Jonge Huismussen worden gevoerd. Katwijk aan Zee, 5 juni 2015. Foto: René van Rossum

Nieuwe MUS-indexen beschikbaar

In de broedtijd vogels tellen in de stad? Veel vogelaars moesten er niet aan denken. Dat was destijds precies de reden om het MUS (Meetnet Urbane Soorten) in het leven te roepen.

Er kwamen namelijk onvoldoende gegevens binnen om een vinger aan de pols te houden van stadsvogels. En dat in het dichtstbevolkte land ter wereld, waarin de stedelijke omgeving zich nog voortdurend uitbreidt. Het MUS is een laagdrempelig project waarin tellers met een geringe inspanning een belangrijke bijdrage kunnen leveren.

Negen jaar MUS

MUS heeft inmiddels zijn negende seizoen achter de rug, waarin de tellers bijna 400.000 vogels noteerden op de vaste telpunten. In de komende Sovon-Nieuws komt een artikel over de resultaten. We kunnen alvast verklappen dat de balans licht negatief is. Er zijn nogal wat soorten waarmee het in het stedelijke milieu niet goed gaat, waaronder hele gewone als Merel, Zanglijster en Winterkoning. Daar staat een toename tegenover van andere, zoals de Putter. Verheugend is het lichte herstel van de Huismus.

Aandacht voor Stadsduif

Een van de soorten die in aantal achteruit hobbelt is de Stadsduif. Hierover verscheen onlangs dit bericht op Naturetoday. Het is een soort die vaak verward wordt met gedomesticeerde duiven. "Vogelaars, vogelbestrijders en het grote publiek zijn geneigd beide geringschattend op één hoop te gooien" aldus de vorige atlas uit 2002. Sindsdien is wel wat veranderd (al kan het bij twijfel geen kwaad nog eens deze FAQ na te lezen). De Stadsduif kan zelfs een interessant studie-object zijn, getuige bijvoorbeeld dit gedegen artikel over de Groningse Stadsduiven.

Indexen en meedoen

Wie de MUS-indexen wil bekijken kan hier terecht. MUS kan altijd nog enthousiastelingen gebruiken. Kijk op de claimpagina voor vacante gebieden in jouw omgeving. Binnenkort begint het tiende veldseizoen MUS!