Veldleeuwerik. Berkheide, 15 februair 2015. Foto: Sjaak Schilperoort (trektellen.nl)

Eerste golf Veldleeuweriken

Half februari, zonnig weer, stijgende temperaturen overdag...en de eerste Veldleeuweriken. Voornamelijk trekkers, al zullen er ook wel zingende vogels gehoord zijn.

De trektellers noteerden behoorlijke aantallen op plekken waar gestuwde voorjaarstrek plaatsvindt. Op 15 februari ging het aan de IJmeerdijk bij Almere om 1445 trekkers (met rond 1000 ex. binnen een uur tijd), op 16 februari om 2287 bij de Groningse Noordkaap (deels verzamelend op akkers en daarna in groepen tot 150 laag vertrekkend).

Voorjaarsaantallen
Dat zijn voor deze tijd van het jaar mooie aantallen. Op stuwingspunten als Breskens en de Noordkaap worden wel eens tot 4500 trekkers genoteerd, maar dat is dan in de eerste twee weken van maart, wanneer normaliter de grootste klap valt. Op telposten met breedfronttrek ben je in het voorjaar al blij met een paar honderd Veldleeuweriken.

Geslacht gescheiden trekperiode
Een inmiddels 75 jaar oude analyse van vuurtorenslachtoffers aan de Nederlandse kust gaf aan dat de voorjaarstrek wordt geopend door mannelijke Veldleeuweriken. Dit kan al eind januari beginnen. Vrouwtjes verschenen pas vanaf half februari en waren na begin maart dominant onder de slachtoffers. Het zou interessant zijn om te weten of dit beeld nog actueel is. 

Standvogel of trekker
In de winter zijn Veldleeuweriken door het hele land aan te treffen, zij het bijna nergens in grote aantallen. Kijk bijvoorbeeld op de voorlopige verspreidingskaart van de nieuwe Vogelatlas. Onderzoek aan gezenderde vogels op het Aekingerzand door Arne Hegemann en anderen toont aan dat onze broedvogels deels in de directe omgeving overwinteren, deels ook wegtrekken. Ze worden in de winter aangevuld door noordelijke vogels.