Aalscholver op nest | Foto: Harvey van Diek

Resultaten tellingen Roek, Blauwe Reiger en Aalscholver in 2018

Ondanks het zeer ontstuimige weer waarmee we te maken hadden in de eerste twee weken van maart laten de Roeken, Blauwe Reigers en Aalscholvers zich niet ringeloren. De kolonies worden rap bezet en elke dag kunnen zich nieuwe paren toevoegen aan de kolonies.

Door: Joost van Bruggen, coördinator kolonievogels

 

 

Hoogste tijd

Het is dus hoogste tijd om de kolonies te gaan tellen. Om de bezetting goed in kaart te krijgen is het zeker interessant om, indien mogelijk, een kolonie meerdere keren te tellen. Het aantalsverloop kan verrassend zijn. Zo neemt het aantal nesten in de Roeken-kolonies die ik zelf tel aanvankelijk snel toe, maar vervolgens worden er soms weer nesten afgebroken. Waarna er weer nesten bijkomen, opnieuw afgebroken worden tot uiteindelijk de boel stabiliseert. Tegen 20-25 april tel ik voor het laatst mijn kolonies. Vlak voor het blad het goede zicht op de kolonie onttrekt. Dat getal gebruik ik voor 2019. Doe jij het ook zo? Heel goed!

Noteer de datum

Als je geen tijd hebt voor meerdere tellingen, noteer dan altijd wel op welke dag je de telling hebt gedaan. Dat is voor ons van groot belang voor interpretatie van de cijfers. Dit kan via het online invoerportaal door onder 2019 te klikken op het blanco vakje; daarna komt er in het linker katern de mogelijkheid om de teldatum in te voeren. Sinds eind mei 2018 is het mogelijk om ook via de app van Avimap je kolonies te tellen. De teldatum komt dan automatisch mee.

Niet alle kolonies worden jaarlijks geteld. Hieronder wordt daar enige aandacht aan besteed. Kijk ook eens op de claimpagina, waar je de niet-getelde kolonies gemakkelijk kunt vinden.

Roek min of meer stabiel in 2018

Bij de Roek is tegenwoordig eigenlijk al sprake van goed nieuws als de landelijke situatie stabiel is gebleven. Dat was het geval in 2018, hoewel de aantallen landelijk met 1,8% afnamen, hetgeen neerkomt op 683 nesten. Toch zijn er uitzonderingen. In Limburg is 10% achteruitgang geconstateerd en voor de provincie Groningen is de afname berekend op 6%.

Als uitzondering op 'stabiel is goed' is er de provincie Friesland. De populatie Friese Roeken nam jarenlang toe. Stabilisatie kan in dit geval toeval zijn of het begin zijn van een afname… Hoe de situatie uiteindelijk in het broedvogelrapport van 2018 genoemd zal worden, hangt ervan af of we nog gegevens binnenkrijgen van de laatste 31 kolonies die wel bewoond waren in 2017, maar waarvan we tot op heden geen data mochten ontvangen. Voorbeelden zijn de pastorie Nijland (297 nesten in 2017), Afslag 17 Bolsward (130), Zwettebos Sneek (126) Rewert (45) en camping Pottem Offingawier (54).

In Gelderland lijkt de situatie stabiel in de 201 kolonies die in 2017 en 2018 geteld zijn. Echter, uit liefst 32 andere kolonies ontbreken tellingen uit 2018. Soms zelfs uit grote kolonies als Lochem vuilstort (253 nesten in 2017), Kerkhof Neede (225), Ammerzoden (194), woonwagenkamp Laren (112) en Sluisweg Moordhuizen (100).

Ook in Overijssel (2,2% vooruitgang) werden (22) kolonies niet geteld die wel bewoond waren in 2017. Dit geldt onder meer voor Hoge Achterhoek Colmschate (266 paren in 2017), Noorwegenstraat Deventer (190), Industrieterrein Genemuiden (142), Kasteel de Waardenborg (128), Deventerweg Holten (72) en Spoordijk Holten (60).

Landelijk ontbreken uit bijna 140 kolonies data uit 2018. Weet u zeker dat uw tellingen gebruikt worden voor trendberekeningen, verspreidingsbeelden en populatieschattingen? Controleer dit overzicht met kolonies waarvan we geen getallen hebben.

Ook de Roeken zijn weer volop aan het nestelen | Foto: Harvey van Diek

 

Blauwe Reiger, bijna 8% achteruit

De Blauwe Reiger deed, na twee jaren met stabiele populatiecijfers, een stap terug. In alle provincies werd de achertuitgang opgemerkt. Het is verleidelijk een verband te leggen met het late winterse weer in februari (en begin maart) 2018, waarbij 23 vorstdagen in De Bilt werden genoteeerd tegen 13 normaal. Eind februari was zelfs nog sprake van strenge vorst. Iets wat traditioneel negatief uitpakt voor de Blauwe Reiger.

De provincies die in negatieve zin het meest opvielen zijn Overijssel en Noord-Brabant. In Overijssel werden 42 kolonies in 2017 en 2018 onderzocht. In totaal werden hier 140 nesten minder geteld (-21%). Opvallend waren met name de verliezen in De Wieden: in de Bakkerskooi slechts 32 nesten (verlies van 51 nesten!) en in de Hoogwaterzone 23 nesten (tegen 69 in 2017). In de Hengforderwaarden kwam het totaal eveneens uit op 23 (2017: 39).

In Noord-Brabant was het verlies van soortgelijke grootte, -20% ofwel 104 nesten minder in 37 kolonies die in beide jaren geteld werden. De kolonie op de Eindhovense Golfbaan werd zelfs verlaten aangetroffen (2017:20). Bij Maurick, Vught, telde de kolonie met 36 paren er 18 minder. Aan de Fruitweg, Helenaveen, was het verlies ook stevig. Van de 32 paren in 2017 kwamen er 15 terug in 2018.

In het westen van het land was het niet beter gesteld met de Blauwe Reiger. Tezamen bedroeg de achteruitgang bijna 5% en het ging om niet minder dan 161 verdwenen esten. De kolonie in het Quackjeswater ZH was met 3 paren bijkans verlaten (2017: 27) en in het Heiloërbos NH is de kolonie gehalveerd naar 26 nesten. Of de rode cijfers nog kunnen worden omgezet naar zwart is twijfelachtig, maar feit is wel dat we uit Noord-Holland van 17 in 2017 bezette kolonies (176 nesten) nog geen data hebben ontvangen uit 2018. In Zuid-Holland ligt dit aantal op 21 kolonies (433 nesten).

De volledige lijst van kolonies waarvan we nog geen data hebben vind je in dit overzicht, gesorteerd op provincie. Kijk snel want zeer binnenkort sluiten we de balans van broedseizoen 2018 af.

 

Kolonie Blauwe Reigers in Artis | Foto: Harvey van Diek

 

Aalscholver: -7%

Helaas sluiten we af met wederom een soort die achteruit is gegaan in 2018, de Aalscholver.

Als we ons land opdelen in vier regios (Wadden, Delta, Noordzeekust NH & ZH en het binnenland) dan zien we alleen in het Waddengebied een stabiele populatie. Van de 11 bekende kolonies daar hebben we van 9 de data binnen van 2017 en 2018. Het verschil bedraagt slechts 16 nesten. Van Zuiderduin en De Muyplas ontvingen we geen telling.

In de Delta, goed voor 17 kolonies, ontvingen we van 13 kolonies gegevens uit beide jaren. Hieruit komt een achteruitgang van bijna 8% naar boven, een verlies van 142 nesten. Van een drietal kolonies met 165, 204 en 272 nesten in 2017 ontbreken nog data.

In ons land kennen we 12 kolonies die binding hebben met het IJsselmeer, Markermeer en de Randmeren. Al deze kolonies zijn in beide jaren geteld. In negatieve zin vielen vooral de Oostvaardersplassen (-826 paren) en Vogeleiland De Kreupel (-305) op. Dit werd enigszins gecompenseerd door een plus van 320 nesten bij de Vooroever, Onderdijk NH. Procentueel bedroeg de achteruitgang voor deze regio bijna 12%

De enige regio waar sprake was van een lichte vooruitgang is de Noordzeekustzone van Noord- en Zuid-Holland. Alle 22 bekende kolonies zijn geteld in 2017 en 2018. In Meijendel was de groei het sterkst met 28% ofwel bijna 200 nesten meer. In de noordelijker gelegen kolonies van Berkheide werd echter een verlies geconstateerd van 75 nesten in 3 kolonies. Wellicht is een deel naar Meijendel verhuisd? Nog iets verder naar het noorden, in het Zwanenwater NH, werd een kleine winst van bijna 11% (93 nesten) geboekt.

In het binnenland zijn, opgeteld, 45 kolonies te vinden. Daarvan werden er 36 geteld in beide jaren. De achteruitgang komt hier uit op 11%, dat staat voor 456 nesten minder. Net als de Blauwe Reiger levert de Aalscholver flink in in De Wieden. Het verlies komt uit op 16% (69 nesten). De grootste aderlating komt echter uit de Rottige Meente Fr. In 2017 nog goed voor 548 nesten, in 2018 kwam de teller niet verder dan 388. Van de Crobsche Waard bij Haaften Gl, Haarzuilens Ut, Weipoort en Zoetermeer ZH en de Deurnese Peel NB ontbreken telresultaten.