Mijn moment: Sander Elzerman

Sander Elzerman
Sander Elzerman in Gambia

Op de Landelijke Dagen komen vogelaars van diverse pluimage, maar het aandeel hardcore tellers ligt altijd hoog. Hoe ervaren zij deze bijeenkomsten?  Aan het woord is Sander Elzerman, 29 jaar, en onder meer Atlas DC voor Zuid-Holland.

Hoe ik begon met tellen

Mijn vader  (Ton Elzerman) was al lang actief als vogelaar en teller voor Sovon. Na mijn geboorte  raakte het vogelkijken van mijn vader tijdelijk wat op de achtergrond. Dat veranderde rond mijn zesde levensjaar. Mijn vader nam me mee naar buiten, naar de vogels en ik was verkocht.

Snel hierna, in de winter van 1991/92, werd het al serieuzer. Bij mijn woonplaats Ridderkerk ligt een zoetwatergetijdengriend, het Gorzengriend en dat werd ons telgebied. Eerst kwamen de watervogels en in 1994 werd het landgoed van Huys ten Donck gekozen als broedvogel-onderzoeksgebied, ook in het kader van het BMP van Sovon. Het heeft enige regionale faam vanwege zijn kolonie Blauwe Reigers (tot zo’n 130 nesten). Bovendien komen er soorten voor als Bosuil, Boomklever en Grauwe Vliegenvanger.

Veranderende interesse?

De beide generaties Elzerman ontlopen elkaar nog weinig, wat betreft de scherpte bij vogelgeluiden, al ben ik natuurlijk wat scherper bij nieuwe piepjes. Nu, na zo veel jaren tellen, wordt het vogels kijken wel anders. Ikzelf ben fanatieker in de eigen omgeving geworden, ben veel op excursie.

Mijn vader gaat tegenwoordig vaker op vogelreis, verder weg. Dit past trouwens aardig in het algemene beeld van het vogelaarscorps in Nederland! Dat geldt misschien ook voor de verbreding van de horizon: we kijken nu ook naar andere soortgroepen zoals vlinders en libellen.

Landelijke Dagen

Ik  kom  sinds eind jaren negentig op de Landelijke Dag. In het begin was de vaste stek de mooie Vereeniging in Nijmegen. Mijn vader en ik  gingen daar samen naartoe, met andere leden van de vogelwerkgroep.

Er valt altijd veel te ontdekken, tijdens de lezingen, maar ook steeds meer bij de vele stands. Naarmate ik ouder werd, wilde ik natuurlijk ook wel eens wat kopen. En dan was het handig als mijn vader  in de buurt was...

Voor ons veranderde de Landelijke Dag in de loop der jaren wel wat. We zochten in toenemende mate ook wel  gezelligheid, het contact met andere vogelaars. Die sociale component is in de loop der jaren alleen maar groter geworden.

Inspirerende lezingen

Ik heb weinig Landelijke Dagen overgeslagen, alleen als het met vakanties of zo niet helemaal goed uitkwam. Ik neem altijd bijzondere inspiratie mee terug naar huis, naar aanleiding van sommige lezingen. Zo was er  jaren geleden een verhaal  over Bastaardarenden in Polen, hoe die zich in die omgeving  gedragen. Heel eenvoudig eigenlijk, een onderzoek dat je  op die manier ook in je eigen regio kunt  uitvoeren met andere soorten.

Ook het verhaal over gezenderde Visarenden, van Raymond Klaassen, bleef me bij. Intrigerend hoe je met nieuwe technieken zo veel informatie visueel kunt maken, hoe je als het ware mee kunt vliegen met zo’n soort. Maar verhalen vanuit lokale vogelwerkgroepen moeten ook blijven op de Landelijke Dag. Hoe eenvoudig ook, ze zijn  belangrijk. Het is niet erg dat het programma van de Landelijke Dag tegenwoordig zo vol is, maar het verhaal vanuit de VWG’s moet wel een plek blijven houden. Al zijn de meer ‘universitaire’ verhalen natuurlijk vaak regelrecht fascinerend.

Steeds groter en drukker?

De Landelijke Dag is tegenwoordig wel een stuk drukker dan toen ik er voor het eerst kwam. Ik vind dit nu nog niet storend, al kan ik me voorstellen dat, als alles nog groter en uitgebreider wordt, het oorspronkelijke doel van de Landelijke Dag  wordt weggeduwd. De vroegere kleinschaligheid had ook zijn voordelen.

Het moet zeker niet een soort intern Vogelfestival worden. Laat dat publiek maar lekker naar Flevoland trekken. Zo mogelijk zou je het Vogelfestival met wat meer inhoudelijke symposia voor de algemeen geïnteresseerden aantrekkelijker kunnen maken, waardoor de Landelijke Dag  niet veel verder hoeft uit te groeien. Het is natuurlijk wel geweldig dat uit het succes  blijkt, dat het vogels kijken nog steeds aan populariteit wint. Maar hou de oorspronkelijke pijlers onder de Landelijke Dag intact!

De timing van de dag is overigens ook een deel van het succes. Ga vooral niet naar het voorjaar toe, veel te veel andere dagen strijden dan al om de voorrang.

Thijs Kramer
Kop van de Kwartelkoning die werd gevonden tijdens de Landelijke Dag aan de voet van de Erasmustoren

Verrassing

Hoe leuk de Landelijke Dag ook is, het betekent wel een dag binnen zitten. Maar zelfs dat levert wel eens vogelverrassingen op.  Op de Landelijke Dag van 2011, op 26 november, bij de Radboud Universiteit in Nijmegen, vielen mijn vrienden en mij enkele prooiresten op aan de voet van de ‘talenflat’, naast de ingang. Een blik naar boven leverde de dader op: een Slechtvalk.

Dezelfde dag werd deze Slechtvalk nog ‘beroemd’ door de door Joost Nijkamp gevonden kop van een Kwartelkoning. Het was leuk om te zien hoe de meer fanatieke vogelaars direct buiten de deur het zwerk afspeurden, op zoek naar deze soort, terwijl andere druk met elkaar liepen te praten. Voor ieder wat wils.

Sander Elzerman