Broedvogelrapport 2019 verschenen

Broedseizoen 2019 volgde op een zachte winter met warmterecords. Dat was te merken aan de opleving van vorstgevoelige soorten. De IJsvogel populatie was in het voorgaande jaar door een koudegolf gehalveerd, maar kon nu weer herstellen. Ook de Vuurgoudhaan leek te profiteren van de milde winter en zette zijn recente opmars door.

De lente en zomer van 2019 waren droog en warm en werden getekend door maar liefst drie extreme hittegolven met temperaturen boven de 40°C. Die extreme warmte tijdens de zomer had vermoedelijk een negatief effect op het broedsucces van de Gierzwaluw, die beter gedijt bij gematigde weersomstandigheden. De Grauwe Klauwier deed het daarentegen juist erg goed, mede door de warme zomer.

Natura 2000-gebieden

Nederland telt bijna 80 Natura 2000-gebieden met instandhoudingsdoelstellingen voor (broed)vogels. In een deel van die gebieden wordt minstens de helft van de doelen voor broedvogels gehaald, zoals de Veluwe en Nieuwkoopse Plassen. Vooral Nachtzwaluw, Draaihals, Zwartkopmeeuw en Grote Zilverreiger doen het in de Natura 2000-gebieden goed.

In de meeste gebieden ging het echter niet zo goed met de vogelstand. Zo werd er in 45 gebieden voor de helft van de broedvogels de instandhoudingsdoelstellingen niet gehaald. Daarnaast bereikten enkele soorten in geen enkel gebied het streefgetal, waaronder de Grote Karekiet, Blauwe Kiekendief, Bontbekplevier, Kluut en Grote Stern.

Bijzondere broedgevallen

Met de aanleg van de Marker Wadden kwamen ook een aantal bijzondere broedgevallen. De Bonte Strandloper en Dwergmeeuw kwamen hier tot broeden, evenals een primeur voor ons land: de IJseend.

In Groningen vond de tweede succesvolle broedpoging van een paar Steppekiekendieven plaats en de Visarenden in de Biesbosch brachten ook weer jongen groot, waarmee het totaal uitgevlogen jongen over de afgelopen jaren op 12 komt. Na een aantal slechte jaren had de Blauwe Kiekendief met 13 paar weer een kleine opleving.

Grote Bonte Specht

Een van de soorten die het in Nederland voor de wind gaat is de Grote Bonte Specht. De aantallen sinds 1990 bijna verdubbeld en in sommige gebieden zelfs verzevenvoudigd, zoals in het boerenland van Laag-Nederland. Uitbreiding van het bos en verstruweling van open gebieden dragen hier aan bij.

De projecten Constant Effort Sites (CES) en Nestkaarten helpen de aantalsontwikkeling te verklaren. Uit de 272 beschikbare nestkaarten blijkt dat 69% van de spechtennesten succesvol is, met gemiddeld 3.6 jongen per nest. Daarnaast lijkt de overlevingskans van de Grote Bonte Specht behoorlijk te zijn toegenomen, waardoor een steeds groter deel van de vogels terugkeert om te broeden.

Duizenden uren telinspanning

We hebben deze inzichten over de Nederlandse broedvogels kunnen krijgen door de inspanning van meer dan 3000 vrijwilligers. We willen die daarom graag bedanken!

Het rapport is ook hier te downloaden.