Ontwikkeling van haas en konijn binnen Dagactieve Zoogdieren (BMP/MUS)

Bij het meetprogramma Dagactieve Zoogdieren telt een (toenemend) deel van de deelnemers aan de meetprogramma’s BMP en MUS de zoogdieren die ze in het veld tegenkomen. Het gaat daarbij alleen om levende individuen, dus niet om sporen of dode dieren.

 

Door: Vilmar Dijkstra (Zoogdiervereniging) & Tom van der Meij (CBS)

 

Vorige keer hebben we jullie de ontwikkelingen rond dit meetnet laten zien in aantal plots per jaar en ligging van die plots over Nederland. Daarnaast hebben we de indexen en trends van eekhoorn en egel laten zien. Deze maand zijn haas en konijn aan de beurt. Deze twee soorten zijn afgelopen maanden veel in de belangstelling geweest vanwege hun opname op de nieuwe Rode Lijst van Nederlandse Zoogdieren. Haas en konijn zijn sinds 1950 met 60 tot 70% afgenomen. Omdat deze soorten nog algemeen voorkomen, worden ze ingedeeld in de laagste categorie, zijnde gevoelig. Op de Rode Lijst komen naast haas en konijn opvallend veel andere soorten voor van het agrarische gebied. Bij vogels wordt eenzelfde trend waargenomen.

Haas

De afname van de populatie hazen na de start van de tellingen in 1997 is in Nederland sinds 2003 aanvankelijk omgebogen naar een herstel, maar na 2013 is de populatie afgenomen (figuur 1; n= 2513). Ondanks dat er sprake is van herstel in 2019 is er over de gehele periode landelijk sprake van een matig afnemende populatie. In de meeste provincies is de populatie over de periode 1997-2019 stabiel (figuur 2). Drenthe, Groningen, Zuid-Holland en Limburg laten echter over de gehele periode een matige afname zien, evenals in het rivierengebied, bos, hogere zandgronden, duinen en kwelders. Verslechtering van de situatie is te zien in Groningen, waar de beoordeling in 2018 nog stabiel was en in 2019 een matige afname is geworden. In Utrecht is de matige afname van 2018 veranderd in een onzekere beoordeling. In Zuid-Holland is de laatste twaalf jaar sprake van een stabiele populatie. Evenals in een aantal fysisch-geografische regio’s en begroeiingstypen. In Noord-Holland, Gelderland, Overijssel en moeras is er de laatste twaalf jaar sprake van een matige afname. In Drenthe is in de laatste twaalf jaar sprake van stabilisatie.

 

Figuur 1. Indexen van de aantalsontwikkeling van de haas in Nederland in de periode 1997-2019 (bron: ZV/CBS).

 

Figuur 2. Trend van haas in de periode 1997-2019 in Nederland, de provincies, fysisch-geografische regio’s en begroeiingstypen. Weergegeven zijn de richtingscoëfficiënt van de trendlijn en de 95% betrouwbaarheidsinterval.

 

Konijn

Voor de gehele periode (1997-2019) is er sprake van een matig afnemende populatie in Nederland (figuur 3, n=1582). Bij het konijn is sprake van een neerwaartse trend in de beginjaren van de tellingen, waarna de populatie vanaf 2003 weer opkrabbelt. Deze daling weerspiegelt de effecten van de virusziekte RHD (soms ook afgekort als VHS), die in het begin van de jaren ’90 voor het eerst in ons land werd gesignaleerd. De situatie is na 2014 weer verslechterd. Deze afname komt waarschijnlijk op conto van een nieuwe variant van het RHD-virus (RHDV-2). Voor de laatste 12 jaar (periode 2008-2019) is er inmiddels sprake van een sterke afname.

In figuur 4 staan de lange termijn trends in de verschillende provincies, fysisch-geografische regio’s en begroeiingstypen weergegeven. Daarin valt op dat er grote verschillen bestaan in de trend per regio, type of provincie. Zo laat het rivierengebied en de stedelijke omgeving een matige toename zien, terwijl op de zeeklei en in Gelderland juist sprake is van een matige afname. In een aantal provincies en regio’s is de situatie ten opzichte van het voorgaande jaar verslechterd. Zo is in het agrarische gebied en de hogere zandgronden de beoordeling van stabiel in 2018 naar matige afname in 2019 gegaan. In Limburg van matige toename in 2018 naar stabiel in 2019. Opvallend genoeg laat het rivierengebied juist een verbetering zien van stabiel in 2018 naar matige toename in 2019. Onzekere beoordelingen in 2018 zijn veranderd in een matige afname in Noord-Brabant en een matige toename in laagveen.

De konijnentellingen in het duingebied door vrijwilligers van Sovon (BMP) geven voor de periode van 1997-2019 een stabiele situatie weer en voor de afgelopen 12 jaar een afname. Diezelfde recente afname in de konijnenpopulatie in de duinen is eveneens waar te nemen bij de tellingen van konijnen door de duinbeheerders, die sinds 2006 door de Zoogdiervereniging worden gecoördineerd. Daarbij is ook over de al veel langer lopende onderzoeksperiode bij deze tellingen (1984-2019) al sprake van een matige afname, omdat daarin ook de afname door RHD in de jaren ’90 tot uitdrukking komt. Wat nog wel opvalt is dat de tellingen op de Waddeneilanden zowel volgens BMP (periode 1997-2019) als volgens de tellingen van de duinbeheerders (periode 1993-2019) een matige toename laten zien. Vermoedelijk is de Waddenzee een forse barrière voor overdracht van het RHD/RHDV-2 virus van het vasteland naar de Waddeneilanden.

 

Figuur 3. Indexen van de aantalsontwikkeling van het konijn in Nederland in de periode 1997-2019 (bron: ZV/CBS).

 

Figuur 4. Trend van konijn in de periode 1997-2019 in Nederland, de provincies, fysisch-geografische regio’s en begroeiingstypen. Weergegeven zijn de richtingscoëfficiënt van de trendlijn en de 95% betrouwbaarheidsinterval.

 

Verdere uitbreiding van het meetprogramma

Enkele maanden geleden kregen we een bericht van de kennisorganisatie Grauwe Kiekendief – Kenniscentrum akkervogels. Zij coördineren een meetprogramma waarbij naast akker- en graslandvogels ook zoogdieren zoals haas en ree worden meegenomen. We zijn nu samen aan het kijken of de gegevens geschikt zijn om in het meetprogramma Dagactieve Zoogdieren op te nemen. Daarvoor gaat het CBS enkele analyses uitvoeren. Dit kan na de recente toevoeging van de zoogdiergegevens uit MUS een volgende belangrijke uitbreiding zijn voor dit meetprogramma.

Aankomende nieuwsbrieven zullen we de andere soorten de revue laten passeren. We hopen dat jullie allemaal ook dit seizoen de zoogdiergegevens blijven invoeren. Mocht je nog niet meedoen, dan willen we je vriendelijk verzoeken om ook de zoogdiergegevens door te gaan geven. Bepaalde soorten zoogdieren, zoals konijn, zijn tenslotte ook van belang om trends bij vogels te kunnen duiden.