Jonge vogelaar zonder gehoorproblemen.

Nog eens: oudere vogelaars en gehoor

Een recent bericht op onze site over ouder wordende vogelaars en mogelijke gehoorproblemen zorgde voor de nodige reacties. Het inzichtelijk maken van de relatie tussen slechter horen en afnemende registratie van hoge piepjes sprak blijkbaar aan.

Maar sommige media vereenvoudigden de boodschap wel wat rigoureus. “De jaarlijkse vogeltellingen kloppen mogelijk niet” aldus een grote ochtendkrant. Dat is natuurlijk bezijden de waarheid.

Sprinkhaanzanger en Goudhaan

Ook bij een ouder wordend waarnemerscorps ligt het immers niet zo zwart-wit. Eventuele gehoorproblemen spelen alleen maar mee bij een deel van de tellingen (vooral van broedvogels in bossen en moerassen) en dan maar voor een deel van de soorten (met hoge geluiden); ze gelden ook ook maar voor een deel van de tellers. Heel wat oudere vogelaars horen nog heel goed ‘beruchte’ soorten als Goudhaan en Sprinkhaanzanger! En als ze er problemen mee beginnen te krijgen, zijn onze tellers gewoonlijk zo gewetensvol om dat zelf aan te kaarten. “Ik stop ermee, want mijn gehoor gaat achteruit”, we hebben het vaker vernomen.

Verjonging

Niettemin neemt Sovon deze materie serieus. Een mogelijkheid om te onderzoeken in hoeverre er sprake is van een probleem, is het naast elkaar leggen van telreeksen van oudere en jongere vogelaars. Vertonen die, wat de ‘lastiger’ soorten betreft dezelfde trend? Los daarvan besteden we ook, om vele redenen, aandacht aan de ‘verjonging’ van het tellerscorps.

Even terzijde: de vastgestelde trends van Goudhaan en Sprinkhaanzanger vertonen jaarlijkse verschillen die uitstekend te verklaren zijn uit effecten van winterweer (Goudhaan) en regenval in de Sahel (Sprinkhaanzanger). Er is geen sprake van een verdacht dalende trend…

Geen reden dus om te twijfelen aan de uitkomsten van de jaarlijkse vogeltellingen.