Klapekster. Foto: Peter Eekelder

Klapekstertelling winter 2013-2014 in Losser

De Klapekster is als broedvogel in Nederland uitgestorven, maar op de doortrek en als wintergast worden ze af en toe waargenomen. Vogelwerkgroep Losser doet sinds 2007 mee aan de Landelijke Klapekstertelling, om zo een beeld te krijgen van de verspreiding van Klapeksters binnen haar werkgebied.

Door Ben Hulsebos

Landelijke telling

De overwinterende Klapeksters hebben winterterritoria van gemiddeld 50 ha, meestal in heide- en hoogveengebieden. Ze zitten graag boven in struiken en bomen op zoek naar voornamelijk muizen, maar ook wel naar vogels, amfibieën, reptielen en insecten. Deze prooien worden op doornen of scherpe takjes gespietst of klem gezet in een vork van een tak. Hoewel de Klapekster tot de zangvogels behoort, gedraagt hij zich als een roofvogel. Het aantal overwinteraars in geheel Overijssel wordt geschat op 23-30 Klapeksters.

Waarneming.nl is in november 2007 een landelijke klapekstertelling gestart om de verblijfplaatsen en de overwinterende aantallen goed in beeld te krijgen. Daartoe werden vogelaars en vogelwerkgroepen opgeroepen om potentiële overwinteringsplaatsen van Klapeksters tijdens twee telweekenden in hun omgeving te bezoeken om Klapeksters op te sporen. Vogelwerkgroep Losser heeft daar ook sinds 2007 medewerking aan verleend. Tegenwoordig wordt deze telling in een samenwerking tussen waarneming.nl en Sovon georganiseerd. De potentiële klapekstergebieden die in Losser worden onderzocht zijn: Oelemars, Omleidingskanaal/Lutterzand, Punthuizen, Beuninger Achterveld, Strengeveldweg, Zwartkampsweg en Stroothuizen. Het merendeel van de gebieden wordt beheerd door SBB.

Bespreking van de strategie door de telgroep (foto Ben Hulsebos)


Begrazingsprojecten positief voor Klapeksters?

Op 21 december 2013 op de eerste telling van dit seizoen werden er in het kader van deze klapekstertellingen 2 Klapeksters binnen de gemeente Losser waargenomen. De telomstandigheden waren dit jaar ongunstig met veel wind (5 Bft) en zwaar bewolkt weer Gelukkig was het wel droog. De beide Klapeksters werden in het Beuninger Achterveld waargenomen. De scherpe ogen van ons jeugdlid Niklas zagen als eerste de Klapekster. Deze vogel was druk aan het foerageren bij het begin van het middenpad. Van de tweede werd alleen nog de schedel met snavel en wat losse veren gevonden. Waarschijnlijk is deze Klapekster door een Havik of Sperwer gepredeerd. Deze vogel was al op 15 december gevonden en gefotografeerd. De beide locaties lagen ongeveer 500 m uit elkaar op de heide in en bij het begraasde deel van het Beuninger Achterveld. Tegenwoordig is er een discussie gaande over de vraag of begrazingsprojecten van invloed zijn voor de overwintering van Klapeksters vanwege een hoger voedselaanbod door de mest van de grazers. Het lijkt er hier inderdaad op dat dit waarheid bevat, want het vrijgekomen winterterritorium was binnen een week bezet door een tweede Klapekster.

De tweede telling vond plaats op 25 januari 2014 onder gunstige weersomstandigheden. Helaas werden er bij deze telling geen Klapeksters waargenomen en moesten we ons behelpen met een Blauwe kiekendief, 4 Grote Zaagbekken en 4 Grote Zilverreigers.

Levende Klapekster (foto Ben Heerink) en dode Klapekster (foto Herman Kamphuis)

Aantal Klapeksters per winter in de onderzoeksgebieden in Losser
2007-2008 2008-2009 2009-2010 2010-2011 2011-2012 2012-2013 2013-2014
3 4 2 2 3 1 2

 

Alle klapekstertellers worden voor hun telwerk bedankt door de organisatoren van de Klapekstertelling: Waarneming.nl en Sovon.

Contact

Ben Hulsebos, benhulsebos@home.nl