Kwartel, uitsluitend in de diepe schemer goed te tellen. Foto: Harvey van Diek

Broedvogeltellers nog even doorbijten

Als juni aanbreekt, gaan de laatste loodjes voor de broedvogeltellers soms zwaar wegen. Heel vroeg opstaan, of juist slaapgebrek doordat er 's nachts achter de vogels aangezeten moet worden. Maar wel nog een mooie tijd voor de boeg.

Het broedseizoen zit er voor sommige vogelsoorten wel ongeveer op, voor andere is het net begonnen. De maand juni is nog belangrijk voor broedvogeltellers, en ook in juli en de eerste helft van augustus kan nog veel zinvol veldwerk worden gedaan.

Moeras-, kust- en nachtvogels
Vooral in moerasgebieden is juni nog een cruciale maand. De nodige zangvogelsoorten komen pas in mei op volle sterkte aan en zijn in juni prima te tellen; denk aan soorten als Kleine Karekiet en Bosrietzanger. In de kustgebieden, zeker in het noorden van het land, is juni van groot belang voor het tellen van meeuwen, sterns en andere al dan niet in kolonies broedende soorten. Ook voor nachtvogels is juni een prima maand. Nachtzwaluwen, rallen, Kwartel, Kwartelkoning, verschillende uilen en andere nachtvogels zijn goed te inventariseren.

Uitloop tot in augustus
Om soorten als Wespendief en Boomvalk in kaart te brengen, moet je eind juli en vooral de eerste weken van augustus niet missen. Ze zijn dan door voedseltransport (Wespendief) en fel gedrag bij het nest (Boomvalk) opvallender dan eerder in het seizoen. Kijk wel op de Telrichtlijnen van Wespendief en Boomvalk om te weten waarop je moet letten. Begin augustus kunnen ook Huiszwaluwen nog geteld worden. Late broedsels van Grauwe Klauwieren vliegen pas halverwege die maand uit.

Kortom
Voor wie de korte nachten bezwaarlijk beginnen te worden: nog even de tanden op elkaar zetten. Er wacht nog een spannende tijd vol mooie belevenissen.