Bontbekplevier krijgt ring. Foto: Peter de Boer

Kustbroedvogels krijgen kleurringen

Veel vogels die langs onze kust broeden hebben het zwaar. Soorten als de Kluut, Bontbekplevier en Visdief brengen bijna ieder jaar te weinig jongen groot in de Waddenzee. Dit leidde tot een speciaal actieplan voor de broedvogels in de Waddenzee. Met het project Wij & Wadvogels worden de komende jaren maatregelen genomen om de kwetsbare populaties te helpen. Op verschillende andere plekken wordt het beheer nog beter afgestemd op broedvogels. Sovon onderzoekt samen met partners het broedsucces en de nieuwe vestigigingen van vogels aan de hand van kleurringen.

Zijn de maatregelen effectief?

Kustbroedvogels zijn pioniers. Ze zoeken ieder jaar de beste plekken op om te nestelen en die liggen niet altijd op dezelfde plek. Broedplaatsen spoelen weg, open plekken groeien dicht en ergens anders verschijnen nieuwe broedeilanden. Om na te gaan of beschermingsmaatregelen helpen, worden broedparen geteld en nesten en families gevolgd. Zo kunnen we nagaan hoeveel nesten succesvol zijn en hoeveel jongen er groot worden. Daarnaast worden ook vogels voorzien van kleurringen. Er zijn veel vrijwilligers die deze ringen aflezen. Met de aflezingen kunnen we de verplaatsingen tussen broedgebieden in kaart brengen. Niet alleen binnen de Waddenzee, maar ook tussen gebieden in het IJsselmeer en de Delta, eveneens regio's waar belangrijke aantallen kustbroedvogels broeden.

Eén van de volwassen Kluten die een combinatie van kleurringen kreeg. Foto: Peter de Boer

Nieuwe vestigingen

Een belangrijke vraag is of volwassen broedvogels zich op nieuwe broedlocaties gaan vestigen. Of dat vooral de jonge vogels nieuwe plekken opzoeken. Aflezingen van kleurringen stellen ons bovendien in staat om na te gaan hoeveel vogels overleven. In combinatie met het aantal vliegvlugge jongen levert dat belangrijke inzichten in de 'gezondheidstoestand' van de verschillende broedpopulaties, en dat weer mede in relatie tot de genomen maatregelen: waren die effectief, werden ze op de juiste locatie genomen of is het nodig om een andere aanpak te kiezen?

Gemeenschappelijke ringinspanning in 2020

Met financiële ondersteuning van Vogelbescherming Nederland werkt Sovon Vogelonderzoek Nederland samen met Deltamilieu Projecten, Lowland Ecology Network en enkele vrijwilligers om op verschillende plekken broedvogels te ringen. Op de Waddeneilanden, langs de Groningse Waddenkust, in het IJsselmeergebied en in de Delta zijn dit voorjaar meer dan 150 Kluten, meer dan 50 Bontbekplevieren en zeker 40 Strandplevieren gekleurringd. Daarnaast werden bijna 300 Visdieven, 18 Noordse Sterns en meer dan 30 Dwergsterns uitgerust met kleurringen. Van deze pioniersoorten zijn de sterns uitgesproken wereldreizigers. Dat blijkt wel uit de bevindingen van vrijwilligers Jacob Jan de Vries, Harry Horn en Jan Vegelin. Ze vingen verschillende Visdieven op Terschelling die in de winter langs de kust van zuidelijk Afrika waren geringd. Noordse Sterns trekken nog verder.

Jonge Strandplevier tijdens het ringen op de Marker Wadden en op 3 juli op de Slikken van Flakkee. Dankzij de ring weten we dat hij zich al meer dan honderd kilometer verplaatste. Er broeden hooguit 135 paar Strandplevieren in ons land. Dit jaar zijn meer dan 40 individuen geringd. De vogels ondervinden geen last van de vlaggetjes. Foto: Jan van der Winden, Pim Wolf

Eerste verplaatsingen

De geringde vogels verlaten nu de broedplaatsen en kunnen op allerlei plekken opduiken. Zo werd bijvoorbeeld al een jonge Strandplevier op 3 juli op de Slikken van Flakkee gezien die op 28 mei als kuiken op de Marker Wadden was geringd. Vanwege de vele nieuw geringde vogels loont het dus de moeite op verzamelplaatsen met de telescoop de pootjes af te turen. Ben je op vakantie in Zuidwest-Europa let dan ook op. Een in de Delta geringde adulte Strandplevier zat op 12 juli al in Noordwest-Spanje!

Vogel met een kleurring gezien?

Vogelaars die een Kluut, plevier of stern met een of meerdere kleurringen zien, kunnen het ringproject opzoeken op cr-birding.org. Nog eenvoudiger is om de app BirdRing te gebruiken, waarmee je de aflezing direct in het veld in het juiste format kunt invoeren. Betreft het een vogel van het wadvogelproject, dan gaat de melding vanuit de app meteen naar de database. Op dit moment zijn nog niet alle ringgegevens van afgelopen voorjaar in het systeem ingevoerd, maar dat gaat snel gebeuren. Als dat is gebeurd krijg je ook de hele ‘life history’ van de afgelezen vogel te zien in de app. Je kunt de projectvogels ook invoeren via de website submit.cr-birding.org.

Door je melding van een geringde vogel door te geven, draag je bij aan kennis over onze kwetsbare en bedreigde kustbroedvogels.