Brandganzen verblijven 's winters langer in Nederland

Ganzensymposium: feiten op een rij

Het overwinteren van ganzen in Nederland blijft de gemoederen bezighouden. Daarom brachten de Nederlandse Ornithologische Unie en de Fryske Akademie vrijdag 19 mei de feiten bijeen op een symposium over ganzen. Ook onderzoekers van Sovon deelden daar hun kennis, met name over veranderingen in aantallen en verspreiding van overwinterende ganzen in Nederland de afgelopen 10 jaar. 

"Het terugbrengen van het aantal overwinterende ganzen in Friesland is mogelijk. Maar er zitten veel haken en ogen aan, waarschuwen wetenschappers", aldus de Leeuwarden Courant in hun bericht over het symposium. Monitoren is cruciaal volgens de onderzoekers. De stand moet steeds goed worden bijgehouden, zodat effecten van de vele factoren die van invloed zijn op de populatie kunnen worden gevolgd, zoals effecten van klimaatverandering en predatie.

Effect bescherming

In de jaren '70 werden verschillende ganzenpopulaties in hun bestaan bedreigd. Bescherming heeft effect gehad. Het is zelfs zo succesvol geweest, dat er nu regelmatig geklaagd wordt over een teveel aan ganzen: ze veroorzaken teveel schade doordat ze met teveel op het verkeerde moment op de verkeerde plaatsen zijn. De schadebedragen nemen maar toe, terwijl de aantallen ganzen al enige jaren niet meer toenemen. 

Presentatie Sovon

Hoe moeten we in de nabije toekomst omgaan met het overwinteren van ganzen in Nederland? Welke antwoorden biedt de wetenschap ons anno 2017? "Op dit symposium laten we de feiten spreken", aldus de organisatie. Sovon-onderzoekers Julia Stahl en Kees Koffijberg presenteerden tijdens het symposium de veranderingen in aantallen en verspreiding van overwinterende ganzen in ons land. Bekijk de presentatie 'Contrastrijke ontwikkelingen bij overwinterende ganzen in Nederland in de afgelopen 10 jaar'

Ontwikkelingen overwinterende ganzen Nederland Sovon Julia Stahl Kees Koffijberg

Aantallen en verspreiding ganzen

Nederland is een internationale mainport voor overwinterende en doortrekkende ganzen. Van vijf van de veertien ganzenpopulaties in Noordwest-Europa, verblijft de helft of meer 's winters in ons land. Momenteel gaat het om zo'n 2,1 miljoen ganzen. Rond 1980 waren dat nog een half miljoen.

Naast de absolute groei van aantallen zijn er ook enkele soorten die 's winters langer in ons land verblijven; ze komen eerder aan (Kolgans) of vertrekken later in het voorjaar (Brandgans).

Deze ontwikkelingen passen in een algehele toename van ganzen in zowel Europa als Noord-Amerika. In tegenstelling tot weidevogels en andere boerenlandvogels, hebben ganzen succesvol ingespeeld op het rijke voedselaanbod dat de modernde landbouw ze in toenemende mate biedt.Tegelijkertijd verbeterde de bescherming in veel landen. Vooral de grauwe gans en de brandgans breiden zich nog steeds uit. Hun aantal vormt een toenemende aandeel van de wintergroepen. 

De Taigarietgans en Kleine Rietgans bezoeken ons land daarentegen minder. Veel soorten komen bovendien met steeds minder jongen uit de Arctische broedgebieden terug, een indicatie dat de aantallen daar door natuurlijke omstandigheden worden gereguleerd. 

Bundeling kennis over ganzen

Informatie rondom aantallen en verspreiding van winter- en zomerganzen evenals resultaten van recent onderzoek aan demografie en habitatkeuze van ganzen en evaluatierapporten rondom beheer van ganzen is terug te vinden op www.sovon.nl/ganzen