekster en Heggenmus kan dat het gevolg zijn van de koude periode de ‘Russische beer’ eind februari en begin maart.

Een aantal soorten watervogels lijkt geen last te hebben gehad van de koude periode waarbij de Waterhoen, vorstgevoelige soort, een opvallende is. Een aantal soorten die (deels) afhankelijk zijn van bomen laten een toename zien zoals Grote Bonte Specht, Halsbandparkiet en Koolmees. De uitbraak in de vorige twee jaar van Usutu-virus lijkt een wissel te trekken op de aantallen bij de Merel, maar de ziekte Het Geel leidt bij de Groenling niet tot lagere aantallen.

Door het mooie weer tijdens de derde telling zijn er veel Gierzwaluwen gezien maar dit kan ook komen doordat in de afgelopen jaren de reproductie goed was.

Tjiftjaf

De soort laat jaarlijks forse fluctuaties zien maar neemt al decennia toe. Overwinterd wordt er vooral op het Iberische Schiereiland en in Noord-Afrika. Dit jaar zien we zowel bij de eerste als de tweede telling opvallend lagere aantallen. De koude periode eind februari liet zijn tanden zien tot in Zuid-Europa. Waarschijnlijk zijn onze vogels overvallen door de ‘Russische beer’ tijdens het overwinteren of de trek. De eerst indrukken in het BMP laten ook dit beeld zien.

Meedoen of avond over MUS?

Sovon kan voor je vogelwerkgroep ook een avondvullend programma aanbieden over MUS. Tellen van stadsvogels is leuk om te doen, nuttig en de vele interessante resultaten van het project passeren de revue.