Broedbiologie en overleving Bontbek- en Strandplevier Van 1999 tot en met 2002 is gedurende het broedseizoen in opdracht van het RIKZ populatieonderzoek gedaan aan de Bontbekplevier en de Strandplevier in de Delta. Het veldwerk is uitgevoerd in een groot aantal gebieden. Het onderzoek richtte zich op reproductie, overleving, dispersie en emigratie. De verzamelde gegevens zullen door het RIKZ worden gebruikt voor het opstellen van populatiemodellen. In totaal zijn tijdens deze studie 571 nesten van Bontbekplevier gevonden. Het aantal uitgevlogen jongen per paar neemt in de periode 2000-2002 af. Het gemiddelde uitvliegsucces ligt op 0,48 jong per paar per seizoen. Van de Strandplevier zijn tijdens deze studie 558 nesten gevonden. Het uitkomstsucces wisselt van jaar tot jaar. Het gemiddelde uitvliegsucces ligt op 0,29 jong per paar per seizoen. Voor de overlevingsanalyse zijn 312 gekleurringde Bontbekplevieren gebruikt. De gemiddelde overleving van juveniele Bontbekplevieren in de periode van broedseizoen 1999 tot broedseizoen 2002 is 32,1 ± 6,4% per jaar, tegen 74,1 ± 4,5% voor adulte vogels. Bij de Strandplevier zijn voor de overlevingsanalyse 302 gekleurringde individuen gebruikt. De gemiddelde overleving van juveniele Strandplevieren in de periode van broedseizoen 1999 tot broedseizoen 2002 is 22,2 ± 5,9% per jaar, tegen 72,4 ± 5,0% voor adulte vogels. De dispersie en emigratie van de Bontbekplevier is kleiner dan van de Strandplevier. De dispersie en emigratie van eerstejaarsvogels is voor beide soorten groter dan van adulte broedvogels. Contactpersoon: . Rapportage Bontbek- en Strandplevier in het Deltagebied
|