Juveniele en adulte Lachstern. Foto: Fred Visscher/Waarneming.nl (cc)

Primeur! Simultaantelling slaapplaatsen Lachsterns

Lachsterns doen al decennialang ons land aan in de nazomer met Noord-Holland als belangrijkste pleisterplaats. In 2012 werd zeer verassend in Groningen een tweede pleisterplaats ontdekt rond Nieuwe Pekela. Vanaf dat moment zijn verschillende vogelaars op pad geweest om de slaapplaats van deze vogels te zoeken.

Door Olaf Klaassen, coördinator Slaapplaatstellingen

In 2014 hebben we er in Sovon-Nieuws een verhaal aan gewijd. Wij schatten toen in dat de Dollard de meest kansrijke plek zou zijn, ondanks dat het meer dan 20 kilometer vliegen zou zijn.

Bingo!

Dit jaar was het eindelijk zo ver. Nota bene een stel Zeeuwse vogelaars ontdekten eind juli op de voorspelde plek een flinke club van minimaal 32 Lachsterns. Dat waren er een stuk meer dan overdag bij elkaar werden gezien. Dat bevestigde ons andere vermoeden: dat het herkomstgebied groter is dan alleen rond Nieuwe Pekela. Op de avond van de ontdekking werd ook bij Balgzand geteld maar de Lachsterns waren daar (nog) niet aanwezig. Een week later was het raak op beide plekken. Ditmaal was de telpost bij de Dollard bemand door echte Grunningers en konden de 11 getelde vogels worden opgeteld bij de 27 die gelijktijdig bij Balgzand werden genoteerd. De optelsom van 38 Lachsterns was - niet verassend - meteen hoger dan het seizoensmaximum op Balgzand van de afgelopen jaren (2013: 33, 2014: 25 en 2015: 28). Weer een week later waren op Balgzand 19 vogels aanwezig. De Dollardslaapplaats kon helaas niet worden bemand, maar de minimaal 5 vogels die overdag bij Pekela werden gezien lieten zien dat er nog steeds Lachsterns in Groningen aanwezig waren (zie tabel).

Datum Blagzand (NH) Dollard (Gr) Totaal
29 juli 0 >32 >32
5 augustus 27 11 38
12 augustus 19 >5* >24

Tabel 1. Lachsterns in Nederland tijdens simultane slaapplaatstellingen in 2016  

(* telling overdag)

Broedsucces

Bij sterns is het vrij eenvoudig om jonge vogels van volwassen te onderscheiden. Het jongenpercentage is een bruikbare maat voor het broedsucces. De in 2016 tijdens de slaapplaatstellingen waargenomen exemplaren (n=100) laten een aandeel van 31% juveniel zien. Dat duidt op een prima broedseizoen, en is vergelijkbaar met het langjarig gemiddelde van 33% in 1988-2002, toen in Noord-Holland vrij intensief is geteld.

Structurele tellingen

Het is een goede zaak dat de monitoring van deze zeldzame stern met de vondst van de Dollard slaapplaats een nieuwe impuls heeft gekregen. De enige plek in Noordwest-Europa waar nog Lachsterns broeden is de Neufelderkoog aan de Duitse Waddenkust (ca. 30 paar). Afgaande op de bij ons getelde aantallen trekt minimaal 30% van deze vogels via de pleisterplaatsen in Nederland naar het zuiden. De aantallen in Groningen pieken eerder dan bij Balgzand. Dat doet vermoeden dat het om dezelfde vogels gaat. Op grond van losse waarnemingen overdag (waarneming.nl) is het niet aannemelijk dat zich elders in ons land nog een groep Lachsterns ophoudt. Met frequente simultane tellingen op beide slaapplaatsen, in combinatie met aflezingen van gekleurringde vogels, zal duidelijk moeten worden welke aandeel van de Duitse broedpopulatie bij ons doortrekt, en of de Groningse vogels inderdaad doorschuiven naar Noord-Holland voordat ze naar het zuiden vertrekken.