Gierzwaluw. Foto: Jan Bus

Een gierzwaluw gelokt in het buitengebied

Vogels houden zich niet altijd aan de regels die wij voor ze bedenken. Zo wordt de gierzwaluw altijd gezien als een uitgesproken stads- en dorpsvogel. Onze boerderij ligt op de ruimte, ruim 300 meter buiten een klein dorp, en toch ben ik er in geslaagd om binnen twee jaar een broedsel in een nestkast te krijgen.

Door Jan Bus, Belt Schutsloot (Overijssel)

Voorkeuren van de Gierzwaluw

Ik lees vaak dat een gierzwaluw een vrije aanvliegroute naar een tenminste op 4-5 meter hoogte gelegen nest moet hebben. Ik weet in de buurt een gierzwaluwnest in een gat in een muur op 2.3 meter hoogte. Er staan twee gebouwen op 2 meter afstand van elkaar en de aanvliegroute wordt ook nog belemmerd door een boom. En toch heeft die gierzwaluw dat gat tussen die twee gebouwen gevonden. Het kan natuurlijk zijn dat er sprake is van woningnood en ze dan niet zo kieskeurig zijn en heel snel een nieuwe broedgelegenheid zoals ik die geboden heb accepteren.

Nestkasten voor Gierzwaluwen

Onze boerderij staat op de ruimte in het natuurgebied De Wieden vlak bij het dorp Belt Schutsloot. Insecten te over in de omringende moerasgebieden. Een aantrekkelijk foerageer gebied voor alle insecten etende vogels. In het dorp hoor en zie je veel gierzwaluwen. Ruim de helft van de bebouwing is echter riet gedekt en biedt daardoor weinig mogelijkheden voor nesten en zeker niet voor gierzwaluwen. Maar er zijn wat oudere steile pannendaken of vervallen schuren met geschikte nestholtes waar de gierzwaluw terecht kan.

In 2011 hebben wij onze boerderij gesloopt en vrijwel geheel vernieuwd. Ik heb vooraf naar het pannendak gekeken maar ik vond het niet steil genoeg om een aantal gierzwaluwpannen op de noordzijde van het dak te leggen. Het wordt  te warm onder die pannen als het dak goed is geïsoleerd. Daarom heb ik gekozen voor een dubbele nestkast onder een ruim overstek aan de oostgevel van de boerderij. Helemaal volgens de regels: alleen de vroege ochtendzon, 5 meter hoogte en een geheel vrije aanvliegroute. Alhoewel ik het verhaal van die aanvliegroute met een korrel zout neem. Ze zijn wendbaar genoeg. Ik zag een keer een van de zwaluwen van grote hoogte op hoge snelheid verticaal naar beneden komen om daarna met een kort bochtje de kast in te duiken. Het is een dubbele nestkast die ik op maat heb getimmerd ongeveer volgens het ‘model Zeist’.

De Gierzwaluwen lokken

Half april 2012 heb ik hem aan de gevel geschroefd (zie foto). Op die foto zie je ook een kleine speaker hangen waarmee ik lok geluiden afspeel.

De nestkasten onder het overstek aan de oostgevel. Eronder hangt het speakertje. Aan de linkerkant is een broedje geweest. Onder het overstek komen in 2014 nog twee van deze kasten. Foto: Jan Bus
 

Dat afspelen deed ik meestal in de ochtend tussen 8 en 10 uur en in de avond tussen 6 en 9 uur. Er kwamen vaak gierzwaluwen op af. Soms als ik buiten was kon ik zien dat de kast werd geïnspecteerd. Op de dun houten kast hoor je ze goed met een ‘plok’ landen en naar binnen duiken. Dat gaat in een fractie van een seconde, heel anders dan andere vogels die op een tak landen of in een nestkastje gaan. Die zie je echt afremmen en landen. Bij gierzwaluwen is het bijna een verdwijntruc, alleen een vertraagde opname kan laten zien hoe ze afremmen, landen en naar binnen duiken. Het zag er veelbelovend uit voor 2013 want ik had gelezen dat je eerst bezoek krijgt van de nieuwe generatie die, als je geluk hebt, het volgende jaar dan tot broeden komt. Eind februari 2013 heb ik de ingangen van de nestkasten met een houtje geblokkeerd want ik wil er geen spreeuwen in. Wel drie keer ben ik opnieuw met een ladder tegen de gevel geklommen, want de spreeuwen zagen kans om die houtjes er elke keer weer uit te peuteren. Voor spreeuwen (mijn favoriete vogel) heb ik andere kasten getimmerd, maar kennelijk is die oostgevel met dat grote overstek een toplocatie. Ik hield de vogeltelpost Breskens in de gaten om te bepalen wanneer ik de toegang weer zou openen. Woensdag 24 april 2013 maakte ik de toegangen vrij en heb ik de speaker weer aan de gevel gehangen. De spreeuwen hadden hun nesten inmiddels elders gezocht.

Het eerste broedpaar

Weer speelde ik dagelijks een paar uur de lokgeluiden. Na enkele weken had ik het vermoeden dat een broedpaar in een van de kasten zat en ben ik gestopt met de lokgeluiden. En inderdaad half juli verscheen er af en toe een bleek koppie van een jong voor de vliegopening. Het was gelukt ☺☺. Wij werden regelmatig getrakteerd op spectaculaire giervluchten vlak langs de oostgevel.

Met de hittegolf in 2013 zaten wij aan de noordkant van de boerderij lekker in de schaduw op drie meter afstand van de oostgevel. En dan komen ze met wel 100 km per uur voorbij gieren. Je hoort dan ook de vleugels suizen. Dat smaakt naar meer. Komende winter timmer ik nog twee kasten die ook onder het overstek komen te hangen. Zo heb ik dan ruimte voor 6 broedparen. Daar kan ik wel een paar jaar mee vooruit en anders is er nog een westgevel met een nog ruimer overstek.

Contact

Jan Bus, janbus123@kpnmail.nl