De aantallen Kolganzen en Brandganzen bleken tijdens de midwintertelling toch op volle sterkte aanwezig. Foto: Albert de Jong

Ganzen in januari tóch op volle sterkte

In het najaar van 2017 werden er veel minder ganzen dan in de najaren ervoor geteld. Middenin de winter blijken de aantallen ganzen weer op volle sterkte te zijn. Dat blijkt uit een steekproef uit de midwintertelling van halverwege januari. Van Kolgans en Grauwe Gans werden gemiddelde aantallen gezien. Brandgans en Toendrarietgans waren zelfs iets algemener.

Voor de watervogelnieuwsbrief zette Kees Koffijberg een grote steekproef uit de midwintertelling van afgelopen januari af tegen de langjarige gemiddeldes (2007-2016) van de aantallen ganzen. Zo'n tweeduizend waarnemers gingen halverwege de maand op pad in hun watervogel-, midwinter- of ganzen-zwanentelgebieden. Uit die tellingen blijkt dat de meeste ganzensoorten nu op volle sterkte aanwezig zijn. 

Kolgans en Grauwe Gans op normale sterkte

Tot laat in het najaar bleven de aantallen Kolganzen achter op het langjarige gemiddelde. Een eerste analyse van aflezingen van halsbanden laat zien dat Kolganzen die in oktober-december nog in Duitsland zaten, deels naar Nederland zijn doorgevlogen. Het onderstaande grafiekje laat een steekproef (geen totalen!) uit januari zien, afgezet tegen het langjarige gemiddelde in januari. De Grauwe Gans laat het hele seizoen al vrij gemiddelde aantallen zien.

Figuur 1. Aantallen uit steekproefgebieden 2017/2018 (staven) afgezet tegen het langjarige gemiddelde (zwarte lijn). De inhaalslag in januari is goed te zien.

Iets meer Toendrarietganzen en Brandganzen

Vanaf november bleken de aantallen Toendrarietganzen en Brandganzen op sterkte te komen. In januari werden er iets meer gezien dan in de afgelopen winters. Brandganzen worden vooral in Friesland, Groningen en de Delta veel geteld. Toendrarietganzen hebben hun winterbolwerken in de akkergebieden van Drenthe en Groningen.

Figuur 2. Aantallen uit steekproefgebieden 2017/2018 (staven) afgezet tegen het langjarige gemiddelde (zwarte lijn). Vanaf december gingen de aantallen door het gemiddelde heen.

Kleine Zwaan en Kleine Rietgans veel minder

Twee soorten laten een steeds minder traditioneel patroon zien: de Kleine Zwaan en de Kleine Rietgans. Kleine Zwanen blijven in milde winters steeds vaker noordoostelijk overwinteren, in Duitsland dus. Dat gebeurt ook nu. Kleine Rietganzen hebben een heel eigen dynamiek en kiezen steeds vaker om in Denemarken te blijven of daar al heel snel naar terug te keren. In Nederland verschuiven ze steeds vaker van grasland naar akkers met maïsresten. Zulke veranderingen laten zien hoe belangrijk het is om watervogels jaarlijks op internationaal niveau te blijven monitoren.