Bij zowel Tafeleenden als Kuifeenden is de geslachtsverhouding in Nederland uit balans. Foto: Richard Taylor Jones

Steeds meer mannetjes Tafeleenden

In de periode tussen 1989-1990 en 2016 is de verhouding tussen de geslachten van overwinterende Tafeleenden (Aythya ferina) in Europa gemiddeld verschoven van 62% naar 71% mannetjes, blijkt uit recent onderzoek gepubliceerd in Wildfowl. De verhouding is dus verslechterd.

Door Thijs Fijen

In januari 2016 hebben vele vrijwilligers in heel Europa en Algerije meer dan 100.000 Tafeleenden geteld en gekeken wat de verhouding man en vrouw was. Deze gegevens zijn vergeleken met eerdere tellingen in de januarimaanden van 1989 en 1990 in hetzelfde gebied. De conclusie is eenduidig: er zijn relatief meer mannetjes en de verhouding is over de jaren schever geworden. Dit betekent dat er vrouwtjes verdwijnen uit de populatie. Het volledige onderzoek (in Engels) is openbaar te lezen op de website van Wildfowl.

Vrouwtjes leven korter

Omdat Tafeleenden met een gelijke geslachtsverhouding uit het ei kruipen, moet de ongelijke balans tussen de geslachten een gevolg zijn van verschillen in overleving. Er zijn verschillende mogelijke oorzaken waardoor vrouwtjes eerder het loodje leggen dan mannetjes. Alleen de vrouwtjes broeden en dat leidt tot een verhoogde predatiekans op het nest. Daarnaast trekken mannetjes eerder naar de overwinteringsgebieden, en daar hoeven zo ook nog minder ver voor te vliegen. Opvallend aan de tellingen in 1989 en 1990 was dat de geslachstverhouding gelijker was in zuidelijkere landen: er overwinterden daar relatief meer vrouwtjes. In 2016 was de balans helaas veel meer gelijkend aan die van noordelijkere landen, zoals in Nederland. De exacte oorzaak is nog onbekend.

De situatie in Nederland

Nederlandse vrijwilligers van waarneming.nl en Sovon hebben ook een flinke duit in het gegevensbestand gedaan: in 2016 hebben ze in ruim twee weken tijd bijna 13.000 Tafeleenden geteld. Bijna 74% van de getelde vogels waren mannetjes, iets boven het Europees gemiddelde. Ook in Nederland is de situatie significant verslechterd, want in 1989-1990 was nog maar 65% van de bijna 10.000 getelde vogels een mannetje. Uit een recente steekproef kwam naar voren dat ook bij de Kuifeenden in Nederland een ongelijke geslachtsverdeling is: 62% van de 51.000 getelde vogels betrof een mannetje (bron: Sovon Nieuws 2017-2). Deze tellingen en geslachtsbepalingen zijn onmisbaar bij het constateren van dergelijke veranderingen en kunnen alleen met enorm veel vrijwilligers kunnen worden gerealiseerd. Waarvoor dank! In januari 2018 nemen we de Smient onder de loep: turf daar ook het aantal mannetjes en vrouwtjes van!

Figuur 1. Trends van de veranderende proportie mannetjes tussen de tellingen van 1989, 1990 en 2016. Positieve waarden (pijl omhoog) geven aan dat er relatief meer mannetjes waren in 2016, negatieve waarden (pijl omlaag) geven aan dat er relatief minder mannetjes waren in 2016. Statistische verschillen: *** = P <0.001, ** = P <0.01, n.s. = P > 0.05.