Zowel jonge (foto) als volwassen Tapuiten worden voorzien van kleurringen om ze individueel herkenbaar te maken. Foto: Harvey van Diek

12 jaar onderzoek aan de Tapuiten van de Noordkop

De duinen tussen Den Helder en Callantsoog herbergen ongeveer 20% van de Nederlandse broedpopulatie van de Tapuit. Dit voorjaar volgt Sovon hier voor het 12e jaar de aantallen, het broedsucces en de overleving van deze Tapuiten. We kijken daarbij ook naar de  relatie met de beheermaatregelen die worden uitgevoerd om de soort te behouden. Over de resultaten tot nu toe verscheen zojuist een artikel in het tijdschrift De Levende Natuur.

Door Chris van Turnhout

Van bron…

Toen we in 2007 met het onderzoek begonnen, waren in de Noordduinen nog behoorlijke aantallen Konijnen aanwezig. Virusziekten die de Konijnenstand laten crashen leken aan dit gebied voorbij te gaan. Konijnen voorzien Tapuiten van nestgelegenheid (holen), maar vooral ook van kortgrazige duingraslanden waar ze goed uit de voeten kunnen om te foerageren. De Tapuiten deden het goed en er was sprake van een geboorteoverschot: er werden meer dan voldoende jongen groot om de populatie op peil te houden. 

…naar put

Regelmatige doken gekleurringde jongen op als broedvogel in andere duingebieden, zoals het Noord- Hollands Duinreservaat en Texel. Snel daarna stortte de konijnpopulatie alsnog in. Dit leidde tot een afname van geschikt habitat door vergrassing en predatie (door Vossen, later ook marters). Werden tot 2012 jaarlijks hooguit een handjevol nesten gepredeerd, in de jaren daarna liep dat snel op, tot minimaal 15 in 2015. Dit resulteerde in een geboortetekort, maar dankzij aanvulling van buiten bleef de aantalsafname beperkt.

Terreinbeheer en nestbescherming

Waren maatregelen om vergrassing tegen te gaan aanvankelijk nauwelijks nodig, na de konijnencrash veranderde dit. Landschap Noord-Holland experimenteerde met verschillende maatregelen om het leefgebied voor Tapuiten te verbeteren. Kleinschalig chopperen, eventueel in combinatie met schapenbegrazing in de winter, lijkt daarbij succesvol te zijn. Daarnaast passen we tijdens het onderzoek nestbescherming toe tegen predatie: we voorzien de nestingang van een stuk gaas, waarvan de Tapuiten geen hinder ondervinden. Dit blijkt effectief tegen Vossen, maar niet tegen marters.

Hoe verloopt dit seizoen?

Op dit moment lijkt het aantal vrijgezelle mannelijke Tapuiten weer wat hoger dan in voorgaande jaren. Die hebben dus geen nest. Het goede nieuws is echter dat we nog maar één gepredeerd nest tegen zijn gekomen (afkloppen!) en dat er ook terreindelen zijn waar de aantallen licht toenemen.