Ganzen ringen

De verplaatsingen van overwinterende ganzen (en zwanen) worden gevolgd met individuen die gemerkt zijn met hals- en of pootringen. Deze zijn in het veld afleesbaar met een telescoop. De aflezingen kunnen doorgegeven worden op www.geese.org. Het onderzoek naar de verplaatsingen van Nederlandse broedvogels spitst zich toe op de Grauwe Gans en in toenemende mate ook de Grote Canadese Gans. Dat aan de Grauwe Gans wordt hieronder toegelicht.

Doel onderzoek

Grauwe Ganzen in Nederland zijn deels strandvogel en trekken deels weg naar zuidelijker gelegen winterkwartieren. Tegelijk vindt er vanuit Noord- en Oost Europa toestroom plaats naar ons land. Een deel van deze vogels overwintert hier. Het ringonderzoek richt zich vooral op de volgende vragen:

  • Hoe verspreiden Nederlandse Grauwe Ganzen zich buiten het broedseizoen; is er sprake van locale populaties (die bijv. ook verantwoordelijk zijn voor eventuele landbouwschade in de directe omgeving van hun broedplaats), of verspreiden de vogels zich over een ruime omgeving, of trekken ze zelfs geheel weg.
  • Hoe ontwikkelen zich overleving en sterfte van de geringde ganzen.
  • Welke factoren bepalen de populatiegrootte in een gebied (zie ook Habitat en beheer)

Ringinspanning

Inmiddels zijn sinds 1990 op zo’n 30 plaatsen meer dan 4000 Grauwe Ganzen geringd. Het zwaartepunt ligt in de provincies Groningen, Gelderland, Noord- en Zuid-Holland en Limburg. Van de geringde vogels zijn meer dan 200.000 aflezingen ontvangen. Ganzen in de zuidelijke helft van Nederland overwinterden voor het grootste deel binnen 10 km van de ringplaats. Ganzen uit Noord-Nederland vertonen duidelijk meer verplaatsingen en werden in het Oostzeegebied en in Spanje gemeld. In 2010 zijn ganzen met speciale GPS-loggers uitgerust, die het mogelijk maken de lokale verplaatsingen van de standvogels een jaar lang nauwkeurig te volgen.

Populatiemodellen

De levensloop van de geringde ganzen is belangrijk om de jaarlijkse sterfte en overleving te kunnen bepalen. Deze informatie kan samen met andere gegevens in populatiemodellen worden gebruikt om na te gaan onder welke scenario's de aantallen verder zullen groeien of juist stabiliseren of afnemen. In samenwerking met o.a. Alterra wordt een dergelijk populatiemodel voor Nederlandse Grauwe Ganzen ontwikkeld. Sovon werkt zelf aan een model waarbij op lokaal niveau een populatie kan worden gemodeleerd.

Financiering en samenwerking

Het ringen van ganzen is door de jaren heen door verschillende organisaties financieel mogelijk gemaakt. Belangrijkste financiers zijn de Provincie Limburg, Provincie Groningen en het Faunafonds. Bij de uitvoering van het veldwerk wordt ondersteuning verleend door een groot aantal terreinbeheerders en enkele honderden vrijwilligers.

Veelgestelde vragen

Soms roept het gebruik van plastic halsbanden vragen op. Menigeen vraagt zich af waar dit nu goed voor is en of de ganzen er last van hebben. Lees hier mee vragen en antwoorden