Vogels zijn dagelijks in het nieuws. De gegevens over aantallen en verspreiding die worden genoemd, zijn vaak direct of indirect door SOVON verzameld en/of gebundeld.
Regelmatig brengt SOVON zelf of samen met andere organisaties nieuwsberichten over de toestand van de vogels naar buiten.
Perswoordvoerder is . Voor vragen over een persbericht of een nadere toelichting kunt u of bellen op 024-7 410 410.
Hieronder een overzicht van de uitgebrachte persberichten:
|
2010
|
|
Lepelaars weten de Gelderse Poort te vinden
|
 |
|
Eerste broedpoging ooit in regio Gelderse Poort
OOIJ - Wie de laatste maanden door de Ooijpolder fietst, moet het opvallen. Die grote witte vogels met lange poten die met hun snavel door het water heen en weer bewegen. Het zijn lepelaars en die hebben het erg naar hun zin in de Gelderse Poort. Zó goed zelfs, dat ze dit jaar voor het eerst in de geschiedenis van de Gelderse Poort een broedpoging hebben gedaan op een eilandje in de Oude Waal.
Eind mei nam een vogelaar waar dat twee lepelaars in de wilgen op het eiland in de Oude Waal aan het paren waren op een soort van nest. Om niet meteen ruchtbaarheid aan dit geval te geven werden de vorderingen de eerste dagen stil gehouden. Het ouderpaar sleepte met takken om het nest af te maken en vervolgens zaten ze er weken op. Het was vanaf de openbare weg nauwelijks zichtbaar en velen zijn er ongemerkt aan voorbij gefietst. Het paar kon op die manier ongestoord broeden.
Helaas bleek het nest bij een controle eind juli leeg, terwijl er tegen die tijd allang jongen hadden moeten zijn. Kleine stukjes eierschaal maakten duidelijk dat er tenminste eieren zijn geweest, maar dat de jongen niet zijn uitgekomen. Het ouderpaar is zeer waarschijnlijk vertrokken na de zware storm van eind juli, waardoor het nest scheefgezakt is.
Deze broedpoging is een kroon op het werk van o.a. Staatsbosbeheer en Vogelwerkgroep Nijmegen. Het gebied is blijkbaar zo geschikt geworden dat lepelaars zich er thuis voelen. Met spanning wordt het komend voorjaar afgewacht in de hoop op een nieuwe broedpoging. Het eilandje kan met gemak meerdere nesten herbergen.
De exemplaren die nu in de Gelderse Poort aanwezig zijn zullen naar alle waarschijnlijkheid in het najaar vertrekken naar Afrika om daar te overwinteren.
(pdf 30 kB)
|
 |
 |
|
Hoge waterstanden maken de kwelders steeds onveiliger als broedplaats
|
 |
|
Afgelopen zaterdag 19 juni jl. werden op veel plaatsen in het waddengebied tijdens een extreem hoog getij de nesten en jongen van duizenden op de kwelder broedende vogels door de zee verzwolgen. Precies één dag eerder verscheen in het wetenschappelijke tijdschrift Journal of Applied Ecology een artikel waarin wordt aangetoond dat zulke catastrofale overstromingen de afgelopen decennia steeds vaker voorkomen, en dat dit belangrijke gevolgen kan hebben voor de populaties van verscheidene wadvogelsoorten.
Kwelders zijn buitendijkse gebieden die in de zomer voor veel karakteristieke vogelsoorten een belangrijke broedplaats zijn. Het onderzoek door Nederlandse en Duitse onderzoekers laat zien dat klimaatverandering en zeespiegelstijging leiden tot frequentere en steeds extremere hoogwaterstanden. Dit gebeurt vooral in de maanden juni en juli, wanneer de meeste eieren op het punt van uitkomen staan.
Voor het volledige persbericht zie de PDF hiernaast.(pdf 39 kB)
|
 |
 |
|
Rupsenplaag hangt samen met stikstofdepositie
|
 |
|
Het zal weinig natuurliefhebbers ontgaan zijn, grote delen van de Nederlandse eikenbossen worden momenteel kaalgevreten door vlinderrupsen van onder andere Bladrollers en Kleine en Grote Wintervlinders. Opmerkelijk is dat Zomereiken in delen van de Veluwe gespaard blijven terwijl deze in andere delen van het land wel volledig kaal worden gevreten. Vooral Zomereiken op voormalige stuifzanden zitten nog goed in het blad. Deze stuifzanden zijn van nature zeer voedselarm. Onderzoekers van Stichting Bargerveen hebben ontdekt dat de mate van stikstofdepositie een rol speelt bij het al dan niet ontstaan van de rupsenplaag. Voor het volledige persbericht zie de PDF hiernaast.(pdf 122 kB)
|
 |
 |
|
Blauwe Reiger maakt vrije val
|
 |
|
In Nederland hebben de Blauwe Reigers na de strenge winters van midden jaren negentig hun kolonies in relatief korte tijd weer kunnen opbouwen tot rond de 14.000 paren aan het begin van deze eeuw. Sindsdien waren de aantallen jarenlang stabiel. Met de intrede van de relatief strenge winters van 2008/09 (vooral Oost-Nederland) en 2009/10 (hele land), de koudste in veertien jaar moet je al snel vrezen voor de bekende vorstgevoelige soorten: IJsvogel, Kerkuil, Winterkoning en... Blauwe Reiger. Omdat de Blauwe Reiger een vroege broeder is zijn bij SOVON van vele tientallen kolonies de gegevens al bekend van 2010 en die laten, niet geheel onverwacht, een negatieve tendens zien. Voor het volledige persbericht zie de PDF hiernaast.
|
 |
 |
|
Koude winters leveren winnaars en verliezers op bij Nederlandse vogelpopulaties
|
 |
|
Winterweer wordt ijsvogel fataal, opmars zuidelijke soorten zet toch door
SOVON Vogelonderzoek Nederland presenteert in twee lijvige rapporten nieuwe telgegevens over de stand van de Nederlandse vogels. Beide publicaties, met informatie bijeengebracht door duizenden vrijwilligers, berichten over recente veranderingen in de broedvogelstand en aantallen winter- en trekvogels. Met welke soort gaat het goed en met welke slecht, hoe groot is de populatie in de Natura 2000 gebieden en hoe doen ze het daar? De rapporten zijn een product van het Netwerk Ecologische Monitoring, een samenwerkingsverband van een groot aantal organisaties, waaronder CBS, Rijkswaterstaat, het Ministerie van LNV en de Gegevensautoriteit Natuur.
Voor het volledige persbericht zie de PDF hiernaast.
|
 |
 |
|
Strenge winters voordelig voor kieskeurige eters
|
 |
|
Voedselspecialisten onder de wadvogels - de vogels die zich specialiseren in het eten van bepaalde prooitypes - overleven beter en krijgen meer nakomelingen na strenge winters dan vogels met een ruimere prooikeus, de generalisten. Na zachte winters presteren specialisten juist slechter dan generalisten. Nederlandse winters worden steeds warmer. Wadvogels zullen in de toekomst dus moeten omschakelen van voedselspecialist naar generalist om zich aan te passen aan klimaatverandering.
Voor het volledige persbericht zie de PDF hiernaast.
|
 |
 |
|
Weidevogelbalans 2010: nieuwe aanpak is noodzakelijk
|
 |
|
Het gaat nog steeds niet goed met de Nederlandse weidevogels, blijkt uit de onlangs verschenen
Weidevogelbalans 2010. Een lichtpuntje: onderzoek maakt steeds duidelijker aan welke
randvoorwaarden weidevogelgebieden moeten voldoen. Voor grutto’s betekent dat voldoende
goed ’kuikenland’, grasland waar gruttokuikens voldoende voedsel kunnen vinden om groot te
worden. In een aantal gebieden is dit ook gelukt. De grote uitdaging voor het nieuwe
subsidiestelsel voor natuur- en landschapsbeheer (SNL) is om alle goede weidevogelgebieden
hiervoor optimaal in te richten en te beheren en daarbij ook de specifieke eisen van de andere
weidevogels in het oog te houden. Voor volledig persbericht zie PDF hiernaast.
|
 |
 |
|
Recordaantal Halsbandparkieten in Nederland
|
 |
|
|
SOVON Vogelonderzoek Nederland en City Parrots hebben samen met tientallen vrijwilligers voor Nederland meegedaan aan een Europese telling van in het wild levende Halsbandparkieten. Deze parkietensoort is in de Randstad al jaren een algemene verschijning, maar hoeveel het er precies zijn is alleen vast te stellen door ze te tellen op gemeenschappelijke slaapplaatsen. In de steden Den Haag, Amsterdam, Rotterdam, Haarlem en Utrecht samen werden bijna 10.000 parkieten op hun gezamenlijke slaapplaatsen geteld. Dat is bijna een verdubbeling van het aantal parkieten dat in 2004 werd geteld. Toen leverde een landelijke telling op slaapplaatsen 5400 vogels op.
|
 |
 |
|
2009 bijzonder goed seizoen voor Nederlandse zangvogels
|
 |
|
Het broedseizoen van 2009 verliep voor in Nederland broedende zangvogels bijzonder gunstig. Dat
concluderen onderzoekers van het Vogeltrekstation, onderdeel van het Nederlands Instituut voor
Ecologie, en van SOVON Vogelonderzoek Nederland. Sinds 1994 voeren deze organisaties een
gezamenlijk onderzoek uit waarbij door middel van het op gestandaardiseerde wijze vangen en ringen
van zangvogels jaarlijks het broedsucces en de overleving van de vogels in kaart worden gebracht. Het
goede broedseizoen werd veroorzaakt door een warm voorjaar in combinatie met veel voedsel.
Voor het volledige persbericht zie de PDF hiernaast.
|
 |
 |
|
2009
|
|
Minder trekvogels in het bos door klimaatsverandering
|
 |
|
|
Alle insecten-etende soorten trekvogels die in Afrika overwinteren en in de Nederlandse bossen broeden, zijn sinds 1984 in aantal zijn afgenomen. Dat blijkt uit een onderzoek van Rijksuniversiteit Groningen, SOVON Vogelonderzoek Nederland, Centraal Bureau voor de Statistiek, Radboud Universiteit Nijmegen en Alterra, dat op 16 december wordt gepubliceerd in Proceedings Royal Society of London, Biological Sciences. De afname is bij sommige soorten enorm: nachtegalen zijn met 37 procent afgenomen, fluiters met 73 procent en spotvogels zelfs met 85 procent.
|
 |
 |
|
Belang Nederland voor trekvogels neemt toe
|
 |
|
Nergens anders in Europa komen op kleine oppervlakte zulke aantallen vogels voor.
Jaarlijks presenteert SOVON Vogelonderzoek Nederland de actuele stand van de vogels, samengevat in de Vogelbalans. Een van de belangrijkste conclusies van de Vogelbalans 2009 is dat het belang van Nederland als overwinterings- en doortrekgebied toeneemt. Dit komt onder meer door klimaatverandering: de winters worden zachter en daarom schuiven vooral watervogels uit verblijfgebieden ten zuidwesten van ons op naar onze omgeving.
Soorten die naar Afrika trekken hebben het moeilijk: van de 78 soorten die op de Rode Lijst van bedreigde vogelsoorten voorkomen behoort de helft tot de lange-afstandstrekkers. De afname van deze groep is sterker dan bij vogels die de winter in Europa doorbrengen.
De vogelbalans komt komende zaterdag op de Landelijke Dag uit; het thema is Flyways (trekwegen).
|
 |
 |
|
Cetti’s Zanger neemt explosief toe
|
 |
|
|
De Cetti’s Zanger (Cettia cetti) is een enigszins saai-ogende bruine rietvogel die zich zelden laat zien,
maar zich kenbaar maakt door zijn harde, explosieve zang. Het is een heel zeldzame soort die de
afgelopen decennia in sommige jaren met slechts enige tientallen paren voorkwam in ons land en in
andere jaren zelfs ontbrak als broedvogel. Maar daar lijkt verandering in te komen. Niet alleen zijn
zang is explosief en hard, ook zijn aantalsontwikkeling is spectaculair te noemen. Een voorlopig
overzicht voor 2009 laat een nieuwe recordaantal zien. Als echte zuiderling werd de Cetti’s Zanger als
een wintergevoelige soort beschouwd die na een strenge winter massaal het loodje zou leggen, maar
de werkelijkheid is toch net iets anders. De aantallen nemen flink toe, ondanks de afgelopen winter die
de koudste was in twaalf jaar. Zijn ze ineens winterhard geworden?
|
 |
 |
|
SOVON presenteert de nieuwste telgegevens over Nederlandse vogels: Algemene trend van de vogelstand licht negatief, Aalscholverpopulatie neemt niet (meer) toe
|
 |
|
|
SOVON Vogelonderzoek Nederland presenteert haar nieuwste telgegevens over de stand van de Nederlandse vogels. De gegevens, bijeengebracht door duizenden vrijwilligers die tellingen uitvoeren volgens gestandaardiseerde methoden, zijn verwerkt in twee lijvige rapporten; een rapport over de broedvogels en een rapport over de overwinterende watervogels. Ze bespreken voor bijna alle in Nederland voorkomende soorten de actuele verspreiding en langjarige ontwikkelingen in de Nederlandse populaties. Met welke soort gaat het goed en met welke slecht, hoe groot is de populatie in de Natura 2000 gebieden en hoe doen ze het daar? Beide rapporten zijn een product van het Netwerk Ecologische Monitoring, een samenwerkingsverband van een groot aantal organisaties, waaronder CBS, Rijkswaterstaat en het Ministerie van LNV. SOVON levert in nauwe samenwerking met het CBS de telgegevens. Verantwoordelijk vanuit de overheid is de Gegevensautoriteit Natuur.
|
 |
 |
|
Strenge winter doet IJsvogel de das om - stand gehalveerd t.o.v. vorige winters
|
 |
|
|
Uit onze tellingen blijkt dat het aantal IJsvogels de afgelopen winter waarschijnlijk met de helft is teruggelopen. Volgens het KNMI was deze winter de koudste winter in 12 jaar; in het zuidoosten van het land daalde het kwik plaatselijk zelfs tot ruim –20°C.
Met spanning wachten we op het komende broedseizoen, waarna duidelijker wordt hoe hard de klap voor de ijsvogelstand is geweest. De ijsvogelstand kan overigens best een stootje verdragen. Onder gunstige omstandigheden brengen ze veel jongen groot, en met de huidige tendens voor steeds warmere winters lijkt de stand op lange termijn niet in gevaar.
|
 |
 |
|
Betere bescherming steenuil nodig
|
 |
|
|
Uit onderzoek en analyse van ringvondsten blijkt dat de steenuilpopulatie nog steeds onder druk staat. Dit komt mede doordat steeds minder jongen uitvliegen en de overleving van jonge steenuilen in hun eerste levensjaar afneemt. Er zijn steeds vaker jaren waarin de aanwas de sterfte niet compenseert. De aanpak van het project Steenuil onder de Pannen biedt mogelijkheden om de bescherming van de soort effectiever voort te kunnen zetten. Dit zijn belangrijke conclusies van de Landelijke Steenuildag die op 17 januari 2009 in Nijkerk is gehouden.
|
 |
 |
|
2008
|
|
Grauwe Gors op de rand van uitsterven
|
 |
|
|
De Grauwe Gors Miliaria calandra staat op punt van uitsterven in Nederland. Deze forse vinkachtige valt niet op door zijn mooie verenkleed, maar vooral door zijn opmerkelijke zang die wel wordt vergeleken met een rammelende sleutelbos.
|
 |
 |
|
Samenwerking Stichting Veldonderzoek Flora en Fauna en Stichting Natuurinformatie
|
 |
|
|
Nijmegen, 22 mei 2008. De Stichting Natuurinformatie (bekend van o.a. Waarneming.nl) en de Stichting VeldOnderzoek Flora en Fauna (samenwerkingsverband van onder andere SOVON, RAVON en Vlinderstichting) gaan samenwerken.
|
 |
 |
|
Nachtzwaluwen in de lift
|
 |
|
|
Beek-Ubbergen, 19 februari 2008. Ek jaar zetten SOVON Vogelonderzoek Nederland en Vogelbescherming Nederland een vogelsoort een jaar lang extra in de schijnwerpers. In 2007 stond de Nachtzwaluw centraal.
|
 |
 |
|
De Klimaatatlas van Europese broedvogels is uit!
|
 |
|
Den Haag, 15 januari 2008. Vogelsoorten verdwijnen uit Nederland door klimaatverandering.
Aaneengesloten verbindingszones moeten hulp bieden.
|
 |
 |
|
Broedvogelcursus noordelijke Veluwe VOL: de inschrijving is gesloten!
|
 |
|
|
Beek-Ubbergen, 8 januari 2008. Cursus broedvogels tellen op de noordelijke Veluwe. Sorry, inschrijven is niet meer mogelijk. De cursus zit meer dan vol!
|
 |
 |
|
2007
|
|
Witvleugelstern nieuwe broedvogel voor Nederland!
|
 |
|
|
Beek-Ubbergen, 1 augustus 2007. Nieuwe broedvogel voor Nederland. Zeldzame Witvleugelstern broedt succesvol in de Krimpenerwaard en de Sliedrechtse Biesbosch.
|
 |
 |
|
Broedvogelrapport 2005 uit!
|
 |
|
|
Beek-Ubbergen, 6 juni 2007. Heidevogels staan in Nederland sterk onder druk. Veel vogels van dit open landschapstype zijn reeds in ons land uitgestorven (Goudplevier, Duinpieper, Klapekster), zijn van onze heidevelden verdwenen (Grauwe Kiekendief, Kuifleeuwerik), of zijn er op sterven na dood (Korhoen, Tapuit). De aantallen van karakteristieke heidevogels zoals Nachtzwaluw, Boomleeuwerik, Roodborsttapuit en Grauwe Klauwier ontwikkelen zich in Noord-Nederland echter gunstiger dan in Zuid en Midden-Nederland. Deze en andere resultaten zijn te lezen in de jaarlijkse rapportage over het wel en wee van de Nederlandse broedvogels van SOVON Vogelonderzoek Nederland.
|
 |
 |
|
Vogelfestival 2007 25 en 26 augustus in de Oostvaardersplassen
|
 |
|
|
Zeist, 25 mei 2007. Vogelbescherming Nederland, Staatsbosbeheer en SOVON Vogelonderzoek Nederland organiseren voor de vierde maal op rij het Vogelfestival. Vogel- en natuurliefhebbers van jong tot oud kunnen opnieuw hun hart ophalen. Het festival vindt plaats in het centraal gelegen en vogelrijke natuurgebied de Oostvaardersplassen in Flevoland. Met nog meer stands, excursies, kunst en afwisselende evenementen. Het thema dit jaar is: vogels in een veranderend klimaat.
|
 |
 |
|
Een nieuw telproject voor stadsvogels: MUS
|
 |
|
|
Een nieuw telproject voor stadsvogels: MUS Van de meeste vogelsoorten in ons land is al heel veel informatie beschikbaar, maar hoe het ze in stedelijk gebied vergaat is helaas niet goed bekend.
|
 |
 |
|
IJsvogel vaart wel bij zachte winters
|
 |
|
|
In het kader van het project Soort van de maand zijn in januari honderden ijsvogels doorgegeven. Over het hele land verspreid was deze schitterend gekleurde viseter aanwezig. Alleen in het Zuiden van Friesland en in Drenthe is de soort minder aangetroffen. Januari was boven gemiddeld warm en ook de afgelopen jaren zijn lange vorstperiodes uitgebleven. De opeenvolgende zachte winters hebben er voor gezorgd dat de ijsvogel sterk is toegenomen. Waarschijnlijk schommelde het totaal aantal broedparen tot begin jaren zestig tussen enkele tientallen en enkele honderden paren. Na de strenge winter van 1963 trad wel een herstel op, maar dit verliep moeizaam. Pas in 1975 werden weer zo'n 300 broedparen geteld, een aantal dat sindsdien niet meer is bereikt. In de 90'er jaren schommelde de stand tussen de 125 en 250 paar. Vanaf 1998 maakte de soort een enorme come-back en inmiddels ligt de schatting van SOVON Vogelonderzoek Nederland op meer dan 600 broedparen. De meeste ijsvogels broeden op de zandgronden van oostelijk Noord-Brabant, Limburg en de Achterhoek, in de duinstreek en langs de grote rivieren. IJsvogels zijn in staat om in korte tijd veel jongen groot te brengen. Op deze wijze compenseren ze het verlies aan vogels gedurende strenge winters. De waarnemingen van de ijsvogel komen niet alleen uit de bekende voortplantingsgebieden, maar ook uit het stedelijk gebied. Zelfs in tuinen is de soort gezien, waarbij soms een bovengemiddelde belangstelling voor de goudvissen in de tuinvijver werd geconstateerd. Het project soort van de maand heeft de bedoeling om mensen te stimuleren hun natuurwaarnemingen door te geven aan organisaties die deze gebruiken voor onderzoek en voor bescherming van die soorten. In februari is de haas soort van de maand. U kunt uw haaswaarnemingen, maar ook nog steeds ijsvogels doorgeven via de website telmee.nl
|
 |
 |
|
Soort van de maand januari: ijsvogel
|
 |
|
'Blauwblinkend juweel', 'tropische verrassing in een koud Nederland', dit zijn enkele benamingen van de soort van de maand januari, de ijsvogel. De hele maand januari staat deze schitterende felgekleurde vogel in het middelpunt van de belangstelling. Iedereen die een ijsvogel ziet wordt gevraagd deze waarneming doorgeven via de website: telmee.nl
Het gaat eindelijk weer goed met de ijsvogel (Alcedo atthis)! Zo goed dat hij sinds kort niet meer op de Rode Lijst van bedreigde en kwetsbare vogelsoorten staat. Dat wil overigens niet zeggen dat we uit de ijsvogelzorgen zijn. Een paar strenge winters en hij komt er met stip weer op. Als het vriest, komen ijsvogels nog wel eens binnen de bebouwde kom, omdat het daar gemiddeld wat warmer is. Dat geeft een goede kans er een te zien. De ijsvogel komt in het hele land voor, hoewel het broeden voornamelijk in het oosten en zuiden plaatsvindt. In de winter gaan ijsvogels zwerven en dan zijn ze ook in het westen en noorden te zien. lees verder
|
 |
 |
|
2006
|
|
Vogelfestival groot succes
|
 |
|
Zeearend steelt de show Vele bezoekers die dit weekend het Vogelfestival in de Oostvaardersplassen bezochten namen de jonge zeearend waar, die dit voorjaar in het natuurgebied geboren is. Met deze unieke waarneming en het grote aantal bez
|
 |
 |
|
Afschot en rapen van eieren niet toereikend als antwoord op toename overzomerende ganzen
|
 |
|
Het rapen en schudden van ganzeneieren blijkt geen aantoonbaar effect te hebben op het overgrote deel van de in ons land broedende ganzen. Omdat de kans dat een ganzenei uitgroeit tot een volwassen vogel van nature al heel gering is, leidt het onklaar maken van grote aantallen eieren niet of nauwelijks tot een reductie van het aantal jonge ganzen. Een uitzondering hierop vormen kleine geïsoleerde populaties, waar intensief rapen in combinatie met afschot uiteindelijk wel tot minder ganzen leidde. Om schade door overzomerende ganzen daadwerkelijk te beperken is meer nodig dan populatiebeheer alleen. Duurzame methoden die voedselgebieden minder aantrekkelijk maken en het contact tussen ganzenpopulaties en aangrenzende landbouwgebieden verminderen bieden op de lange termijn meer soelaas. Ook lijkt een positieve rol voor de vos weggelegd, om de inmiddels bijna 40.000 paar zomerganzen in toom te houden. Dit zijn enkele van de opvallende conclusies die SOVON Vogelonderzoek Nederland presenteert in haar rapportage 'Overzomerende ganzen in Nederland: grenzen aan de groei?' lees verder
|
 |
 |
|
Monitoringgegevens van SOVON nu online beschikbaar!
|
 |
|
Ruim 7.000 vrijwilligers brengen jaarlijks onder de vlag van SOVON Vogelonderzoek Nederland de vogelstand in kaart. Dankzij deze tellingen weten we welke soorten in ons land voorkomen, waar ze voorkomen en of de aantallen in de loop der tijd veranderen. Door middel van speciaal onderzoek wordt bovendien getracht het hoe en waarom van die veranderingen in aantallen te doorgronden. Op deze wijze worden belangrijke bouwstenen aangedragen voor de uitvoering en evaluatie van het natuurbeleid in Nederland. lees verder
|
 |
 |
|
Warmte maakt slank
|
 |
|
Klimaatverandering staat volop in de aandacht. Nieuwe klimaatscenario's zijn onlangs gepubli-ceerd. Wetenschappers hebben nu ook aangetoond dat de lichaamsgewichten van vele vogels als gevolg van het nieuwe klimaat afnemen. Daarnaast veranderen ook de lichaamsmaten sneller dan gedacht. Lees verder.
|
 |
 |
|
2006: Jaar van de veldleeuwerik
|
 |
|
SOVON Vogelonderzoek Nederland en Vogelbescherming Nederland roepen 2006 uit tot 'het Jaar van de Veldleeuwerik'. Deze ooit zo algemene en bij vrijwel iedereen bekende leeuwerik staat thans felrood op de Rode Lijst van de Nederlandse broedvogels en loopt een gerede kans uit grote delen van het land te verdwijnen. Iedereen die de veldleeuwerik kent, kan bijdragen aan het Jaar van de Veldleeuwerik. Lees verder.
|
 |
 |
|
Eindrapport Predatieonderzoek
|
 |
|
Het blijkt dat kraai en vos lang niet zo'n belangrijke rol spelen bij de achteruitgang van weidevogels in Nederland als vaak wordt aangenomen. Het aantal diersoorten dat eieren of kuikens eet is groot, en geen enkele soort springt er echt uit als hoofddader. Bestrijding van enkele soorten roofdieren zal dan ook lang niet overal leiden tot een toename van het aantal weidevogels. Zelfs als de bestrijding zou lukken, zouden andere factoren een herstel in de weg staan. Het openhouden van het landschap en een aangepaste agrarische bedrijfsvoering zijn daarom minstens zo belangrijk. lees verder
|
 |
 |
|
2005
|
|
Landelijke Sovondag
|
 |
|
|
|
 |
 |
|
Weidevogels vliegen achteruit
|
 |
|
|
|
 |
 |
|
Topjaar Pimpelmees
|
 |
|
|
|
 |
 |
|
2004
|
|
Slaapplaatstelling Halsbandparkieten
|
 |
|
|
|
 |
 |
|
De Koolmees is de winnaar
|
 |
|
|
|
 |
 |
|
Halsbandparkietjaar 2004
|
 |
|
|
|
 |
 |
|
2003
|
|
Duinpieper bijna uitgestorven
|
 |
|
|
|
 |
 |
|
Roerdompjaar 2003
|
 |
|
|
|
 |
 |
|
Vogels tellen = Vogels beschermen
|
 |
|
|
|
 |
 |