Foto: Julian Bosch

Bijna 100 Kwartelkoningen geteld

Tijdens twee telweekenden in juni werden tientallen Kwartelkoningen geregistreerd. Na een dieptepunt van 41 roepende vogels vorig jaar, staat de teller momenteel op bijna 100 roepende vogels.

Door Jan Schoppers

Dat weten we dankzij de inzet van zeker 150 tellers die in de nachtelijke uren op pad gingen. Geteld zijn de belangrijkste gebieden voor de Kwartelkoning: het Rivierengebied, de beekdalen in Drenthe, Friesland en Groningen en het Oldambt. 

De waarnemingen zijn doorgegeven op de speciale website, aangevuld met gegevens van waarneming.nl en andere telprojecten van Sovon. Nieuwe meldingen en aanvullende waarnemingen kunnen nog steeds worden ingevoerd. 

Aantallen en verspreiding

Voorlopig zijn er 97 roepende mannetjes doorgegeven. Een belangrijk deel (42%) is vastgesteld in Groningen, met een concentratie in het Oldambt (28%). Op enige afstand volgen het rivierengebied incl. Zwarte Water en Vecht (15%), Drenthe (14%) en Friesland (7%). 

Na het dieptepunt in 2017 (41) zit dit jaar weer in de lijn van de 2013-16, toen er jaarlijks rond de 100 werden geteld. Vanaf 1990 varieerden de jaarlijkse aantallen tussen 100 en bijna 800 roepende vogels of broedparen.

Bescherming

Kwartelkoningen arriveren pas laat (mei en juni) uit de overwinteringsgebieden. Ze broeden vooral in hooilanden, maar ook in akkers en ruigten. In hooiland en akkers kunnen ze alleen succesvol broeden als het maaien of oogsten wordt uitgesteld tot 1 augustus of later. In samenwerking met de Collectieven, natuurbeheerders en agrariërs kon ook dit voorjaar een groot aantal roepplekken gespaard worden voor uitmaaien. Hierdoor kunnen één of twee legsels van de soort uitkomen en de jongen opgroeien in een beschermde omgeving.